Kerk wordt een museum in het Midden-Oosten

De Egyptische activist Sa'ed Eddin Ibrahim werd gekielhaald toen bleek dat hij een congres had georganiseerd om met middelbare schooldocenten het lesprogramma `evenwichtiger' te maken. Bedoeling was in de lesstof de geschiedenis van Egypte niet te laten ophouden bij de farao's en dan weer te doen beginnen bij de Arabisch-islamitische periode, maar ook de tussenliggende 600 jaar te behandelen, waarin het land christelijk was. Om ook bijdragen van christenen aan het moderne Egypte te onderwijzen, overeenkomsten tussen islam en christendom te belichten, en om fictieve personen in educatieve verhalen niet alleen islamitische namen als Mohammed en Zeinab te geven, maar ook christelijke als Nabil en Marya. Ten slotte leek het Ibrahim een goed idee zinnen als ,,alleen moslims gaan naar de hemel'' en ,,niet-moslims zijn vervuild'' uit de schoolboeken te schrappen. Egypte kent christelijke scholen, hoewel vooral armere kinderen naar openbare, in meerderheid door moslims bezochte scholen gaan. Daar volgen ze alle lessen samen, behalve het vak godsdienst.

Parlementslid Amin Hamad van de partij van president Mubarak beet het spits af. Hij verklaarde dat Ibrahim het curriculum ,,on-islamitisch'' wilde maken en met een verborgen agenda had, namelijk – het kon niet uitblijven – ,,verspreiding van zionistische concepten''. Prominent commentator Mohammed Emara noemde Ibrahim een agent van de Amerikanen die er ,,immers op uit zijn de moslims te bekeren'' en die ,,de islam zien als Rijk van het Kwaad''. Emara vervolgde: ,,We kunnen niet ontkennen dat kopten handig zijn met hun geld en hun geloof.'' Terwijl 90 tot 95 procent van Egypte moslim is, zijn drie van de tien rijkste families christen.

Wijzen Ibrahims bevindingen en de reacties erop nu op `systematische vervolging van christenen' door de Egyptische regering, en verklaren ze de omvangrijke emigratie van christenen naar de Verenigde Staten en Canada, waar er inmiddels meer wonen dan in Egypte zelf? De koptische lobby in de VS plaatst regelmatig paginagrote advertenties in Amerikaanse dagbladen van deze strekking. Ze noemt botsingen tussen moslims en christenen in Zuid-Egypte en allerlei discriminerende wetten en regels: de president moet moslim zijn. Een moslimvrouw mag niet met een christen getrouwd zijn.

Maar in Kairo wil eigenlijk geen enkele christen of Westerse waarnemer spreken van `systematische vervolging'. Het is meer kleinschalige discriminatie, onnadenkendheid, nalatigheid en van de kant van nogal wat commentatoren: verholen hitserij. De regelmatige botsingen in het zuiden, waarbij in januari nog 20 doden vielen, gaan volgens doorgaans betrouwbare mensenrechtenorganisaties terug op economische spanningen en wederzijdse misverstanden, niet op religieuze conflicten. Een diplomaat zegt: ,,Er worden hier regelmatig christenen gemarteld en mishandeld door de politie, maar dat gebeurt niet omdat ze christen zijn, maar omdat ze weerloze burgers zijn in een politie-staat.'' Dat is waarschijnlijk ook de oorzaak van veel emigratie: Amerika is een welvarende democratie, Egypte niet. Het feit dat ook Amerika veel christenen telt, maakt de overstap eenvoudiger.

De discriminatie is in Egypte overigens geen zuiver eenrichtingsverkeer, merkte commentator Emara in zijn aanval op Ibrahim op: fundamentalistische kopten genieten in Egypte veel meer vrijheid: ,,De religieuze jonge kopt slaapt veilig in zijn huis'', aldus Emara. ,,Maar zijn islamitische tegenhanger staat iedere nacht doodsangsten uit dat hij wordt beschuldigd van lidmaatschap van een militante groep.'' Zo'n beschuldiging is in Egypte voldoende om jarenlang zonder aanklacht in een van de afschuwelijke gevangenissen te verdwijnen.