Afrekenen!

Op 14 april wordt in het Amsterdamse Stedelijk Museum de tentoonstelling van Kurt Schwitters, `Ich ist Stil, I is Style. Ik is stijl' geopend. Verzuim niet te gaan kijken. Zonder zijn Merzbau zouden we van talloze vondstenaars na hem nooit hebben gehoord omdat die dan niet zouden hebben bestaan. Schwitters was een genie, een fantast en een kunstenaar die bij al zijn vakmanschap altijd de blik van het kind heeft bewaard. Dat we hier tachtig van zijn werken te zien krijgen, is dus op zichzelf groot nieuws.

Toch wordt dat een ogenblik verdrongen door ander nieuws, ook over deze tentoonstelling. Aan de uitnodiging is een brief toegevoegd met de in keurige bewoordingen gestelde waarschuwing dat de gasten deze keer voor hun eigen `consumpties' moeten betalen. Dit wegens de `oplopende kosten'. Woensdag onthulde deze krant de achtergrond. Het afgelopen jaar werden op dertig openingen in totaal 14.285 gratis consumpties verstrekt, à f.3.50 per consumptie. Dat is op drie gulden na ƒ50.000, – precies het bedrag waarvoor het Stedelijk één maand de koelmachine kan huren die het werk van Schwitters klimatologisch beschermt. We kunnen ons beroemde museum nog niet noodlijdend noemen, maar ieder centje telt. Vorig jaar vond de Amsterdamse gemeenteraad het niet goed dat de autofabrikant Audi een deel van de nieuwbouw zou sponsoren, omdat er dan af en toe een nieuw model Audi in de buurt van de meesterwerken zou staan. Nu draagt Audi wel bij in de kosten van Schwitters, maar niet voldoende om de genodigden op hun glaasje ranja te tracteren. En we zullen ook geen Audi tussen de Merz zien. De gasten halen een muntje van vijf uit hun portemonnee. `Nee, zo is het goed. Het is voor de koelmachine.'

Het is geen opvrolijkende geschiedenis. Een gast was een gast. Die liet je niet betalen. Zo was het in de vorige eeuw. Ik kan me voorstellen dat het de directie moeite heeft gekost de stap naar het betaalde gastvrouw/heerschap te nemen, maar wat is het alternatief? Straks een verschrompelde Schwitters terugsturen naar de eigenaren? Helemaal geen Schwitters? Dat is veel erger dan vijf gulden aan de ober afdragen. Laten we dus niet klagen over het verval van het gastheerschap, maar beseffen dat het voor een goed doel is.

Begrijpt de gemeente dat dan niet? Bijna iedere dag staat in de krant dat de gemeente rijker is dan ooit. Al die musea aan het Museumplein zijn niet alleen goed voor de kunst; ook voor het toerisme. Iedere dag weer zie ik ze in de rij staan. Brengt dat geen geld in het laatje? Jazeker, maar dat hebben we al uitgegeven aan de herinrichting van het Museumplein.

Ik vrees dat dit stukje hier een populistisch-negativistische wending neemt. Langs het her-ingerichte, of het geherinrichte Museumplein liggen al drie weken zwarte buizen die waarschijnlijk zullen dienen om het moeras te draineren dat door de herinrichting is ontstaan. Van dat geld had Rudi Fuchs tot zijn pensioen zijn gasten kunnen ontvangen. Zeker, maar zo werkt de nieuwe economie niet. Waar gehakt wordt vallen spaanders. U wilt toch niet dat de toeristen straks in het Museummoeras vallen? Dan komen ze zeker niet bij Schwitters, Van Gogh, de Nachtwacht.

Het is, geef ik meteen toe, al te gemakkelijk geredeneerd. Toch ga je zo denken. Het gaat om de alles overkoepelende wanverhouding. Aan de ene kant doen veel mensen hun uiterste best om datgene wat de moeite waard is, naar de hoofdstad te halen. En het lukt! Tegelijkertijd zie je hoe aan de andere kant er met de pet naar wordt gegooid, vermogens worden uitgegeven, de gemeente onder haar ogen mooie straten en pleinen in de goedkoopste commercie laat verslonzen, een half stadsdeel laat verhoeren, dusdanig dat het tot in het verste buitenland als de grootste attractie wordt beschouwd. De Nachtwacht overtroffen.

De wanverhouding reikt verder. Dit is de tijd van de nieuwe concentraties in de media, de providers, de `kabelaars', die de makers van de content, d.w.z. de inhoudfabrikanten, opkopen. Nog grotere bakken platheid door het beeldscherm heen op de wereld gestort; nog groter rendement en hoger de koersen. Voor de duidelijkheid, ik ben geen voorstander van decoders. Platheid is, zit in het mensenhoofd zoals het weer in de atmosfeer. Met een apparaatje krijg je het er niet uit. De platheid van de nieuwe economie heeft haar eigen profeten, ideologen en collaborateurs, zoals iedere grote stroming die macht en geld heeft. Het is hun zaak. De vraag is in hoeverre de anderen daarvan het slachtoffer worden. Meer dan ze denken. Dat je als gast op een opening van een groot museum iets voor je glaasje moet betalen, het is op zichzelf een pietluttigheid. Toch laat het zien dat de directeur en zijn gasten aan de verliezende hand zijn.