`Deze deal met Content schept uniek precedent'

De transactie die Creyf's, de Belgische eigenaar van Content, deze week sloot met justitie en de Vereniging van Effectenbezitters, schept volgens VEB-directeur P. de Vries een interessant precedent.

`We zijn pas content als u het bent'. De woordspeling is bijna te flauw om te gebruiken, maar wegens de toepasselijkheid gebeurde het gistermiddag toch, na afloop van een persconferentie in de Amsterdamse Industriële Club. Daar lichtten de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) en M. van Hemele, bestuursvoorzitter van Creyf's, de Belgische eigenaar van Content, de details toe van de net afgesloten transactie met justitie. Tevredenheid was daarbij het sleutelwoord. Bij Creyf's omdat ze van de voorkenniszaak rond Content af is en bij de VEB omdat ze, door de welwillende medewerking van de Belgen en justitie, gedupeerde beleggers snel een vergoeding kan bieden.

Daarbij gaat het om aandeelhouders die, vlak voor de overname van Content door Creyf's bekend werd, aandelen Content verkochten. In die periode, zo bleek later, kocht de top van het uitzendbedrijf eigen aandelen om daarmee de uitgifte van personeelsopties te financieren. Dat gebeurde op een moment, zo vertelde Van Hemele gisteren, dat de overname al rond was. ,,In die omstandigheid kan het natuurlijk echt niet dat je nog eens aandelen gaat inkopen'', aldus Van Hemele.

Toen de Belgen later op deze feiten stuitten, meldden ze de zaak bij justitie en stelden meteen een deal voor. Creyf's wilde snel van de zaak af, onder meer omdat er langdurige procedures van de VEB dreigden, zo zegt De Vries. ,,Inkoop van eigen aandelen, terwijl de onderneming voorkennis heeft, mag volgens de wet onder bepaalde uitzonderingsgevallen, maar die gaan hier absoluut niet op. Sterker: de Content-top heeft werkelijk alles fout gedaan wat men kon doen: te veel aandelen inkopen, op het verkeerde moment, tegen de gewoonte van de onderneming. Ik denk dat we in procedures juridisch sterk hadden gestaan.'' Omdat alle partijen eruit wilden komen en justitie bereid bleek een fors bedrag niet aan de staatskas, maar aan de gedupeerde beleggers te laten toekomen, was de transactie snel rond. Die geldt overigens alleen voor de rechtspersoon en niet voor de Content-top, die door justitie nog steeds als verdachte wordt beschouwd.

De Belgen zijn, in ruil voor het schrappen van strafvervolging, bereid tot schulderkenning en storten daarnaast drie miljoen gulden in een speciaal fonds dat door de VEB zal worden beheerd. Uit dat fonds zullen beleggers die kunnen aantonen dat zij op 24, 25 en 26 maart 1999 aandelen Content verkochten, worden vergoed.

Het is volgens De Vries ,,een unieke deal'', vooral omdat de VEB een rol speelt in het strafrechtelijke traject van een voorkenniszaak. ,,Tot voor kort zag men voorkennisslachtoffers in het strafrecht helemaal niet staan. Ze moesten altijd via een tijdrovende civiele procedure een weg bewandelen die spaarzaam tot succes leidt. Deze transactie is rechtvaardig, geeft snel resultaat en biedt bedrijven een interessante mogelijkheid snel van een voorwetenschapszaak af te zijn.''

De Vries verwacht dan ook dat de Content-affaire een precedent schept, al erkent hij dat de zaak wel een bijzondere was. Een transactie zoals nu gesloten kan immers alleen maar worden gerealiseerd als er sprake is van een `meewerkende' verdachte, zoals Creyf's. De Vries: ,,Ik verwacht ook niet dat dit acht keer per jaar zal gebeuren. Het is per geval afhankelijk, maar de winst is toch dat dit laat zien dat er een nieuw te bewandelen route ligt.'

De Vries geeft fraudeofficier H. de Graaff ,,een pluim op de hoed' omdat justitie bereid bleek het wederrechterlijk verkregen voordeel aan de beleggers te gunnen. Bovendien zorgde De Graaff er voor dat de transactie, die door verzet van de Nederlandse Content-commissarissen bijna schipbreuk leed, toch nog afgesloten kon worden. De Vries: ,,Het was even spannend omdat president-commissaris Maas met twee petten op zat. Hij is verdachte in deze zaak, maar moest ook oordelen over de deal. Dat was erg vreemd, maar gelukkig heeft justitie door het stellen van een ultimatum er goed de druk op gehouden.'