GEEN COMPASSIE MET GEPLAAGDE VEDETTEN

Walter Godefroot, bezig aan zijn negende jaar als ploegleider van Team Deutsche Telekom, was in 1978 op 34-jarige leeftijd de oudste winnaar van de Ronde van Vlaanderen, de klassieker die morgen op het programma staat. ,,Op oudere leeftijd moet je het wielrennen vooral psychisch nog aankunnen.''

De regen die deze dag op Gent en omstreken valt, deert Walter Godefroot niet. Voor de Belgische ploegleider van Telekom kan het voorjaar niet meer stuk. Zijn nieuwste oogappel, de Duitser Andreas Klöden, won begin maart `de rit naar de zon', Parijs-Nice. Telekom-renner Erik Zabel triomfeerde voor de derde keer in La Primavera, de openingsklassieker Milaan-Sanremo. ,,Dat was geen verrassing, omdat hij nooit zo'n goede conditie had als nu. Zabel is supergemotiveerd'', zegt Godefroot in een gemakkelijke stoel in een hotel bij Gent, dat drie weken dient als uitvalsbasis van zijn ploeg. Milaan-Sanremo ontbreekt op de erelijst van Godefroot. ,,Die kwam te vroeg voor mij.''

Twee keer won hij de Ronde van Vlaanderen, voor het eerst in '68. Eenmaal zegevierde de hoekige renner uit Drongen, bij Gent, in Luik-Bastenaken-Luik en Parijs-Roubaix. In de Tour boekte hij tien etappe-overwinningen. De laatste keer dat Godefroot de Ronde van Vlaanderen op zijn naam schreef, in 1978, was hij met zijn 34 jaar, negen maanden en één week de oudste winnaar van die klassieker. De nu 56-jarige Belg wist niet eens dat hij dat record in handen had. Favoriet Johan Museeuw is nu iets jonger dan zijn landgenoot destijds, Andrei Tsjmil (37) kan Godefroots record morgen laten sneuvelen.

,,Het verouderingsproces gaat maar heel langzaam. Op oudere leeftijd moet je het wielrennen vooral psychisch nog aankunnen. Dat is de hoofdzaak. Voordat ik stopte kon ik het beste contract uit m'n loopbaan krijgen. Ik zat bij IJsboerke, met een ganse generatie jonge renners, en men zei mij, `je moet nog een jaar rijden'. Maar de opofferingen in de winter, een paar uur per dag in het bos cyclocross rijden, naar de Kwaremont rijden in de Ronde van Vlaanderen, het gevecht, dat was ik moe. Het was verzadiging. Maar vooral de stress. Als je twintig bent en in een bocht slipt en bijna valt, dan ga je lachend door. Gebeurt zoiets op je 35ste, dan staat je hart stil. Bij bergaf rijden en je mengen in de sprint is het niet anders.''

Als inwoner van Gent en zoon van een wielrenner, Urbain, groeide Godefroot op in een wielermilieu. ,,Mijn vader fietste in de categorie vlak onder de beroepsrenners. Er wamen bij ons ook profs over de vloer. De Ronde was een begrip, net als Omloop Het Volk en Gent-Wevelgem; wedstrijden die toen allemaal in Gent startten. Een van m'n eerste herinneringen aan het wielrennen is een Omloop met Kübler en Schaer. Ze waren vijf minuten te laat vertrokken. De spoorbomen gingen dicht en toen stonden ze daar voor de overweg.'' Renners fietsten toen in landenploegen. ,,Ik zie het nog voor me. Vooral Kübler met die rode trui en dat witte kruis erop. Dat maakte wel indruk op mij.''

Als renner had Godefroot een bijzondere relatie met de Ronde van Vlaanderen. Hij won de klassieker op momenten dat het voor hem als een verrassing kwam, zoals hij zelf zegt ,,met een briefje van de pastoor''. Hij verloor twee keer, in '69 en '70, toen hij zich zo sterk voelde als een os. ,,Zo gaat het. Als je ervan overtuigd bent dat je de beste bent, krijg je slaag.''

Hoewel Godefroot de Ronde van Vlaanderen één keer vaker won dan Parijs-Roubaix, lag de Hel van het Noorden hem beter. ,,Op de hellingen van de Ronde heb ik meer afgezien dan op de kasseien naar Roubaix. Parijs-Roubaix was voor mij gemaakt. Ik heb renners gezien met handschoenen en die hadden blaren op hun handen. Zelfs zonder handschoenen had ik daar nooit last van. Je bent een type voor Parijs-Roubaix of niet. Wij zijn hier ook grootgebracht op de kasseien. Toen ik bij de jeugd reed, lag Vlaanderen er vol mee.''

