Kwam f. 23.500 van creditcard wel ten goede aan de gemeente?

Privé-creditcards

In de KPMG-rapportage van vorige week vrijdag wordt duidelijk dat Peper, naast zijn gemeentelijke creditcard, een privé-creditcard (VISA) had. Gebruik van beide cards kwam soms ten laste van Rotterdam.

KPMG stelde in de periode 1989-1998 circa 25 betalingen van de gemeente vast op een rekening waaraan de VISA-card van Peper was gekoppeld. Die rekening liep bij VSB Bank. De gemeentelijke overboekingen variëren van 1.000 tot 3.000 gulden per keer. Totaal 23.500 gulden.

Ten grondslag aan de betalingen liggen verzoeken, namens Peper gedaan, aan de gemeente. Ook is soms een reguliere afrekening van de credit card-maatschappij bij het verzoek gevoegd, dan wel een dagafschrift van de VSB-rekening. Bewijzen dat Peper dit geld namens de gemeente uitgaf zijn niet aangetroffen.

Peper heeft de accountants van KPMG laten weten dat hij twee creditcards gebruikte toen deze betalingsmiddelen nog niet overal bekend waren, ,,zodat in sommige gevallen de ene card wel werd geaccepteerd en de andere niet''. Hij voegt daaraan toe dat ,,de betaalde aanvullingen van het saldo inzake gebruik van de VISA card'' wel ,,een functionele aanleiding hadden''.

KPMG stelt vast dat deze ,,privé-creditcard'' mogelijk heeft gediend om gemeentelijke kosten te dekken, maar dat Peper die stelling niet staaft. Aldus konden de accountants de ,,functionaliteit van de uitgaven niet vaststellen''.

Interviews

In geen der genoemde interviews heeft Peper hierover gesproken, anders dan met het algemene: ,,Ik zal alles weerleggen'' (De Telegraaf, 20 maart).

Ingebracht verweer

Peper heeft hierover deze week bij de raad of KPMG geen verweer ingebracht.

Slotsom

Peper heeft van de gemeente voor zijn VISA-card 23.500 gulden ontvangen, over welk geld hij niet heeft aangetoond dat hij het voor Rotterdam uitgaf.