Ben: UMTS komt te vroeg

Voor Peter de Weerd, bestuursvoorzitter van telecombedrijf Ben, komt de veiling van de UMTS-frequentie veel te vroeg. Bedrijven missen de technische middelen om er al iets mee te doen, zegt hij.

Het komt ze bij Ben eigenlijk helemaal niet uit, die aanstaande veiling van frequenties voor mobiel dataverkeer. De mobiele-telecomaanbieder sloot onlangs nog een deal met de Finse telecomfabrikant Nokia om het huidige Ben-netwerk voor 450 miljoen gulden uit te breiden. En nu moet er alweer over de bouw van een nieuw, ultramodern netwerk worden nagedacht? ,,De timing is bezwaarlijk'', zegt bestuursvoorzitter Peter de Weerd (ex-KPN, ex-Unisource) in zijn bescheiden kantoor in Den Haag.

Ben heeft pas sinds vorige week `landelijke dekking', zegt De Weerd. Landelijk? ,,Er zijn zoveel definities.'' Het percentage Nederlanders dat niet bij Ben terecht kan is gereduceerd tot zes. Gemeten in oppervlakte beslaan de witte plekken een aanzienlijk groter deel. ,,Thuis heb ik ook niet de meest geweldige dekking'', zegt De Weerd. Hij woont in de buurt van Haarlem. Waar precies wil hij niet zeggen.

Bij de veiling van de zogenoemde DCS-1800 frequenties in 1998 betaalde Ben omstreeks 300 miljoen gulden, de helft van wat concurrenten Dutchtone en Telfort op tafel legden. Sindsdien heeft Ben voor nog eens 50 miljoen gulden wat extra ruimte in de ether gekocht, maar 's lands jongste aanbieder is nog steeds relatief goedkoop uit. Toch maken Ben en aandeelhouders Belgacom en TeleDanmark zich zorgen over de kosten die moeten worden gemaakt voor een nieuw netwerk. Pas deze week zal volgens de algemeen directeur een definitieve beslissing vallen of Ben überhaupt meedoet aan de aanstaande veiling.

,,De licentie is maar een fractie van de totale investering'', waarschuwt De Weerd. ,,Voor het hele netwerk ben je misschien acht of tien keer zoveel kwijt.'' Voor een zogeheten UMTS-netwerk moeten twee keer zoveel antennes worden geplaatst als voor de conventionele netten die nu in gebruik zijn. Dat gaat op heel veel verzet stuiten, vreest De Weerd. Belangrijker nog is, meent hij, dat de technologie voor het nieuwe netwerk nog niet gedetailleerd is uitgewerkt.

Evenals de concurrentie investeert Ben op dit moment in het zogeheten GPRS, een nieuwe technologie die veel meer capaciteit en snelheid mogelijk maakt op de bestaande mobiele netwerken. Het is nog te vroeg voor UMTS, meent De Weert. Goed gebruik ervan (bijvoorbeeld voor video) vergt nog zeker vijf jaar. Sneller Internetten is ook al mogelijk met de huidige aanpassingen van de mobiele netwerken.

De Weerd vreest dat kopers verworven licenties op de plank zullen leggen of zullen gebruiken om een netwerk te bouwen voor mobiele-telefoongesprekken. Met vijf aanbieders in de Nederlandse markt zit Ben niet te wachten op een nieuwe concurrent.

Snel mobiel Internetten wordt een grootse toekomst voorspeld, maar is ook nog met veel onzekerheid omgeven. ,,De grote vraag is of je je investering weer kunt terugverdienen'', aldus De Weerd. ,,Wordt de mobiele telefoon de bankkaart, het rijbewijs, de portemonnee en creditcard van de toekomst? Het is een kwestie van geloven. Maar je moet in je businessplan stevige aannames doen.''

Wat kan Ben doen? Niet meebieden lijkt geen optie. De Weerd erkent: ,,Als je niet meedoet, zul je de waarde zien afbrokkelen van de investeringen die je al hebt gedaan. Je wordt een nicheplayer.'' Ben zou in hoog tempo de trendgevoelige klanten kunnen verliezen die, zoals het bedrijf beweert, nu relatief vaak kiezen voor het Belgisch-Deense bedrijf.

Ben zou de zware investeringen kunnen dragen door samen te werken. Naar verluidt heeft Ben geprobeerd tot een akkoord te komen met Versatel. Een andere kandidaat voor samenwerking zou in de ogen van De Weerd van buiten Nederland moeten komen: ,,De belangen van de moeders [van de vijf Nederlandse operators] zijn te tegenstrijdig om binnen de Nederlandse grenzen een consortium aan te gaan.''