Als jongen van vijftien – hij was naar eigen zeggen niet groter dan nu – werd Godefroot bijna letterlijk op de fiets gezet. Dat ging ten koste van een veelbelovende turncarrière. Vlak voordat hij met wielrennen begon, werd Godefroot kampioen van Oost-Vlaanderen in het toestelturnen. ,,In onze gemeente hadden we een hele sterke turnvereniging, een van de sterkste van België. Drongen had als eerste in België een trampolinevereniging. Turnen deed ik liever dan fietsen, dat was échte liefde. Daar was ik ook begaafd in. Toen ik vijftien was, zei een oom tegen me: `U moet koersen'. De volgende dag was een koers, voor niet-aangeslotenen, zonder vergunning, en werd ik – met m'n goedkeuring, maar ja, je bent vijftien – op de fiets gezet. Een oude fiets van m'n vader en een broek en een trui van bekenden.''

Godefroot debuteerde in Zevergem, bij Gent. ,,Ik reed met gewone schoenen, mocassins, en daarmee kwam ik tegen een borduur van de weg terecht, een trottoirband tussen de kasseien en een aarden pad, en ik verloor een schoen. Ik moest terugdraaien, schoen weer aan. Van de twintig vertrekkers werd ik toch nog zevende. Van m'n eerste prijzengeld kocht ik meteen een paar fietsschoenen. De tweede wedstrijd eindigde in een massasprint, met twintig, dertig man tesamen. Ik vertrok van te ver, had geen idee van het inschatten van de afstand, en ik werd tweede. Dat jaar reed ik elf wedstrijden; zevenmaal tweede, eenmaal eerste. Dat moet in 1958 zijn geweest. Ik wilde doorgaan met turnen. Maar men zei dat dat slecht was voor de benen en toen heb ik dat achterwege gelaten. Later bleek het wel degelijk goed te zijn.''

Als ploegleider creëerde Godefroot met Telekom een topploeg. Begin dit jaar nam hij afscheid van Bjarne Riis, die zich ontwikkelde tot de eerste leider binnen de ploeg en in 1996 de eerste Telekomrenner werd die de Tour de France won. Het einde van diens carrière werd ingeluid toen hij vorig jaar juni op weg naar de start van een etappe in de Ronde van Zwitserland ten val kwam. Godefroot: ,,Dat was het einde. Zonde dat men zo afscheid moet nemen. Hij was nog gedreven, maar lichamelijk was hij niet meer in staat te fietsen. Z'n arm speelde hem parten en hij heeft nog steeds een probleem met zijn knie.''

De carrière van de Deen ging als een nachtkaars uit. Zijn wapenfeiten waren voor Godefroot geen reden om op een bijzondere manier afscheid van hem te nemen. ,,We bellen en onlangs kwam hij in Sanremo nog even langs om goeiendag te zeggen. Renners als Bjarne komen en gaan en voor mij is het altijd de ploeg die prevaleert. Eerst de ploeg, dan de individuen, zelfs de vedetten. Het is het geheel dat telt. Met renners heb ik een zakelijke relatie. Je kunt geen vrienden zijn. Ik ben financieel verantwoordelijk en aan het einde van het jaar moet ik de contracten met de renners bediscussiëren. Als je dan goed bevriend bent met een renner, ben je niet consequent meer.''

Godefroot leerde Riis kennen als een bijzondere renner, bijvoorbeeld door de manier waarop hij een jaar voor zijn zege in Frankrijk vijfvoudig Tourwinnaar Miguel Indurain bijna wetenschappelijk bestudeerde. Op basis daarvan verkondigde de Deen dat hij een einde zou maken aan de zegereeks van de Spanjaard. ,,Ik geloofde hem natuurlijk niet. Het kwam erop neer dat hij op twee bergen een studie van Indurain had gemaakt. Hij had gezien hoe die zijn ploeg voor de kar spande om bergop de schade te beperken, hoe hij het verschil maakte in de tijdritten en dat hij bijna nooit vanaf het begin van de wedstrijd aangevallen werd. Riis wist dat Indurain kwetsbaar was als hij geïsoleerd zou worden. Dat was de kern. Dat iemand zo'n studie maakt van zijn concurrent en punt voor punt evalueert, indrukwekkend dat Bjarne zo professioneel geëngageerd was.''

