O-Duitsland heeft nog 500 miljard nodig

Oost-Duitsland heeft de komende jaren nog 300 tot 500 miljard mark nodig voor de economische opbouw. Op tal van terreinen zoals infrastructuur is financiële steun vereist voor het Oosten, waar de communisten na de val van de Muur (1989) een bankroete economie achterlieten.

Dit verklaarde minister-president Reinhard Höppner van Saksen-Anhalt gisteren na een conferentie van de zes Oost-Duitse deelstaten in Maagdenburg. ,,De zaak duurt langer'', zei Höppner kort maar krachtig over de tegenstelling tussen Oost en West. De inhaalslag van het Oosten laat langer op zich wachten dan gehoopt. Over de ,,bloeiende landschappen'' die volgens de toenmalige kanselier Helmut Kohl al snel na de hereniging zouden ontstaan, rept niemand meer. De gebieden die in Oost-Duitsland tot bloei gekomen zijn, worden door experts ,,enkele oases in een woestijn'' genoemd.

In tien jaar is er ruim 1.000 miljard mark in de opbouw van Oost-Duitsland gestoken. Het geld is vooral besteed aan de infrastructuur, sociale voorzieningen, woningbouw, hulp voor bedrijven en uitkeringen. Als de transfers in de huidige omvang worden voortgezet zal het volgens Höppner nog 25 jaar duren voordat de kloof tussen Oost en West is gedicht.

Hij onderstreepte dat de opbouw van het Oosten ,,geen vat zonder bodem'' is. Maar ,,de bodem is te zien en het vat is half gevuld''. De oproep voor voortzetting van de steun komt temidden van onderhandelingen met de regering-Schröder en de 16 deelstaten over een zogenaamd nieuw solidariteitspact. Het eerste pact, dat in 1993 werd afgesloten, behelst een financiële bijdrage van de rijkere West-Duitse deelstaten aan het Oosten. Hamburg, Beieren, Hessen, Baden-Württemberg en Noordrijn-Westfalen hadden een klacht ingediend bij het Constitutioneel Hof tegen de hoge betalingen. Zij willen dat er vanaf 2005 een nieuwe regeling komt.

De Oost-Duitse Länder hebben hun verzoek onderbouwd met een onderzoek van economische instituten. Deze hebben becijferd dat er in de infrastructuur (wegen, stations, luchthavens) nog zeker 300 miljard mark geïnvesteerd moet worden. Daarnaast is 100 miljard nodig voor versterking van de economie. Ook moet de financiële positie van gemeenten worden verbeterd, die de afgelopen jaren bezuinigd hebben op publieke voorzieningen. Tenslotte blijft geld nodig voor de arbeidsmarkt. In Oost-Duitsland is de werkloosheid met bijna 20 procent twee keer zo hoog als in West-Duitsland. In werkelijkheid heeft bijna een derde van de Oost-Duitse beroepsbevolking geen baan; velen worden niet meegeteld omdat ze in werklozenprojecten zijn ondergebracht.