Informant BVD over rechercheurs werd geliquideerd

De informant die de BVD in 1997 heeft verteld dat de Haarlemse ex-rechercheurs Langendoen en van Vondel persoonlijk miljoenen guldens drugsgeld hebben verdiend, is naar nu blijkt in Haarlem geliquideerd.

Het Algemeen Nederlands Persbureau (ANP) meldde gisteren dat deze informant van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, de 30-jarige W. Scholtemeijer, in 1997 in Haarlem-Noord is vermoord. Hij werd 's nachts bij thuiskomst met kogels doorzeefd in een bestelauto met een Belgisch kenteken. Dit gebeurde enkele maanden na het schriftelijk vastleggen van de door de informant verstrekte informatie. Dat Scholtemeijer de BVD-bron is die inlichtingen verschafte over corruptie in het opsporingsapparaat – de IRT-affaire – wordt door bronnen bij justitie bevestigd. Justitie onderzoekt inmiddels een reeks liquidaties in de Haarlemse onderwereld omdat ze mogelijk verband houden met het onderzoek naar de IRT-affaire.

Vorige maand publiceerde deze krant een ambtsbericht van de BVD uit juni 1997. Daarin staat dat de agenten Langendoen en Van Vondel persoonlijk geprofiteerd hebben van de drugstransporten die ze organiseerden met hulp van criminele informanten.

De bron van deze informatie, Scholtemeijer, werkte aanvankelijk voor de politiële inlichtingendienst van de Haarlemse politie. Hij werd uitgeleend aan de BVD. Justitie vermoedt dat zijn informantenstatus is uitgelekt en hij daarom werd vermoord.

Een van de onderzochte liquidaties betreft Gerard van Berge. In het BVD-bericht staat dat Langendoen en Van Vondel ,,regelmatig bezoeken hebben gebracht aan Gerard van Berge''. Deze man hield zich volgens een rijksrechercherapport uit 1996 vermoedelijk bezig met het witwassen van drugsgeld. Hij werd in september 1995 – tijdens de parlementaire enquête opsporingsmethoden – voor een woning in Nieuwkoop eveneens geliquideerd.

Langendoen ontkent overigens te hebben geprofiteerd van de `gecontroleerde' drugshandel. Hij heeft tegen NRC Handelsblad een kort geding aangespannen dat dinsdag 28 maart dient voor de president van de Rotterdamse rechtbank. Hij eist dat deze krant hem de desbetreffende BVD-documenten geeft.

Langendoen, die eerder wegens meineed in de IRT-zaak is veroordeeld, eist bovendien rectificatie omdat het bericht dat hij mede verdiend heeft aan drugshandel ,,onmogelijk in een dergelijk stuk van de BVD gesteld zal zijn'', aldus de dagvaarding. NRC Handelsblad weigert uit bronbescherming Langendoen de originele documenten ter beschikking te stellen.