Positie van Trimble verzwakt na zege

De positie van de Noord-Ierse protestantse `premier' David Trimble is ernstig aangetast nadat hij de verkiezingen om het leiderschap van zijn partij zaterdag zonder overtuigende meerderheid won. Trimble kreeg niet meer dan 56 procent van de stemmen, tegen 43 procent voor Martin Smyth, een dominee uit zuid-Belfast en tegenstander van het Goede Vrijdag-akkoord uit 1997 dat een machtsdeling van katholieken en protestanten voorstelt. Smyth is evenals Trimble lid van het Britse parlement namens de Ulster Unionist Party (UUP), de grootste protestantse partij.

De verkiezingsuitslag benadrukt de verdeeldheid in de partij over het opnieuw formeren van een Noord-Iers zelfbestuur met deelname van Sinn Féin, de politieke tak van het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA). Dat is sinds februari ontbonden na het mislukken van een akkoord over het buiten gebruik stellen van terreurwapens. Een deel van de UUP weigert opnieuw met Sinn Féin te regeren als de IRA niet op voorhand zijn wapens inlevert. Trimble haalde zich de woede van de haviken in zijn partij op de hals toen hij eerder deze maand in de VS verklaarde dat een nieuwe regering ,,denkbaar'' was ook zonder zo'n gebaar van de IRA.

Volgens Martin Smyth kan Trimble een nieuwe aanval op zijn leiderschap verwachten als hij de wens van zijn partijgenoten blijft negeren. Dat Smyth, fractiemanager van de UUP, zou verliezen, stond vast. Zijn relatief kleine achterstand geeft echter prominentere hardliners als Jeffrey Donaldson een kans het leiderschap te verwerven. Volgens Peter Mandelson, de Britse minister voor Noord-Ierland, maakt de verkiezing de kans op herstel van het zelfbestuur ,,er niet beter op''. Mandelson viel gisteren uit naar de UUP die zaterdag eveneens eiste dat de Noord-Ierse politie, de Royal Ulster Constibulary (RUC) niet wordt omgedoopt in Police Service of Northern Ireland. De naamsverandering is een van de voorstellen om de politie acceptabel te maken voor het katholieke volksdeel. Veel protestanten beschouwen het echter als een symbolische vernedering voor de agenten die zijn omgekomen bij IRA-aanslagen.