Strafrechtsbreuk

HET NEDERLANDSE drugsbeleid staat alom bekend als `soft'. Maar af en toe blijkt het opmerkelijk scherpe kantjes te kunnen ontwikkelen. Strafrechtelijke opvang van verslaafden bijvoorbeeld. Dat is een nieuwe maatregel tegen overlast die al snel bekend is komen staan als SOV. Hij voorziet in gedwongen opvang van verslaafden die ernstig overlast geven, in een speciale inrichting voor de duur van maximaal twee jaar. Ook al geeft de ernst van de gepleegde delicten afzonderlijk geen aanleiding tot zo'n termijn.

Een wetsvoorstel om deze maatregel in te voeren wordt op het ogenblik behandeld door de Tweede Kamer. Deze lijkt er weinig moeite mee te hebben. Toch vormt het wetsvoorstel-SOV ,,een ingrijpende wijziging van het strafrecht''. Deze waarschuwing is afkomstig van de Raad van State. De reden is dat de nieuwe wet het beginsel loslaat dat een strafrechtelijke reactie is gebonden aan de ernst van de delicten. Nu kent het strafrecht behalve straffen ook maatregelen, zoals de terbeschikkingstelling van gestoorde delinquenten, voor wie dat beginsel niet geldt. Maar dergelijke vergaande maatregelen worden alleen aanvaardbaar geacht als de betrokkene een direct gevaar oplevert voor de omgeving. Zelfs ernstige overlast voldoet niet aan dit wettelijke criterium.

DAT IS PRECIES het punt zeggen de voorstanders van SOV. Het is nodig vat te krijgen op verslaafden die zich zelfs niet onder enige aandrang willen laten behandelen. Er moet iets worden gedaan om de uitzichtloze cirkelgang van ,,vastzitten, vrijkomen en terugvallen'' te doorbreken. Ook een lange reeks kleine vergrijpen kan tot grote maatschappelijke schade leiden. Deze rekensom is inderdaad gauw gemaakt. Een jaar opsluiting van een crimineel uit de zogeheten harde kern van drugsverslaafden bespaart anderhalve ton aan delictschade, zo rekende een functionaris van het regiokorps Amsterdam-Amstelland vorig jaar oktober voor in het Politieblad. Want elk van deze lieden is al gauw goed voor 135 delicten à ƒ1.150 per jaar.

Het wetsvoorstel-SOV heeft echter meer pretenties dan alleen vermindering van criminaliteit en overlast. De maatregel heeft ook een behandeldoel, vermindering van de verslavingsproblematiek op individuele basis. Dat is een lastige opgave, want dwangbehandeling als zodanig komt niet in aanmerking. Zo'n ingrijpende maatregel is alleen gerechtvaardigd in acute noodsituaties. De SOV moet het hebben van opsluiting om de betrokkenen bij de les te houden. Maar als zij dat vertikken blijft alleen de opsluiting over.

In het buitenland zijn er enkele voorbeelden van vergelijkbare projecten waarbij een verband is gebleken tussen langere detentie (en dus behandeling) en positieve resultaten, meldde het onderzoekscentrum van Justitie. Maar het concludeerde ook dat een terugval bij behandelde verslaafden meer regel dan uitzondering is, of zij nu wel of niet vrijwillig zijn geplaatst. Het Trimbos Instituut waarschuwde dat er geen reden is voor het officiële optimisme over de nieuwe maatregel. Het instituut bracht in herinnering dat in de volksgezondheid nieuwe behandelvormen alleen mogen worden ingevoerd wanneer zij deugdelijk zijn bevonden. Heroïneverstrekking is gebonden aan een proefonderzoek. Dan valt niet goed in te zien dat daar bij dwangbehandeling aan voorbij valt te gaan.

MINISTER KORTHALS (Justitie), die het wetsvoorstel van zijn voorganger Sorgdrager overnam, ziet het niet zo zwaar in. SOV is geen therapeutische behandeling, waarschuwt hij, maar is slechts gericht op ,,een zo praktisch mogelijke resocialisatie''. Het probleem van de `veelplegers' is zo evident dat invoering van de maatregel geboden is, ook al kan niet met zekerheid worden vastgesteld of de beoogde doeleinden ten volle worden verwezenlijkt.

Dat is een gevaarlijk precedent voor dak- en thuislozen, alcoholisten, illegalen, gokverslaafden, psychiatrische patiënten. En, waarom ook niet, verstokte wegpiraten?