`OPEC werkt als rem op economie'

Het moeizame verloop van de OPEC-conferentie in Wenen is een gevolg van de OPEC zelf. De befaamde kartelorganisatie van weleer werkt alleen nog maar als rem.

De OPEC, ooit opgericht om de belangen van olieproducerende landen te behartigen, heeft juist een remmende werking op de ontwikkeling van de economieën van deze landen. Volgens hoogleraar Coby van der Linde zijn de door de staat gecontroleerde oliemaatschappijen in hun beleid volledig afhankelijk van een intergouvernementele organisatie waarin, door uiteenlopende nationale belangen, besluiteloosheid en bureaucratie hoogtij vieren.

Het moeizame verloop van de OPEC-conferentie in Wenen gisteren is voor de Clingendael-onderzoekster hier een sprekend voorbeeld van. Volgens Van der Linde is de OPEC niet het juiste instrument om een prijsstelling te realiseren die het beste tegemoet komt aan de wensen en noden van de individuele lidstaten. De onderzoekster, die onlangs een boek schreef over de problematiek van OPEC-landen, presenteerde haar bevindingen gisteren tijdens een energie-symposium op Clingendael.

,,Een kartel heeft cohesie nodig; overeenkomstige inkomensbehoeften, bevolkingsaantallen, lonen en doelstellingen, hiervan is binnen de OPEC geen sprake'', zei Van der Linde. De oplossing ligt volgens haar in privatisering en hervorming van de National Oil Companies (NOC's) tot efficiënt werkende bedrijven. Door liberalisering zullen noodzakelijke investeringen sneller worden doorgevoerd, waardoor adequaat kan worden gereageerd op veranderingen in de oliemarkt. De staat zou dan door middel van belastingen de inkomsten uit de olie kunnen blijven waarborgen.

Van der Linde acht het tevens noodzakelijk dat buitenlandse multinationale oliemaatschappijen worden toegelaten tot de binnenlandse markten van de olieproducenten. Dit zou een gezonde concurrentiestrijd in de hand werken, waardoor de NOC's verplicht worden een dynamisch beleid te voeren.

Onder het huidige stop-go beleid van de OPEC krijgen ze hiertoe geen kans. ,,Het beleid is gericht op korte-termijnsuccessen. In een periode van hoogconjunctuur wordt de economie in de steigers gezet, maar zodra het slechter gaat zijn de geplande investeringen voor de versterking en differentiatie van de economie van de baan.''

Aan de aanbodzijde wordt op deze wijze de afhankelijkheid van de olie-export vergroot terwijl in navolging van klimaatafspraken - genomen tijdens de milieutop in Kyoto eind 1997 - de belangrijkste afnemers juist trachten het energieverbruik te verminderen.

In dit scenario zou de rol van de OPEC in de ogen van Van der Linde moeten worden gereduceerd tot een instituut dat de ontwikkelingen in de markt nauwlettend volgt, vergelijkbaar met het International Energy Agency in Parijs.Volgens Van der Linde is het goed mogelijk dat de OPEC-landen na de top in Wenen met ,,een gevoel van nog minder discipline'' huiswaarts keren. Van een hechtere samenhang binnen het kartel is na de Weense conferentie in elk geval geen sprake, met alle negatieve gevolgen voor de verschillende economieën.