Immigratiepolitiek mislukt

Bij het opstellen van onze basisgrondwet (Thorbecke, 1848) werd vrijheid van godsdienst en onderwijs gezien als variaties binnen de Westerse, christelijke cultuur. Er werd niet gedacht aan de toepassing ervan op in wezen vijandige godsdiensten, zoals de islam. De voorgangers prediken toch de verderfelijkheid van de Westerse cultuur?

Bereidheid tot integratie is dan ook ver te zoeken, zelfs het kabinet acht het niet opportuun om kennis van het Nederlands verplicht te stellen bij naturalisatie. Dan krijg je bevolkingsgroepen die zich geen Nederlander voelen, maar Turk, Marokkaan, Irakees, Surinamer enzovoort die, veelal om economische redenen, toevallig in Nederland wonen. Dat blijkt bijvoorbeeld ook uit de eigenlijk belachelijke rel rondom het in Assen op te richten monument voor Armeniërs.

Ook de discussie nu rondom een verplichte feestdag op het Offerfeest hoort eigenlijk niet in Nederland thuis. De mensen die dat willen, zijn vrijwillig naar Nederland gekomen, met al zijn eigenschappen, gewoontes en gebruiken. Daar hoor je je aan aan te passen en gaat het niet aan de originele meerderheid jouw gewoontes op te leggen. Dit zijn de zoveelste voorbeelden van het absolute mislukken van onze immigratiepolitiek.

Politici zouder er beter aan doen zich te bezinnen op een radicaal andere koers op dit gebied, ook om de groeiende onvrede hierover bij de gemiddelde Nederlander weg te nemen, dan met het opgeheven vingertje naar bijvoorbeeld Oostenrijk te wijzen, omdat daar een democratische regering ontstaan is die wel iets aan deze misstanden wil gaan doen.

P. de Geus is gepensioneerde te Vledderveen.