EU-troeteltop biedt voor elk wat wils

De regeringsleiders van de EU, die vandaag en morgen bijeen zijn in Lissabon, willen dat Europa de VS voorbijstreeft in de `nieuwe economie'

De Europese Unie moet binnen tien jaar de sterkste economie van de wereld worden met een maximale werkgelegenheid en een goed niveau van sociale bescherming. Zo omschreef de Portugese premier Antonio Guterres vanmorgen bij de start het doel van de tweedaagse topbijeenkomst van Europese regeringsleiders die in Lissabon.

Het is de persoonlijke troeteltop van Guterres. De vijftigjarige socialistische ingenieur elektrotechniek wil met zijn collega's besluiten nemen over `innovatie en kennis' die ertoe leiden dat Europa binnen tien jaar de Verenigde Staten in de zogeheten `nieuwe economie' voorbij streeft. Gutteres heeft ruimhartig de deur opengezet voor iedereen die daaraan iets wilde toevoegen.

Hoewel de meeste diplomaten bij voorbaat uitgaan van een succesvolle top, waarschuwde de Luxemburgse premier en minister van Financiën Jean-Claude Juncker gisteravond dat de doelstellingen van Guterres alleen verwezenlijkt kunnen worden als de economie van de EU permanent met drie procent per jaar groeit.

Door uiteenlopende wensen van veel lidstaten is deze top echter als een kerstboom met aanvullende onderwerpen opgesierd. Guterres kreeg van regeringen, parlementen en sociale partners veertigduizend pagina's tekst aangeboden over mogelijke onderwerpen. Die heeft hij teruggebracht tot een redelijk overzichtelijk werkdocument.

De Franse premier Jospin is gehecht aan een Europese aanpak van de werkgelegenheid. Zijn Britse collega Blair is van plan morgenavond naar huis terug te keren met de boodschap dat dankzij hem Europa economisch liberaliseert en toch de kansarmen niet vergeet. Maar de sociale gevolgen van de verkoop van de Britse autofabrikant Rover door de Duitse BMW dreigen roet in zijn eten te gooien.

Guterres is een gedreven man als hij over de top praat. In zijn betoog sleept hij een onafzienbaar aantal onderwerpen bij elkaar. Alle scholen moeten op Internet aangesloten worden, er moeten Europese veiligheidsstandaarden komen voor elektronische handel, de economische groei in de EU moet jaarlijks drie procent zijn, over tien jaar moet het aantal mensen in de EU dat onder de armoedegrens leeft gedaald zijn van de huidige achttien procent tot tien procent, de werkloosheid van negen procent in de EU moet terug naar vier procent in 2010, er moet een Europees diploma voor informatietechnologie komen, hindernissen voor vrij verkeer van kapitaal en voor arbeidsmobiliteit binnen de EU moeten worden weggeruimd.

Over concrete besluiten spreekt Gutteres liever niet. De conclusies van de regeringsleiders moeten werken als een stimulans, betoogt hij. De praktische uitwerking is vervolgens aan de ministers. Vooral de Fransen hechten aan in cijfers vastgelegde doelstellingen. ,,Ze werken stimulerend'', aldus een Franse diplomaat. Een Duitse collega zegt spottend: ,,In 2010 is dus iedereen rijk.'' Ook de Nederlandse minister Gerrit Zalm (Financiën) zei onlangs in Brussel nog dat Nederland niets van Europese cijfers wil weten omdat de omstandigheden in de EU-lidstaten te veel uiteenlopen. Maar premier Kok liet later weten dat Nederland het niet hard zal spelen.

Het is de bedoeling dat de Europese regeringsleiders niet benadrukken waarover ze het oneens zijn. Ze kunnen allemaal het graantje pikken dat hen bevalt en dat als een persoonlijk succes op de top aan de buitenwereld presenteren. De hoop is dat Europa net als de Verenigde Staten een flexibele arbeids- en kapitaalmarkt krijgt en dat tegelijkertijd verzekerd wordt dat het Europese sociale model overeind blijft.

De Britse premier Blair wordt geacht zijn kritiek op de Franse arbeidstijdverkorting ter stimulering van de werkgelegenheid niet teveel te uiten. Op zijn beurt staat Blair niet te wachten op aanvallen op zijn weigering om het vetorecht bij Europese belastingafspraken te laten vallen. De Europese Commissie wil dat over belastingen die een hindernis vormen voor het functioneren van de interne markt in de toekomst met meerderheid van stemmen wordt beslist.

In Lissabon staan meer zaken die te maken hebben met het na acht jaar nog altijd niet goed functioneren van de interne markt, de portefeuille van de Nederlandse Eurocommissaris Frits Bolkestein. Daartoe behoren een statuut van een Europese onderneming en akkoorden over pensioenen, over patenten en over overnameregels. Al jaren wordt daarover gepraat en volgens een EU-diplomaat is het ,,een illusie is om te denken dat de interne markt ooit voltooid zal zijn''.