Franz kijkt in de spiegel

Franz Biberkopf is de held uit Alfred Döblins roman `Berlin Alexanderplatz' en nu van een toneelstuk.

Een bouwput. Berlijn is opgebroken. Voor de acteurs in Berlin Alexanderplatz betekent dat: balanceren op planken en platen die schots en scheef over greppels geschoven zijn. Ook in het hoofd van Franz Biberkopf, de held van Berlin Alexanderplatz, moet het er schots en scheef uitzien, chaotisch, bedreigend, riskant. Franz Biberkopf is net uit de gevangenis ontslagen. Losgelaten in de vrijheid – en dan, wat komt er dan?

Hoe gemakkelijk je in de grote stad de fout in kunt gaan, dat hééft hij al eens ervaren. Franz belandde in het milieu van pooiers en prostituées, raakte het overzicht kwijt en vermoordde Ida, zijn vrouw. Nu neemt hij zich voor om fatsoenlijk te blijven. Eerlijk zijn brood verdienen wil hij – maar eerst moet hij langs bij een vrouw. Om te kijken of hij nog leeft. En daar begint het gedonder opnieuw. Want Franz verlangt dermate hevig naar leven dat hij de vrouw verkracht.

,,Franz Biberkopf', zegt acteur Hans Trentelman, ,,wil genieten en zijn verleden vergeten. Dat lukt natuurlijk niet.' In Berlin Alexanderplatz, zoals verbeeld door het Maastrichtse theaterensemble Het Vervolg, speelt Trentelman de hoofdrol. Hij noemt zichzelf `meer instinctief dan berekenend, maar niet dom', en Biberkopf heeft volgens hem een vergelijkbaar karakter. ,,Steeds recht Franz zijn rug en steeds krijgt hij een klap. Hoeveel kan een mens verdragen?'

Bij een repetitie in het direct aan de Maas gelegen Derlon Theater zoekt Trentelman – 46, breed hoofd, Tukkers accent – onzeker naar de juiste houding. Zijn personage mag niet te deemoedig doen en niet te stoer, niet te grof en zeker niet te fijn. In een dikke winterjas gaat Biberkopf naar de vrouwen; hij bijt ze in de nek en duizelt van geluk. Met een vriend heeft hij een deal gesloten die aanvankelijk beiden bevredigt: zodra Reinhold het op zijn zenuwen krijgt van een vrouw neemt Franz haar van hem over. Maar Reinhold is ook Franz' ongeluk. Als straf voor klikken gooit hij hem na een criminele klus uit een rijdende auto – waarbij Franz niet sterft maar wel een arm verliest.

,,Het is zielsverwantschap', zo verklaart Hans Trentelman die mysterieuze horigheid. ,,Ze kunnen nietsontziend zijn als de verkeerde snaar wordt geraakt. Dat trekt hen naar elkaar toe.'

Vooral de verdringing hebben ze met elkaar gemeen, denkt de regisseur, Léon van der Sanden. ,,Zoals Franz zijn moord op Ida verdringt, zo verdringt Reinhold zijn homoseksuele gevoelens.' Een beetje vreemd moet die vriendschap wel blijven, en daarom is Reinhold in Van der Sandens enscenering geen bruut maar een gespannen stotteraar, een kerel in psychische nood.

Alfred Döblin schreef Berlin Alexanderplatz in 1928. Terwijl op de puinhopen van de Alexanderplatz gestroomlijnde kantoorgebouwen de lucht in schoten en eronder een handig knooppunt voor de snelle metrotreinen werd aangelegd; terwijl de mark zich stabiliseerde en de grote industrieën samen nog sterker stonden; terwijl net zoveel verschillende kranten als auto's het straatbeeld bepaalden, de theaters goede zaken deden en film- en schilderkunst floreerden – terwijl, kortom, de Eerste Wereldoorlog voorbij leek en de economische crisis bedwongen, toen diende zich alweer een nieuwe crisis aan. Kleine bedrijven gingen dicht, de bevolking nam sprongsgewijs toe, dus ook de woningnood, en eind 1928 telde Berlijn tweehonderdduizend werklozen. Communisten en nationaal-socialisten beloofden hun betere tijden. Ook Franz Biberkopf geven zij hoop. ,,Franz', zegt Hans Trentelman, ,,treft zo'n enorme rotzooi aan dat hij naar orde en regelmaat snákt. De nationaal-socialisten bieden hem die orde aan, en ook nog eens een baan.'

