Jeetje, Jaap

In een interview in de nieuwste Z, de daklozenkrant van Amsterdam, vertelt Thom Roep, sinds 25 jaar hoofdredacteur van de Nederlandse uitgave van Donald Duck, onder andere over de knellende band van zijn blad met zijn lezers. Een deel van het publiek beschouwt het blad als zijn eigendom en schrijft, elk volgens de eigen religie of opvattingen, boze brieven zodra er in de verhalen iets buiten gebaande paden of gevestigde orde valt. De normen zijn messcherp. Te veel Madame Mikmak leidt tot klachten (occult en niet in overeenstemming met de bijbel), het vermelden van het feit dat dinosaurussen miljoenen jaren geleden bestonden zelfs tot opzeggingen, want een groep lezers weet zeker dat de wereld maar tienduizend jaar oud is. Toen een van de stripfiguren `alle donders' riep, kostte Roep dat twintig abonnees. `Jeetje' wordt door hem standaard geschrapt, `lieve hemel' vervangt hij automatisch door `lieve help'. Nog is het niet goed: Gijs Gans is toch geen homo?

Zou CDA-fractieleider Jaap de Hoop Scheffer abonnee zijn van Donald Duck? Zou hij ook wel eens een boos kaartje geschreven hebben? Was hij het die bij Roep protesteerde dat `kul' in middeleeuws Nederlands `geil' betekent, stoorde het hem dat Roep halsstarrig weigert om het woord `flauwekul' in de ban te doen? 't Is voor Donald Duck niet te hopen, want De Hoop Scheffer is een stuk gevaarlijker dan de doorsnee abonnee. Bevalt hem iets niet dan is hij in de positie om stappen nemen en een verbod door te drijven. Voor je het weet mag Donald Duck alleen verkocht worden bij speciaal geselecteerde bladenverkopers en dan nog strict aan lezers boven de achttien.

De Hoop Scheffer is van mening dat de televisieprogrammering onaanvaardbaar vervlakt en vergroft. Hij maakt dat op uit programma's als Big Brother, De Bus en de show Geboeid waarin mensen geruime tijd aan elkaar geketend door zullen brengen voor het oog van de camera. De televisie moet aan banden, oordeelt De Hoop Scheffer. Er zou bij het Comissariaat van de Media een ethische commissie moeten komen, meent hij, maar waar die de grenzen moet trekken weet hij niet precies.

Ik wel. Ik lees het interview met Thom Roep en ik weet waar het heen gaat: de televisie één groot Donald Duck-feest waar niemand zich aan kan storen.

De Hoop Scheffer wil zich niet realiseren dat de softporno- en de reality-tv-programma's de gladiatorengevechten van onze tijd zijn, die alleen maar bestaan omdat er een bijpassende massa bestaat. Liet hij die gedachte toe, dan zou hij echt iets moeten dóen, daar in de Kamer. Iets moeilijks. Hij zou een beleid moeten ontwikkelen voor een maatschappij waarin de burgers hun brood en spelen op een minder armzalige manier uitgeserveerd willen krijgen en hun kinderen wat aandachtiger zouden opvoeden. Dat vraagt een taaie strijd. Politici roepen om het hardst dat ze opkomen voor de menselijke waardigheid en de tere kinderziel, maar de verantwoordelijkheid nemen voor de cultuur die daarachter steekt, levert ze te weinig aandacht op. Liever wijzen ze met veel vertoon van quasi daadkracht een `schuldige' aan. Zo werd in Engeland de moord op een peuter afgewenteld op een horrorfilm die de piepjonge daders bekeken hadden en nu wil Jaap de Hoop Scheffer volgens hem abjecte televisieprogramma's achter decoders stoppen.

Intussen kan er worden geleerd. De VPRO ging over de schreef en werknemers en directie van die omroep vertoonden gezamenlijk een groot en geruststellend zelfreinigend vermogen. Zo effectief zelfs, dat de publieke verontwaardiging over die kwestie van vader des vaderlands Harry Mulisch potsierlijk is. Kwestie van zorgvuldig opgebouwde beschaving.