Martine: `Ik vind het heel gewoon'

Het komt steeds vaker voor dat zij meer verdient dan hij. Wat betekent dat in de praktijk van alledag? ,,De wintersportvakantie moeten we nog afrekenen.''

Ir. Martine Boon (30) is leverage manager op de afdeling structured finance bij de Rabobank. Drs. Niek den Tex (31) is journalist bij zakenmaandblad Quote. Ze zijn 8,5 jaar samen en wonen in Amsterdam.

Hij: ,,Ga jij je loonstrookje even halen, ik wil nu ook weleens weten hoeveel je precies verdient.''

Zij, lezend van papier: ,,102.000. Maar dat was van voor mijn nieuwe baan bij de bank.''

Hij: ,,Dat is bijna 50 procent meer. Ik verdien 73.000, en ik krijg geen cent bonus.''Zij: ,,Tja''.

Hij: ,,Of ik dat een probleem vind? Nee.''

Zij: ,,We hebben het er nooit over. Ik vind het heel gewoon.''

Hij: ,,Het is wel elk jaar een punt bij mijn salarisonderhandeling. Begin ik weer over mijn vriendin, en wat mensen in de echte wereld verdienen. Het heeft nog geen effect gehad. Mijn moeder ontmoette laatst op een zakenreis een Tsjech. Zij hem vertellen over haar zoon die journalist is en haar schoondochter die carrière maakt bij de bank. Hij vond het onbegrijpelijk dat zij het leuk vond om moeder te zijn van zo'n zoon.''

Hij regelt de financiën, zorgt dat alles wordt betaald. Elke maand storten ze allebei 1800 gulden op hun en/of rekening om de boodschappen en de vaste lasten mee te betalen. Waarom allebei evenveel en niet naar rato?

Hij: ,,Ik ben econoom en had na mijn studie ook voor een bank kunnen gaan werken. Ik wilde graag journalist worden, ook al verdien ik daar een stuk minder mee. Ik vind het flauw als Martine moet opdraaien voor mijn keuze. Bovendien heb ik een spaarpotje, ik heb ooit een erfenis van mijn oma gekregen en daar red ik het prima mee.''

Zij: ,,Hij heeft al een spaarpot. Ik wil ook wel wat opbouwen.''

Hij: ,,Wat doe je eigenlijk met de rest van je geld? Jij hebt toch ook beleggingsfondsen?''

Zij: ,,Ja.''

Hij, tevreden: ,,Ik ook.''

Kleren betalen ze allebei zelf. Andere uitgaven, zoals vakanties, delen ze. In februari zijn ze met wintersportvakantie geweest.

Zij: ,,Ik heb wel zo'n beetje bijgehouden wat ik heb uitgegeven.''

Hij: ,,We moeten nog afrekenen.''

Zij: ,,Dat hoeft niet tot op de laatste cent, hoor.''

Een jaar geleden hebben ze samen een pand gekocht in Amsterdam. Sinds twee weken wonen ze op de bovenste twee verdiepingen, de andere etages verhuren ze.

Hij: ,,Met een vriendin bij de bank krijg je een flinke korting op de hypotheek.''

Ook het huishouden is eerlijk verdeeld. Hij kookt, zij wast af.

Zij: ,,We hebben net een afwasmachine gekocht.''

En hoe gaat dat als er kinderen komen?

Hij: ,,Daar heb ik nog niet zo over nagedacht.''

Zij: ,,Ik vind het wel een moeilijke beslissing. Ik denk dat ik vier dagen wilwerken. Dat is meer een gevoelskwesie dan een economische. Ik wil bij mijn kind zijn. Of dat kan weet ik niet, er zijn weinig vrouwen bij de bank die eenzelfde soort functie hebben als ik. En de vrouwen met kinderen zijn helemaal spaarzaam. Ik weet niet hoe ze het bij de bank vinden als ik een dag minder ga werken.''

En als hij nou minder gaat werken om voor het kind te zorgen?

Zij: ,,Dat vind ik een enge gedachte. Het is nogal een verantwoordelijkheid om kostwinner te zijn. Ik zou het gevoel hebben dat ik dan moet, dat ik geen keuze meer heb. Werken moet voor mij wel leuk blijven.''

(Dit is de tweede aflevering van een korte serie over `meerverdienende' vrouwen. De eerste stond in de krant van 27 maart.)