Verweer ex-bestuurders maakt weinig indruk

De contrastrategie van voormalige Rotterdamse bestuurders draait volop. Substantie heeft hun verweer nog nauwelijks.

Daar zijn ze dan. De ene na de andere oud-wethouder van Rotterdam treedt dezer dagen voor het voetlicht – Pim Vermeulen, René Smit, Joop Linthorst – al dan niet zwaaiend met een pakje papier. Dit, zeggen ze, zijn de stukken die de vermaledijde bonnetjesvorsers van KPMG niet hebben gevonden. De bedoeling is helder: het onderzoek van KPMG voor de Rotterdamse raadscommissie, dat al leidde tot de val van minister A. Peper, kan niet deugen.

Het KPMG-onderzoek heeft circa vijf maanden geduurd. Het waren veelal dezelfde oud-wethouders die zich beklaagden over de lange duur en hoge detaillering ervan.

Stuk voor stuk werden de voormalige bestuurders meermalen gehoord. Daarna kregen ze concept-conclusies over hun uitgaven voorgelegd, alsmede het verzoek eventueel ontlastende stukken te verstrekken, zoals de gemeente vanochtend bevestigde.

Maar geen der oud-wethouders – en Peper evenmin – wist toen met stukken op de proppen te komen die ze nu, naar ze zeggen, met één telefoontje naar het Gemeentelijk Havenbedrijf op de kop tikten. Daar komt bij dat KPMG in een laatste ronde van het onderzoek gemeentesecretaris N. van Eck – de baas van alle ambtenaren – heeft gevraagd ontbrekende stukken bij de diensten op te vragen. Dat gebeurde, maar resultaat bleef vrijwel uit.

Het neemt niet weg dat de wethouders een punt hebben als zou blijken dat uit de nu opgetrommelde stukken blijkt dat KPMG tot verkeerde conclusies is gekomen. Dan zijn zij beschadigd zonder dat de feiten daartoe aanleiding gaven.

Maar de enige stukken die totnutoe op tafel kwamen, betreffen verslagen van reizen waarvan KPMG de functionaliteit niet heeft kunnen vaststellen. Dat is overigens iets anders dan reizen met een overwegend privékarakter. Als een accountant vragen heeft over de functionaliteit van een reis, zegt hij dat het nut van de trip achteraf niet is gebleken.

KPMG had vanmorgen voor de raadscommissie een eerste check uitgevoerd op reisverslagen die Linthorst, Den Dunnen, Smit en Vermeulen alsnog ter beschikking stelden. Daaruit blijkt dat de functionaliteit van een aantal reizen vermoedelijk alsnog vastgesteld kan worden. Maar belangrijke kritiekpunten uit het rapport worden er niet mee weerlegd. Want, aldus ingewijden, in geen van die reisverslagen wordt gerept van privé-uitgaven die de wethouders op de gemeente hebben afgewenteld, noch over opname van reisvoorschotten die wethouders niet konden verantwoorden, en evenmin over het gebruik van de gemeentelijke creditcards dat de wethouders niet kunnen duiden.

De raadscommissie is de beroerdste niet. Als wethouders nog meer stukken vinden die mogelijk ontlastend zijn, konden ze die tot vanmiddag twee uur ter beschikking stellen. Daarna zou de commissie bekijken of conclusies aangepast moeten worden.

Het contraoffensief van de oud-wethouders en Peper heeft de Rotterdamse gemeentepolitiek derhalve nauwelijks geïmponeerd. In zijn reactie op het rapport heeft het college van B en W laten weten grote waardering te hebben voor de gedegenheid, zorgvuldigheid en precisie waarmee is onderzocht. Ook wordt het verweer van Peper – dat hij als burgemeester 24 uur in touw was en zijn uitgaven per definitie functioneel waren – zonder omhaal verworpen: ,,Op deze manier hebben collegeleden de regelgeving nimmer beschouwd''.