PDI-P krijgt les in partijdemocratie

De grootste partij van Indonesië, de PDI-P van vice-president Megawati Soekarnoputri, gaat gebukt onder haar verkiezingssucces. Aan de vooravond van het partijcongres is ze verward en verdeeld.

,,Deze partij is een groot verliezer, maar een beroerde winnaar.'' Spreker weet waar hij het over heeft, want hij heeft lief en leed gedeeld van de Strijdende Democratische Partij van Indonesië (PDI-P). Eros Djarot, hoofdredacteur van het weekblad Detak en jarenlang persoonlijk adviseur van PDI-P-voorzitter Megawati Soekarnoputri, heeft de euvele moed gehad zich op te werpen als rivaal van deze lieveling der nationalisten. In januari besloot hij mee te dingen naar het voorzitterschap van de partij, en dat heeft hij geweten.

Deze week sneed het partijbestuur hem de pas af met een administratieve smoes. Djarot zou zich hebben laten afvaardigen door een afdeling in Jakarta waar hij niet staat ingeschreven en mag niet meedoen aan het partijcongres dat maandag begint in Semarang, de hoofdstad van Midden-Java. Pikant detail: onder het besluit ontbreken de handtekeningen van Megawati en haar secretaris-generaal, want die woonden de bewuste bestuursvergadering, afgelopen dinsdag, niet bij. Djarot noemt het besluit dan ook ongeldig, handhaaft zijn kandidatuur en vertrekt nog dit weekeinde naar Semarang.

Sugeng Waluyo (Eros) Djarot (49), telg uit een nationalistische familie, heeft zijn sporen verdiend als tekstschrijver, filmer en krantenmaker. Hij schreef meer dan honderd liedteksten en regisseerde de vooral in het buitenland succesvolle film `Tjoet Nyak Dhien', een epos over de gelijknamige heldin uit de Atjeh-oorlog. In 1983 was hij medeoprichter van de studieafdeling van de PDI – toen nog zonder de tweede `P' van `strijdend' – een van de twee partijen die door het Soeharto-bewind werden geduld, maar die mochten meeregeren noch oppositie voeren. Bij de immer strak geregisseerde verkiezingen scoorde de PDI nooit boven de 11 procent.

Toen Megawati, de oudste dochter van wijlen president Soekarno, in 1994 partijvoorzitter werd, koos de PDI voor openlijke oppositie. Eros Djarot behoorde tot de naaste adviseurs die haar bijstonden op deze riskante weg. Nog datzelfde jaar werd zijn weekblad DeTIK verboden. In juni 1996 werd Megawati tijdens een door de regering gemanipuleerd congres gewipt als voorzitter en een maand later bestormden als PDI-leden vermomde militairen en politiemannen het door Megawati-fans bezette partijhoofdkwartier.

Na de val van Soeharto, in mei 1998, kreeg de partij de wind mee en bij de verkiezingen in juni vorig jaar verzilverde Megawati het met haar verzet tegen het oude bewind opgebouwde krediet. De PDI-P werd met 35 procent van de stemmen de grootste partij van Indonesië. Die snelle groei had ook een keerzijde. Menig loopbaanbelust lid van de middenklasse omhelsde de partij en de 153 man sterke parlementsfractie telt, naast een handjevol oudgedienden, vooral onervaren politici.

Een en ander wreekte zich in de aanloop naar het Volkscongres, dat in oktober een president moest kiezen. De PDI-P blonk uit door zelfgenoegzaamheid en gebrek aan lobbytalent. Zij had gewonnen en diende de president te leveren. Zoniet, zo klonk het, dan zou de volkswoede over het land spoelen. Deze loopgraafmentaliteit schiep een verenigd front tegen de PDI-P en Megawati moest het afleggen tegen haar jeugdvriend, moslimleider Abdurrahman Wahid. Zij moest genoegen nemen met het vice-presidentschap.

Sindsdien heeft Megawati's echtgenoot, zakenman en PDI-P-parlementariër Taufiq Kiemas, achter de schermen de partijtouwtjes in handen genomen. Hij trok een schier ondoordringbaar cordon rond Mega's werkpaleis en ook oude getrouwen kregen alleen toegang met zijn goedvinden. Toen Megawati overwoog om Eros Djarot als haar secretaris aan te stellen, ging de Kiemas-kliek dwarsliggen. Ingewijden beweren dat `kameraad' Taufiq wordt verteerd door ambitie en jaloezie. Djarot besloot zich te concentreren op de transformatie van de electorale luchtballon PDI-P tot wat hij een ,,moderne, open en competente partij'' noemt. In januari liet hij weten mee te dingen naar het voorzitterschap.

Eros Djarot: ,,Het is niet mijn bedoeling mbak (zus) Mega ten val te brengen, maar juist om haar te helpen zich geheel te concentreren op haar zware ambt.'' Een combinatie van het vice-presidentschap met het leiderschap van de partij acht hij ,,strategisch gezien ongewenst''. Volgens Djarot ,,is charisma een noodzakelijk element van politiek leiderschap, maar het is niet zaligmakend. Een moderne partij mag niet louter leunen op een populaire leider, maar behoeft een duidelijke ideologie, een heldere koers en geschoold kader''.

Die boodschap wil Djarot in Semarang uitdragen. Volgens hem heeft Megawati ,,geen enkel bezwaar'' tegen zijn kandidatuur en komt het verzet ,,uit irrationele hoek, van lieden die het persoonlijke belang boven het partijbelang stellen''. Namen noemt hij liever niet. Megawati is opnieuw beschikbaar voor het voorzitterschap en uit voorlopige peilingen bij de 315 afdelingen blijkt dat Djarot geen kans maakt. Toch ondervindt zijn solo-actie enige sympathie onder het partijkader. Hij dient, hoe dan ook, als een praktijkles partijdemocratie.