Echt carrière maken vergt emotionele intelligentie

Psycholoog Daniel Goleman introduceerde vijf jaar geleden het begrip emotionele intelligentie. Leiders met veel `EI' presteren beter.

Sinds de Amerikaan Daniel Goleman, psychologiehoogleraar te Harvard, vijf jaar geleden zijn bestseller `Emotional Intelligence' publiceerde, werd die `EI' in wetenschap en bedrijfsleven een standaardbegrip. In directiekamers en op personeelsafdelingen van bedrijven wordt het nu als selectiecriterium gebruikt, naast het tot voor kort zeer dominante IQ of intelligentiequotiënt.

De EI is een door Goleman bedachte combinatie van persoonlijke vaardigheden als zelfbewustzijn, motivatie, beheersing van eigen emoties, inlevingsvermogen in andermans gevoelens, communicatievermogen en andere sociale vaardigheden.

In tegenstelling tot wat vroeger werd gedacht is de EI, volgens Goleman, net zo meetbaar als het IQ dat iemands rationale en analytische vermogens uitdrukt. En, anders dan het aangeboren IQ, emotionele intelligentie kan in hoge mate worden (bij)geleerd. Met de maandenlange praktische training en zorgvuldige coaching die dat vergt houdt Goleman zich tegenwoordig bezig, samen met de organisatieadviseurs van de Hay Group met wie hij vorig jaar een alliantie sloot.

Geen wonder dus dat Daniel Goleman deze week in de Amsterdamse RAI optrad als keynote-speaker tijdens Hay's jaarlijkse internationale congres. ,,Iedereen die hogerop wil komen, heeft ten minste een aangeboren IQ van zo'n 110 tot 120 nodig'', vertelde Goleman na afloop van zijn optreden. ,,Maar als dat aanstormende talent zo'n 35 à 40 jaar wordt, blijft een behoorlijk deel min of meer hangen terwijl anderen doorstoten en écht carrière maken. Uit ons onderzoek blijkt duidelijk dat de doorstoters mensen zijn met een hogere emotionele intelligentie.''

Uit Golemans onderzoek blijkt ook dat bedrijven die worden geleid door managers met een superieure EI gemiddeld 20 procent betere resultaten behalen dan bedrijven die worden aangevoerd door minder begaafde collega's.

In de jongste uitgave van de Harvard Business Review (maart/april) past David Goleman zijn EI-concept toe op leiderschapsstijlen. Dit kwam ook tijdens het Hay-congres aan de orde. Op basis van observatie van 3.871 topmanagers uit de hele wereld onderscheidt de hoogleraar psychologie zes verschillende stijlen van leiderschap, die allemaal voortkomen uit de verschillende componenten van de emotionale intelligentie (zie staatje). De zes variabele stijlen hebben elk een directe en unieke invloed op werkklimaat en prestatie van bedrijven en bedrijfsonderdelen.

Wat het voornaamste is, aldus Goleman: ,,Uit ons onderzoek blijkt dat leiders die de meeste stijlen beheersen, en die op de juiste momenten en in de juiste situaties weten te gebruiken, ook het best presteren. Tot 20 procent hoger dan de emotioneel intelligente middenmoot.''

Daniel Goleman onderzocht verder welke leiderschapsstijl het meest oplevert. Dat blijkt de `gezaghebbende' stijl, die mensen mobiliseert op basis van een duidelijke en aansprekende visie. Zo'n leider straalt zelfvertrouwen en enthousiasme uit, heeft veel inlevingsvermogen en is een katalysator voor verandering. Zijn stijl werkt het best als veranderingen een nieuwe visie nodig maken of als een duidelijk gevoel van richting is vereist.

Ook de `democratische', `coachende' en `emotioneel verbindende' leiderschapsstijlen scoren behoorlijk. Minder goed of zelfs negatief zijn, volgens Goleman, de gevolgen van de `toonaangevende' stijl – `doe het nu en net zoals ik') of de `dwingende' stijl – 'doe direct wat ik zeg'. Overigens kunnen deze stijlen van leiderschap soms goed uitpakken, bijvoorbeeld tijdens een crisis, om een reorganisatie door te voeren of om slepende personeelsproblemen te doorbreken.

Daniel Goleman erkent dat er allang opleidingen bestaan die aspecten van zijn EI-concept bevatten en aan de man proberen te brengen. ,,Maar wij bieden met ons objectieve meetinstrumentarium bedrijven en organisaties als enigen duidelijk inzicht in de kwaliteiten en tekortkomingen van hun leiderschap. Daaraan kunnen we dan onze trainingsprogramma's, die een maand of negen lopen, aanpassen.''

Toch wil de wetenschapper Goleman vooral niet overkomen als een geharnaste EI-verkoper. Dus laat hij weten: ,,De stijl van de leider, de kwaliteit van zijn emotionele intelligentie en het daaruit volgende klimaat van de organisatie zijn natuurlijk niet de enige motoren voor succes van een bedrijf. Economische condities en de kracht van de concurrentie zijn ook erg belangrijk. Maar onze analyse suggereert dat het bedrijfsklimaat voor zeker eenderde verantwoordelijk is voor het bedrijfsresultaat. En dat is te veel om te verwaarlozen.''