,,Biberkopf', meent Léon van der Sanden (45), ,,weet niet wie hij is, weet niet wat hij wil, verdomt het naar zichzelf te kijken, heeft geen identiteit. Zo iemand kan net zo goed nationaal-socialist worden als communist, zo iemand absorbeert alles.' `Und Schritt gefasst und links und rechts', schreef Döblin, die de soldaten alweer hoorde marcheren. Soldaten van links of van rechts: beide mogelijkheden lagen nog open. Het `gigantische vrijheidsprobleem' van toen vindt Van der Sanden niet zo heel anders dan dat van vandaag de dag. ,,In Nederland zie je ook een gebrek aan identiteit, een losgeslagenheid, een vergeefs gezoek naar houvast. En we hebben mogelijkheden te over om lekker primair te zijn. Om te zuipen, te neuken, erop los te slaan.'

De avonden

Vier seizoenen geleden ensceneerde Van der Sanden, eveneens bij Het Vervolg, De avonden van Gerard Reve. ,,De avonden was een benepen Hollands huiskamerdrama. Vader, moeder, zoon en geruzie over een kopje koffie. In het grotestadsdrama Berlin Alexanderplatz zijn ze allemaal, vrijwillig of onvrijwillig, wég uit die huiskamer. Wat dat betreft contrasteren de voorstellingen met elkaar. En toch: ook de huiskamerontvluchters van Berlin Alexanderplatz vinden totaal geen richting.'

De repetitie is voorbij, de avond valt, de doorloop gaat beginnen. De regisseur die eerst nog zoveel op de spelers had aan te merken, zit nu stil naar ze te kijken. Hans Trentelman speelt zekerder dan voorheen, alsof het verhaal hem te pakken heeft. ,,Je moet die rol niet door een intellectuele Randstad-acteur laten spelen', fluistert Léon van der Sanden. ,,Iemand die mooi kan praten, daar heb ik nu niks aan. Ik heb wèl wat aan een speler die het platte en het poëtische met elkaar combineert.'

Poëtisch is Franz Biberkopf vooral in zijn momenten van helderheid, die hij niet beleeft wanneer hij nuchter is, maar wanneer hij hallucineert. In het gekkenhuis bijvoorbeeld, als hij door de bodem van zijn bestaan is gezakt. Daar, schrijft Döblin, legt de dood hem zijn fouten voor, zijn hoogmoed en zijn onwetendheid. `En daarmee stort ineen de oude Franz Biberkopf, beëindigd is zijn levensloop'.

Van der Sanden: ,,Franz kijkt in de spiegel, ziet wie hij is en dan valt er niets meer over hem te vertellen. Zodra hij echt fatsoenlijk gaat leven, als stille hulpportier, dan is het drama voorbij. Aanpassing: dat is een maatschappelijk, een politiek probleem. Wat komt er voor Franz' impulsiviteit in de plaats? Paranoia, behoedzaamheid? Wat een dilemma. Als je het gevaar opzoekt met het risico van geweld, moet je het gewelddadige dan maar accepteren? En van de wereld net zoveel houden, ook als er weleens iemand wordt vermoord? Of zeggen we: laten we oppassen opdat er vooral niets gebeurt? In Amerika is een jongetje van zes dat een meisje in de schoolbank naast hem een kusje gaf in de gevangenis gegooid. Moeten we die kant op?'

