Mozambique

In de reportage over de watersnood in Mozambique onder de kop `50 dollar belasting per hulpvlucht' (NRC Handelsblad, 6 maart), werd gesuggereerd dat een dergelijke heffing helemaal niet door de beugel kan en de hulp zou frustreren. Het gaat hier, zo wordt gemeld, om landingsrechten voor het gebruik van het vliegveld van Maputo.

Een dergelijke heffing is op alle vliegvelden ter wereld een normale praktijk, ook voor vluchten met hulpgoederen, en nodig ter dekking van de exploitatie van het vliegveld en de verkeersleiding. In feite is 50 dollar per vlucht `peanuts' in vergelijking met tarieven elders. Op Schiphol moet voor een B-747 per vlucht meer dan 5.000 gulden worden neergeteld en dan moet nog wel overdag geland en gestart worden, anders komt er nog eens 1.000 gulden bij.

Het is voor ontwikkelingslanden sowieso van belang om een behoorlijk heffingensysteem voor het gebruik van infrastructuur te ontwikkelen, zodat deze goed kan worden opgebouwd en onderhouden en het personeel fatsoenlijke beloningen kan ontvangen (dát voorkomt corruptie)

En dacht u dat de (meestal Westerse) luchtvaartmaatschappijen de goederen gratis bezorgen? Uiteraard niet. Degenen die alle kosten voor hun rekening dienen te nemen zijn hulpverlenende overheden, instanties en particulieren.