Bizarre strijd in top Creyf's

Het opstappen van Sylvia Tóth bij Content is de voorlopige apotheose in een bizarre strijd die zich de afgelopen maanden achter de schermen van het uitzendbedrijf blijkt te hebben afgespeeld. Een reconstructie.

Het was afgelopen vrijdag nou niet wat je noemt een gezellige vergadering van de raad van commissarissen van Content. Op het Antwerpse hoofdkantoor van de Belgische eigenaar Creyf's stond eigenlijk maar één punt op de agenda: goedkeuring door de commissarissen van de transactie die de Creyf's-directie met het Nederlandse openbaar ministerie (OM) wilde treffen in de voorkennisaffaire waarin het bedrijf verwikkeld was geraakt (zie kaders).

Het was niet de eerste keer dat het onderwerp aan de orde kwam. Tijdens een eerdere commissarissenvergadering, op donderdag 24 februari, was de transactie ook al onderwerp van gesprek geweest. En ook toen was duidelijk geworden dat de drie Nederlandse commissarissen, president-commissaris A. Maas, Content-founding mother S.Tóth en R. Hendrikse, eigenlijk niets voelden voor de deal.

Waarom eigenlijk niet, vroegen de Belgische commissarissen, die in de meerderheid zijn, zich af? De transactie was goed voor de vennootschap: de zaak zou meteen van tafel zijn, justitie uit beeld, procedures van boze beleggers van de baan en Creyf's liet zich van de beste kant zien.

Maar dat was natuurlijk niet het punt.

Want het probleem school niet zozeer in de inhoud van de transactie, maar in het onvermijdelijke dubbelspel dat op tafel lag. De realiteit was immers dat president-commissaris Maas mede een oordeel moest geven over een zaak waarin hij zelf verdachte is.

Het openbaar ministerie ziet de president-commissaris, samen met de twee toenmalige directeuren van Content, nog steeds als verdachten in de voorkenniszaak en bleek niet bereid om Maas `mee te nemen'in de transactie. Dat had tot gevolg dat, als Maas zou instemmen met de deal die naast de betaling van 3,25 miljoen gulden ook een schuldbekentenis inhield, hij zichzelf impliciet schuldig zou verklaren.

De Belgen begrepen dat dilemma wel, maar realiseerden zich tegelijkertijd dat afwijzing van de overeenkomst een gepasseerd station was. Creyf's bestuursvoorzitter M. van Hemele zegt er nu over: ,,Wij wilden deze zaak zo snel mogelijk van tafel en hebben ons al in december met een voorstel gemeld bij justitie. Daar wist president-commissaris Maas in een vroegtijdig stadium vanaf. Maar zijn verzet kwam pas toen het te laat was.''

Dat verzet manifesteerde zich het duidelijkst op de commissarissenvergadering van 24 februari. Tijdens die bijeenkomst werd, bij wijze van compromis, besloten een onafhankelijke derde jurist nog eens naar het schikkingsvoorstel te laten kijken. Het haalde allemaal weinig uit. De betrokken advocaat, mr. J. Sjöcrona, had zijn oordeel snel klaar. Hij omschreef het schikkingsvoorstel als ,,een bepaald creatieve oplossing'' voor de vennootschap. Daarmee was men weer terug bij af.

Na overleg met Maas' raadsman D. Doorenbos werd vervolgens besloten nog één poging te ondernemen de president-commissaris alsnog bij de transactie te betrekken. In de week van 6 maart ging Creyf's op bezoek bij fraudeofficier H. de Graaff. Een ,,mission impossible'', volgens Van Hemele, omdat Maas weliswaar in de deal wilde participeren, maar niet bereid bleek schuld te bekennen of een boete te betalen. De Belgen vingen dan ook bot bij De Graaff. Zo'n eis, redeneerde justitie, zou geen schikking betekenen, maar een sepot. En daar zag het OM vooralsnog geen reden toe. In het lopende onderzoek naar Maas zijn namelijk een aantal verklaringen afgelegd, onder meer door de twee verdachte Content-directeuren, dat de president-commissaris nadrukkelijk betrokken is geweest bij de gewraakte transacties tijdens de overname – door justitie strafbaar geacht. Daarbij gaat het vooral om de inkoop van de eigen aandelen.

In dat kader beschikt justitie ook nog over het aantekenblok van mede-commissaris Hendriksen, die tijdens de overname door Creyf's adviseur van Maas was.In dat blok staat: `wat te doen bij aandelenopties?': gewoon uitgeven, zoals gebruikelijk en – in tegenstelling tot gebruik – worden de onderliggende stukken ingekocht.' De Graaff, zo liet hij de Belgen weten, wil de betrokkenheid van Maas nog eens goed onder de loep nemnen voordat hij een transactie overweegt, àls dat al aan de orde is.

Het bezoek van Creyf's had vervolgens een tegengesteld effect, want justitie werd ongeduldig. De onderhandelingen en uitwerking van het schikkingsvoorstel, nota bene op verzoek van Creyf`s, hadden veel tijd gekost. De zaak was uitgebreid getoetst bij de landsadvocaat en het college van procureurs-generaal. De Graaff wilde hom of kuit en besloot de Content-commissarissen een brief te schrijven met een ultimatum: vóór 22 maart wilde hij horen of de schikking zou worden ondertekend. Zo niet, dan zou vervolging van de rechtspersoon alsnog aan de orde zijn.

Dat was, afgelopen vrijdag tijdens de commissarissenvergadering, de stand van zaken. Tijdens de bijeenkomst hield Maas zich afzijdig en voerde Tóth het woord. Ze dreigde met opstappen als de deal niet zou worden uitgebreid met Maas en de twee directeuren.

,,Een verbazend standpunt'', aldus Van Hemele. ,,De maanden hiervoor is een schikking voor de directeuren nooit aan de orde geweest, noch bij justitie, noch bij ons, noch bij de commissarissen. En nu werd het ineens als een soort chantagemiddel gebruikt: wij tekenen de deal pas als iedereen er onder valt. Daarmee kon ik toch niet bij justitie aankomen?''

Dat gebeurde ook niet. Gisterochtend, de dag van het ultimatum, vervoegde de Belgische Content-commissaris Luc Bertrand zich bij De Graaff met Van Hemele's handtekening onder de schikking. 's Middags maakte Tóth via een persbericht haar vertrek bekend. Ze noemt het ,,onjuist en niet acceptabel'' dat de schikking niet voor de drie verdachten geldt.

Wat nu precies de positie van Maas is, blijft onduidelijk. Zijn advocaat wil slechts kwijt dat ,,de heer Maas niet heeft deelgenomen aan de besluitvorming over deze deal''.

De Belgen doen uiteindelijk nog één handreiking. In het vanmiddag uitgekomen persbericht stellen ze expliciet dat het aangaan van de transactie door Content Beheer niet inhoudt dat de twee directeuren en Maas daarmee schuld erkennen. ,,Het vervolg is in handen van justitie. Wij staan er nu helemaal buiten'', aldus Van Hemele.

Rest de vraag waarom Creyf's de zaken heeft laten escaleren. Tenslotte zijn de Content-commissarissen binnen de onderneming betrekkelijk tandeloos, gezien de Belgische meerderheid.

Had een snelle operatie niet veel minder schade aangericht? Van Hemele: ,,Achteraf was dat inderdaad effectiever geweest. Maar we zijn bij Creyf's gewoon een open discussie te voeren. De Nederlandse commissarissen wisten overal van, maar gingen zich ineens verzetten. Daardoor kwamen we in een straatje waar men niet meer uit geraakt.''