Kruisweg

Ook Trentelman heeft vragen, vragen, vragen. ,,Stel dat de wetenschap een mens kan maken die reuze intelligent is, zou het leven dan saaier worden? Veel ruzies zou je kunnen vermijden. Ook al speel ik steeds mensen die net als ik constant hannessen en knoeien en worstelen, toch hoop ik dat we ooit met z'n allen een hoger niveau bereiken.' Dat klinkt mystiek en inderdaad heeft Döblins roman een mystieke, metafysische, ja religieuze component. Biberkopfs lijden lijkt op de kruisweg van Jezus, maar Trentelman wil Biberkopfs religieuze besef niet overdrijven. ,,Als Reinhold hem meeneemt naar het Leger des Heils om te bidden begint Franz keet te schoppen. Franz gelooft maar één ding: De werkelijkheid bestaat niet. Die is toch steeds anders, de ene dag zus en de andere dag zo.'

In 1933 werd Berlin Alexanderplatz als een van de eerste boeken in het vuur gegooid. Nog maar twee jaar daarvoor had Piel Jutzi het epos verfilmd. In zwart-wit en inhoudelijk georiënteerd op de sociale onrust. Theatermakers in de DDR knoopten daar later bij aan, met sociaal-realistische spektakels vol arbeiderskoren. Rainer Werner Fassbinder uit Beieren verbond de ingewikkelde structuur van Jutzi's film met melodramatische kitsch en een grote sympathie voor Biberkopfs anarchistische kant en die combinatie sloeg aan. Zijn televisieserie, met in de hoofdrol Günter Lamprecht, werd hier in 1980 uitgezonden. Trentelman zag de serie destijds maar heeft de banden niet opnieuw bekeken: ,,Ik wil geen speloplossingen van anderen overnemen. Dat wordt hinderlijk, dat gaat je ontzettend in de weg zitten. Laat mij maar fantaseren op basis van ons eigen script.'

Dat script werd geschreven door Van der Sanden. Van een jaren twintig-sfeer is in zijn bewerking weinig te bespeuren, en weg is het Berlijnse dialect. Wat behouden bleef, dat zijn de liedjes, de rijmpjes, de ritmische klankreeksen: `De ene blijft staan de ander valt om de ene rent verder de ander valt stom. Bomberom'. Iets van het montage- en collagekarakter van de roman is ook bewaard gebleven. Het is de dode Ida die de dialogen onderbreekt met reclameslogans, krantenteksten, encyclopedische weetjes. Zo legt Ida, terwijl Franz een hoer bezoekt, het publiek de werking van het mannelijk orgasme uit: `Seksuele potentie komt tot stand door: 1) de klieren 2) het zenuwstelsel 3) het geslachtsorgaan. Klieren die meewerken zijn: hersenaanhangsel, schildklier, bijnier, prostaat, zaadbal en bijbal.' Alles geciteerd uit de handboeken die de arts Alfred Döblin in ruime mate bezat. Ida geeft in de voorstelling ook de beursberichten door en toch is Döblin, die het lot van de mens telkens weer vergelijkt met dat van het vee in het slachthuis, eerder een heftige expressionist dan een koele vertegenwoordiger van de Nieuwe Zakelijkheid.

Van der Sanden kwam met Döblin in aanraking door een boek in de kast van zijn vader. ,,BERLIN heette het, met een voorwoord van Alfred Döblin. Er stonden foto's in van de Alexanderplatz en van de gevangenis Tegel. En voorin mijn vaders handtekening, gezet in 1945, op Duitse ruïnes. Mijn vader was dwangarbeider, werd door de Engelsen bevrijd en kwam met het Engelse bezettingsleger in Duitsland mensen arresteren. Van een gevangengenomen nazi jatte hij dat boek. Voor mijn vader was het een schat, een trofee. Pas toen ik deze voorstelling ging maken mocht ik het meenemen.'

`Berlin Alexanderplatz' door Het Vervolg. Theaterbewerking en regie: Léon van der Sanden. Première za 1 april, daarna 4 t/m 29 april iedere di t/m za in het Derlon Theater, Maastricht. Res: 043-3507171.

`Biberkopf wil genieten en zijn verleden vergeten. Dat lukt niet'