Demonische reis op Japanse biwa

,,Slechts dode materie en gebruikte papieren zakdoekjes zijn amorfe van vorm. Dat zou ons te denken moeten geven'', filosofeerde Toru Takemitsu (1930-1996). Aan hem was gisteravond in het Amsterdamse Concertgebouw een muzikaal portret gewijd in het kader van de serie `Japan-Nederland 400 jaar'. Takemitsu liet zich inspireren door elementen als wind, water en lucht, hij hield van vloeiende, gedistingeerd sensuele klanken. Maar vormeloos was zijn muziek nu juist niet, een uitgekiende planning lag er vaak aan ten grondslag. De Litany voor piano uit 1989 waarmee werd begonnen, is een ingekorte versie van een tweedelig Lento dat Takemitsu op 20-jarige leeftijd componeerde. Weliswaar zijn de alten in de duidelijk aan Debussy en Messiaen refererende passage geschrapt, het blijft amorfe, weinig markante muziek. A Bird Came Down the Walk voor altviool en piano uit 1995 gebaseerd op een orkeststuk uit 1977 is veel persoonlijker en beter gestructureerd. Het duo bestaande uit Nobuko Imai en Ronald Brautigam plaatste de tegengestelde karakters – vloeiend versus bewegingsloos – in een elegant kader.

Van een totaal andere orde was Voyage voor drie biwa's uit 1973 hier gespeeld in de versie voor biwa solo en tape. In 1962 had Takemitsu in filmmuziek voor het eerst Japanse instrumenten benut. De Japanse biwaluit bespeelde hij zelf en weer gaat het om een contrast, nu om het uitspelen van het daadkrachtig karakter tegen het kwetsbaar weerloze. De componist sprak zelfs van een demonisch instrument en het is alsof hij de boze geesten uit de biwa ranselt. Aan de spelende en zingende Junko Uedo was het zeer besteed. Welk een contrast bood deze spookachtige biwareis met de gitaarbewerkingen van hits als Summertime die er aan vooraf gingen. Dat waren dunne muziekjes als gebruikte tissues, weggooimuziek.

Concert: Nobuko Imai (altviool), Junko Ueda (biwa) en anderen. Werken van Toru Takemitsu. Gehoord 27/3 Concertgebouw Amsterdam