Ceteco binnenkort failliet

Het in surseance verkerende handelshuis Ceteco moet op korte termijn faillissement aanvragen, zo blijkt uit het gisteren verschenen derde openbare crediteurenverslag. Ceteco N.V. en Ceteco Finance kregen halverwege 1999 uitstel van betaling tot 6 juli dit jaar, maar gezien de toestand van de boedel van beide vennootschappen kunnen de schulden onmogelijk voor die datum betaald worden. De omzetting van de surseances in een faillissement is volgens de bewindvoerders dan ook een kwestie van tijd.

Ceteco, een dochterbedrijf van Hagemeyer, handelt in wasmachines, ijskasten en televisies in een aantal Latijns-Amerikaanse landen. Het concern kwam vorig jaar zwaar in de problemen door een te rigoureuze uitbreiding in met name Argentinië en Venezuela. Volgens de bewindvoerders van het noodlijdende handelshuis was de enorme expansie in beide landen zo riskant dat daardoor het voortbestaan van het gehele concern in gevaar is gekomen.

Mede door de economische malaise in de Latijns-Amerikaanse regio en een aantal natuurrampen leed het concern in de eerste helft van vorig jaar een verlies van 138 miljoen dollar. De bewindvoerders vroegen daarop uitstel van betaling aan, maar weigerden in te gaan op een boedelkrediet van onder meer ING en ABN Amro.

Om de schulden af te lossen heeft het handelshuis geprobeerd zoveel mogelijk bedrijfsonderdelen te verkopen. Ceteco besloot de bedrijven met de meest structurele verliezen in Argentinië en Venezuela zo snel mogelijk af te stoten. Pogingen daartoe van Ceteco zelf in het eerste half jaar voor de surseance liepen echter op niets uit. Ceteco heeft tot nu toe alleen vestigingen in onder meer Ecuador en Suriname van de hand gedaan.

Ceteco wil echter ook vestigingen in Guatamala, Honduras en El Salvador verkopen. Het uitgangspunt daarbij is dat bedrijven in Centraal-Amerika, het Caraïbisch gebied en Mexico worden verzelfstandigd. Maar inmiddels hebben de bewindvoerders vastgesteld dat Ceteco bij voortzetting van de bedrijven in die gebieden met de huidige aandeelhouders niet in staat is de crediteuren een acceptabel surseance-akkoord aan te bieden. Daarom zullen ook die bedrijven, zoveel mogelijk als groep, op korte termijn worden verkocht. Volgens de bewindvoerders ligt de verkoop op schema.

Nadat Ceteco in juli vorig jaar uitstel van betaling was verleend bleek dat de provincie Zuid-Holland een van de schuldeisers was. Hieruit ontstond de zogeheten `Ceteco-affaire', waarbij commissaris van de koningin in Zuid-Holland Leemhuis-Stout aftrad. De provincie dreigt 47,5 miljoen gulden bij de transactie in te schieten. De bewindvoerders van Ceteco willen vooralsnog geen mededelingen doen over de hoogte van het uitkeringspercentage van de schulden.