Adembenemende smeltkroes-jazz

Danilo Perez heeft een hekel aan de term `Latin jazz'. Met het afgesleten repertoire van gestroomlijnde Bossa Nova- en Son-deuntjes dat vaak onder die noemer gepresenteerd wordt, heeft zijn muziek dan ook niets van doen. De Panamese pianist laat op zijn cd's een eigen geluid horen dat te herleiden is tot uiteenlopende ingrediënten als Midden-Amerikaanse folkmuziek, bebop, klassieke muziek, een dun lijntje pop en een flinke scheut Monk.

Perez' smeltkroes-jazz komt het beste tot zijn recht in kleine bezetting en dat is ook wat het optreden in het BIMhuis gisteren beloofde. Het trio begon zelfs als duo, aangezien de contrabas verloren was geraakt in Parijs en niet op tijd in Amsterdam was. Geluk bij een ongeluk was dat Perez en drummer Antonio Sanchez zo volop de ruimte kregen voor improvisatie.

Sanchez' breed uitdijend tapijt van roffels, vegen en tikken vormde de perfecte ondergrond voor een uitgebreid etaleren van Perez' kunnen. Zijn spel bestond uit een duizelingwekkende opeenvolging van ritmische en melodische vondsten, die ook hijzelf getuige verbaasde `oh wow!' kreetjes niet altijd zag aankomen. De noten volgden elkaar op in hoog tempo, maar Perez bewees over genoeg subtiliteit te beschikken om ook binnen die klanklawine evenwicht en rust te bewaren. Hij liet zich niet verleiden tot een macho wedstrijdje `wie kan de meeste noten in een minuut proppen', waaraan bijvoorbeeld zijn Cubaanse piano-collega Gonzalo Rubalcaba zich nogal eens schuldig maakt.

Een kwartier na aanvang van het concert was de bas alsnog gearriveerd en kon Carlos Henriquez zijn smeulende basloopjes als smeerolie tussen drums en piano gieten. Van de gespeelde set vielen vooral de nummers van Perez' laatste album Central Avenue op. `Cosa Linda' begon als weinig opzienbarende straight ahead jazz maar kreeg gaandeweg steeds meer Afro-Cubaanse ritmes geïnjecteerd. Het pakkende `Panama Blues', gebaseerd op de inheemse Panamese mejorana-liedstijl, benadrukte de folkloristische elementen in Perez' composities, maar was daarnaast ook een adembenemend spel met timing en verschuivende ritmes. Een knikje van de bandleider was voldoende om het trio te laten doorschakelen van rollende groove naar struikelend gehakkel, van zorgeloos swingen in vieren naar humeurige blokakkoorden.

Om te laten horen waar hij het toch allemaal vandaan heeft, speelde Perez ook nog `Think of One' van Thelonious Monk. In de meest sensuele Monk-vertolking sinds tijden eerde Perez zijn voorbeeld en idool. En voegde er, bij wijze van commentaar, zijn eigen stomende ritmes aan toe.

Concert: Danilo Perez Trio. Gehoord: 29/3 in BIMhuis, Amsterdam. Herh: 31/3 Porgy & Jazz, Terneuzen.