Wervelende minderhedensoap

Even dacht ik de nieuwe Rushdie in handen te hebben. Ofschoon `Zadie Smith' met grote witte letters op de kaft staat, is het zijn naam, precies in het midden en met geel onderstreept, die als eerste de aandacht trekt. Vlak daarboven staan zijn lovende woorden `an astonishingly assured début'. Het moet de jonge schrijfster (1975) goed gedaan hebben, want als er een schrijver is wiens werk haar tot voorbeeld moet hebben gediend, dan is het wel Rushdie.

White Teeth is een groots opgezette wervelwind van meer dan vierhonderdvijftig pagina's. Via de levensverhalen van drie families, woonachtig in een voorstad in Londen en ieder met verschillende migratie-achtergronden, Jamaica, Oost-Europa en Bangladesh, worden thema's als multiculturalisme, tweede-generatie migranten en fundamentalisme aan de orde gesteld. Grote thema's dus, maar satire, luchtigheid en absurditeit vormen Smiths sterkste punt. Zonder de gebeurtenissen bij naam te noemen, passeren bijvoorbeeld de Rushdie-affaire en de val van de Muur. Dat gaat ongeveer zo. De familie Iqbal heeft zich voor de televisie verzameld want er `was een muur naar beneden komen'. It was something to do with history.

De eerste twee delen van de roman zijn opgebouwd rondom de levensverhalen van twee vrienden, Archie Jones en Samad Iqbal. Archie is op middelbare leeftijd getrouwd met de veel jongere Clara, een Jamaicaanse schone en een vroegere Jehova's getuige. Samad, een Bengalese moslim, is getrouwd met Alsana uit Bangladesh. Samads vrouw wil geen seks meer met hem. Hij overweegt masturbatie, maar dat mag hij als moslim niet. Dus vraagt hij een oude Korankenner om advies, die hem zegt dat hij van Allah zijn rechterhand niet mag gebruiken. `Samad, being Samad, had employed the best of his Western pragmatism, gone home and vigoriously tackled the job with his functional left hand'.

De laatste twee delen volgen de ontwikkelingen van de kinderen. Irie is de dochter van Archie en Clara. Haar zien we worstelen met haar uiterlijk en met een onbeantwoorde liefde voor één van de zonen van Samad en Alsana, Millat. Millat is op negenjarige leeftijd door Samad gescheiden van zijn tweelingbroer Magid, die door zijn vader naar India is gestuurd in de hoop dat hij een behoorlijke religieuze opleiding krijgt. Juist hij wijst de Islam af en zal zich concentreren op de genetica, terwijl Millat, de thuisblijver, lid wordt van KEVIN, `Keepers of the Eternal and Victorious Islamic Nation'.

Smith is op haar sterkst als ze schrijft over de bezoekjes van Millat en Irie aan de derde familie die een rol speelt in het boek, de Chalfdens, een perfect gezin, dat zich, ondanks Oost-Europese achtergronden, super-Engels gedraagt. Tot grote ergernis van Alsana is haar dochter Irie er niet meer bij ze weg te slaan. Ze is geïnfecteerd door `Chalfdenism'. De vrouw des huizes Chalfden, Joyce, vindt het fantástisch om twee `exotische' mensen in huis te hebben.

White Teeth is een satirische minderhedensoap, die zoals Smith ruiterlijk toegeeft op de laatste bladzijde, nog met gemak duizenden pagina's verlengd had kunnen worden. Gelukkig heeft ze dat niet gedaan, want hoewel virtuoos geschreven en bij vlagen zelfs briljant door de sterke dialogen, kon White Teeth lang niet alle honderden pagina's mijn aandacht vasthouden. De satire, soap en slapstick zijn weliswaar vermakelijk, maar maken dat dieper nadenken over White Teeth niet wordt aangemoedigd. Neem bijvoorbeeld de titel. Verwijzingen naar tanden duiken regelmatig in het boek op. Zo is er de mededeling van een oude heer dat hij in het donker een neger aan zijn witte tanden herkent en de aankondiging van Irie dat ze tandarts wil worden. Bij elk nieuw personage wordt ook even de toestand van zijn of haar gebit vermeld. Enerzijds lijkt Smith er iets serieus mee te bedoelen: de taal die rondom tanden wordt gebruikt (`wortels', `neptanden') staat voor de zoektocht van de personages naar hun wortels. Anderzijds geven alle tandenmededelingen het boek een triviale samenhang die zo banaal is, dat het meer wegheeft van een postmoderne knipoog naar de literatuur die zichzelf te serieus neemt. Vermoedelijk klinkt de stem van haar leermeester Rushdie hier door. Hij noemde zijn beroemdste roman De duivelsverzen, een beladen titel voor een boek waarin de Koran kritisch onder de loep wordt genomen, maar die in feite verwijst naar een geil telefoongesprek. Een soortgelijk sterk staaltje levert Smith wanneer ze een hoofdstuk opent met twee ernstig klinkende vetgedrukte woorden: `fundamenteel' en 'fundamentalisme'. Bij Smith slaan de woorden op een luchtig liedje in de versie van Frank Sinatra.

You must remember this,

a kiss is still a kiss

A sigh is just a sigh

The fundamental things apply

As times goes by

Zadie Smith: White Teeth. Hamish Hamilton, 462 blz. ƒ56,- (geb.), ƒ44,25 (pbk). In mei verschijnt de Ned. vert. bij Prometheus. Witte tanden. Vert. Sophie Brinkman, Prometheus, 416 blz. ƒ42,95