Een symfonie, vrij naar `A Day in the Life'

De magnolia ziet er robuust uit, maar is in werkelijkheid een nogal kwetsbare vroegbloeier. De bloem gaf zijn naam aan een boulevard in San Fernando Valley, een woonwijk van Los Angeles, waar zich gedurende een etmaal de film Magnolia afspeelt. Daar kruisen de wegen van een dozijn personages elkaar, een beetje volgens het procedé van Robert Altmans Short Cuts. Drie van die personages, wier verhalen zich langzaam aftekenen als de kern van de film, moesten als kind ervaren dat ze sterker waren dan hun ouders. Ze roepen die ouders nu ter verantwoording, en komen tot het besef dat ze helemaal niet zo onkwetsbaar zijn als ze dachten.

Magnolia is de derde film van de pas 29-jarige Paul Thomas Anderson. De vorige twee films van Anderson, Hard Eight en Boogie Nights, waren interessant genoeg om met grote nieuwsgierigheid uit te kijken naar Magnolia. De prettige verrassing is dat Anderson meer blijkt te zijn dan een groot talent. De drie Oscarnominaties (voor Andersons originele scenario, de bijrol van Tom Cruise en Aimee Manns liedje Save Me) en de wat zuinige Amerikaanse recensies, die Anderson gebrek aan controle over zijn ambities verwijten, doen geen recht aan de ervaring die ik had bij het kijken naar Magnolia. Na drie uur en tien minuten wil je niet dat het al afgelopen is en het liefst meteen opnieuw beginnen, om alle raadsels en verborgen lagen van de film beter te begrijpen.

Het scenario is zo ingenieus, dat het weinig moeite kost om de gecompliceerde vertelling direct te kunnen volgen, maar er lijkt veel meer aan de hand te zijn dan in een keer te overzien valt. Sinds Magnolia vorige maand in Berlijn de Gouden Beer won, formeert zich iets dat op een geheim genootschap lijkt, van mensen die de film al gezien hebben, en een glinstering in de ogen krijgen als ze er met elkaar over praten. In Europa zou Magnolia wel eens uit kunnen groeien tot het filmevenement van het jaar. De opwinding die Magnolia teweegbrengt lijkt nog het meest op de tinteling na na de verse ontdekking van films als Pulp Fiction of Blue Velvet. Andersons film is minstens zo absurd en surrealistisch, maar menselijker, en meer klassiek vormgegeven.

Het is niet alleen het scenario met alle onnavolgbare wendingen dat de aandacht trekt: eigenlijk mag je er niets over vertellen aan iemand die Magnolia nog niet gezien heeft, vooral niet over de apocalyptische ontknoping, die je zelfs als je het met je eigen ogen ziet nauwelijks geloven kunt. Anderson is ook een grootmeester in het regisseren van acteurs, die hem in interviews `geniaal' noemen. Een aantal van die acteurs begint een vast ensemble te vormen, dat in alle drie zijn films optrad, zoals John C. Reilly, Melora Walters en Philip Seymour Hoffman, maar ook de nieuwelingen passen er goed in.

Tom Cruise speelt de beste rol uit zijn carrière, als een goeroe die via de media zijn macho-filosofie verkoopt aan wie maar wil betalen voor tips om vrouwen te temmen, onder de slogan `Verleid en vernietig!'. Cruise's bravoure wordt ondermijnd tijdens een televisie-interview dat hij aan een zwarte vrouw toestaat. Zij heeft haar huiswerk gedaan, klopt aan bij zijn harde kern en komt binnen.

Zoals steeds in Magnolia weerspiegelt die scène een andere: een romantisch aangelegde, tedere politieman (Reilly) praat net zo lang in op een stoere zwarte vrouw, totdat bij haar een lijk uit de kast rolt. Dan is Reilly rijp om verliefd te worden, op een andere vrouw (Walters), bij wie hij komt klagen over geluidsoverlast. Ze voelt niets meer, door cocaïnegebruik en keiharde muziek.

Ook Anderson zet in het eerste uur van Magnolia de volumeknop op de hoogste stand. Er is na de proloog (een op zichzelf staand absurd essay over toeval, in de encyclopedische trant van de eerste films van Peter Greenaway) bijna geen seconde zonder muziek, die elke subtiliteit overstemt. Des te harder komt de stilte aan in het volgende uur van de film, als ook de personages, bijna allemaal op de een of andere manier verbonden met de media, tot bezinning komen. De muziek in Magnolia is voortreffelijk, zowel de pompeuze score van Jon Brion als de liedjes van Aimee Mann.

Anderson vertelt in interviews zich bij de constructie van zijn film te hebben laten beïnvloeden door songs van The Beatles, met name A Day in the Life, dat niet in de film voorkomt, maar wel een goed idee geeft van de symfonische vorm van Magnolia. Op tweederde wordt Magnolia zelfs bijna een musical, als de verschillende personages, in complete afzondering en op de bodem van de put, elk zachtjes dezelfde regels zingen: `It's not going to stop, when you wise up', en in de montage bijna een koor vormen. Het houdt niet op, wanneer je volwassen wordt, het gaat zelfs door tot aan je dood. Weer twee van de personages, Jason Robards en Philip Baker Hall, zijn stervende en maken de balans op van wat ze hun kinderen hebben aangedaan.

Magnolia eindigt met hoop: geen verzoening, maar troost, door het allerergste onder ogen te zien. Na een wonderlijke regenbui boven Los Angeles, gaat het leven door, of wordt er gestorven. Zo banaal is Magnolia, en zo groots.

Magnolia. Regie: Paul Thomas Anderson. Met: Tom Cruise, Julianne Moore, John C. Reilly, Philip Seymour Hoffman, Melora Walters, Jason Robards, Philip Baker Hall, Melinda Dillon, William H. Macy, Jeremy Blackman, Ricky Jay, Alfred Molina, Henry Gibson, Luis Guzman, April Grace. In 10 theaters.