Jan Ullrich staat nog tot en met 2001 onder contract bij Telekom. In Klöden zien sommigen al zijn opvolger én een potentiële Tourwinnaar. ,,Dat vind ik wel voorbarig'', zegt Godefroot. ,,Klöden is nog niet geconfronteerd geweest met leiderschap en met stress, als de haaien komen.'' Godefroot stoort zich aan de opdringerigheid van cameramensen en fotografen. ,,Soms is er echt sprake van agressiviteit.''

De media storten zich steeds meer op de grote wielervedetten. De renners staan onder een toenemende druk. Marco Pantani kan de stress sinds zijn uitzetting uit de Giro van '99 nauwelijks meer aan, Frank Vandenbroucke, de onberekenbare Belg met de geblondeerde haren, wordt gevolgd als een popster en ook Ullrich krijgt al jaren de nodige aandacht, positief én negatief. Verwacht van Godefroot geen compassie. ,,Logisch. Dat moet je erbij nemen. Daar staat het grote geldgewin tegenover. Onbekend is onbemind. Zonder pers zijn er ook geen vedetten meer. Zo eenvoudig is het. En als je beslist dat je tweede klasse wilt zijn, dan ga je een tiende verdienen en heb je ook veel minder druk.

,,Als je lichamelijk superbegaafd bent, en dat zijn deze renners, dan wil dat nog niet zeggen dat je een sterke persoonlijkheid bent, stabiel en niet licht te beïnvloeden. Stel dat ze allemaal punctueel zouden leven en een onverzadigbare leergierigheid zouden hebben, dan zouden het allemaal nieuwe Merckxen zijn. Want de capaciteiten zijn daar. Maar waarom zijn het geen Merckxen? Omdat er wat ontbreekt. Discipline, intelligentie, noem maar op.''

Vergeleken bij Pantani en Vandenbroucke, die hun ploegleiders de nodige kopzorgen geven, heeft Godefroot het met Ullrich nog niet zo slecht getroffen. Hooguit valt de Duitser te verwijten dat hij iets te zwaar aan het seizoen is begonnen. Godefroot vergeeft het de renner dat hij zich de afgelopen winter een paar weken aan te veel eten heeft bezondigd.

Godefroot: ,,Eerst en vooral, de wielersport is veranderd. De wielersport is zo geëvolueerd dat men geen trainingswedstrijden meer heeft. Van Parijs-Nice in februari tot Lombardije in oktober is het topcompetitie, op het scherp van de snede. Dat renners door te eten of zoals in het geval van Pantani door uit te gaan tijdelijk profiteren van de geneugten des levens, is hun goed recht, als je vervolgens maar weer aan het werk gaat.

,,Maar men verwacht van Ullrich dat hij start in Milaan-Sanremo en Parijs-Roubaix en dat ie dan ook nog in de Tour drie weken aan de top staat. Plus het WK, de Olympische Spelen en als het kan ook nog de Ronde van Spanje. Dat is niet realistisch. Laten we eens een evaluatie maken van de laatste vier jaar van Ullrich; als 22-jarige tweede in de Tour, eerste, opnieuw tweede, alles gaat vervolgens fout, maar hij wint in '99 wel de Ronde van Spanje en wordt wereldkampioen tijdrijden. Dan ben je toch niet zo fout bezig.'' Waarmee Bernard Hinault, die deze week kritiek had op de winterse eetgewoonten van Ullrich, van repliek is gediend.

Twee jaar geleden was Ullrich echt te dik aan het seizoen begonnen. `Der Jan' was toen slechts een schim van de afgetrainde kampioen. Godefroot: ,,Het was vooral de psychische belasting van de Tourwinnaar, met alles wat daarbij hoort, zoals publicitaire verplichtingen. Het is niet alleen Telekom, hij heeft nog drie, vier afzonderlijke sponsorcontracten. En vergeet niet dat hij toen 23 jaar was. Indurain was 27 toen hij zijn eerste Tour won.''

Als helper is Ullrich Riis kwijtgeraakt, maar hij kreeg er door de inspanningen van Godefroot voor de Tour een superknecht bij; de 26-jarige Alexander Vinokourov, vorig jaar winnaar van de Dauphiné Libéré. Tijdens de beklimming van de Alpe d'Huez raakte Godefroot gecharmeerd van de krachtpatser uit Kazachstan. Met Vinokourov aan zijn zijde acht de baas van Telekom Ullrich in staat om de geschiedenis van 1997 te herhalen. ,,Dan is het jaar van Ullrich geslaagd.''

Als Godefroot het hotel verlaat, wensen voorbijgangers hem succes. ,,Het beste voor zondag!'' Een Telekom-renner die Vlaanderens Mooiste wint, dat zou pas een verrassing zijn.