`Politici moeten zich voor drugsoverlast diep schamen'

Kamerleden discussieerden gisteren met buurtcomités over drugsoverlast. Frustraties te over.

,,Jullie dreunen hier nu wel leuk jullie partijprogramma's op, maar stelling nemen doen jullie niet. Jullie schuiven het allemaal naar elkaar toe en niemand neemt verantwoordelijkheid.''

Buurtcomités uit heel Nederland ondervonden gisteren dat politici zich over netelige onderwerpen heel wat voorzichtiger uitlaten dan de burgers in de wijk. Het Landelijk Actiecomité Drugsoverlast hield in Ede een forumdiscussie over de overlast die drugsverslaafden veroorzaken. Een vijftal Kamerleden had daarbij van elkaar minder te duchten dan van de zeventig sceptische leden van bewonersverenigingen uit probleemwijken. Tweede-Kamerlid W. van de Camp (CDA) was daarop voorbereid en ging in de tegenaanval. ,,Op dit soort bijeenkomsten worden wij vaak gezien als de vreselijke politici die niets doen, terwijl jullie de gemotiveerde burgers zijn. Jullie blaffen wel, maar zelf doen jullie geen aangifte als er iets gebeurt.''

Die opmerking kwam de verstandhouding niet ten goede, maar het debat werd er wel levendiger van. Menigeen bracht vol vuur een opgekropt verhaal naar voren. ,,En dat dit in deze discussie niet relevant is, dat kan me niets schelen. Maar ik wil het wel even kwijt.''

De jeugdige senator D. van Vugt (SP) was de enige parlementariër die zich van tijd tot tijd ook even liet gaan. Van Vugt trok furieus van leer tegen het gedoogbeleid voor heroïneprostitutie (,,Pure uitbuiting, een schande!''), maar toonde zich een warm voorstander van het gedogen van softdrugs. ,,Een blowtje op zijn tijd, dat moet toch kunnen?'' Omwonenden van coffeeshops, in de zaal ruim vertegenwoordigd, waren minder tolerant. ,,U moet maar eens een weekje komen logeren, dat zal u merken wat voor herrie, stank en rotzooi zo'n coffeeshop veroorzaakt.'' De uitnodiging bleef vooralsnog onbeantwoord.

Morgen behandelt de Tweede Kamer het wetsvoorstel Strafrechtelijke Opvang Verslaafden. De `draaideurgevallen' onder de harddrugsverslaafden kunnen volgens deze wet maximaal twee jaar `uit de roulatie worden genomen' om verplicht af te kicken. De fracties van de aanwezige Kamerleden (PvdA, VVD, CDA, RPF en SP) steunen dat voorstel, maar verwachten er geen wonderen van. Er is immers slechts plaats voor driehonderd van de zesduizend kandidaten. Bovendien komen vrouwen, psychisch gestoorden en asielzoekers niet in aanmerking.

De drugsverslaafden zelf waren niet vertegenwoordigd. Alleen H. van Duijn, voorzitter van de Nederlands Politiebond, had enige clementie voor de probleemgroep. ,,Die mensen zijn vaak in de war en verstoten en moeten tegen zichzelf beschermd worden. Het zal toch je eigen vader maar zijn.'' De politie heeft zo nu en dan ook mededogen voor de verslaafden en laat ze, tegen de regels in, op het politiebureau slapen. ,,Maar als je ze tóch de straat op stuurt'', maant Van Duijn zijn agenten, ,,leg ze dan voor de deur van een gemeenteraadslid, burgemeester of minister. Bel dan zelfs nog even aan, zodat dit niet onopgemerkt blijft. Want politici zouden zich diep moeten schamen voor elke dag dat ze niets doen aan dit probleem.''