Talloze saxofoons bij The Beau Hunks

Weinig muzikale uitvindingen hebben zo'n enthousiast onthaal gekregen als die van Aldolphe Sax. Vanaf 1846, toen de Belgische instrumentbouwer de saxofoon patenteerde, tot de beurskrach in 1929, stegen de verkoopcijfers van het blaasinstrument jaarlijks zonder hapering. In geen andere muzieksoort heeft de sax zich zo'n prominente plek veroverd als in de jazz.

De podia staan vol met solisten, duo's, kwartetten en zelfs sextetten. Maar nu staan er niet een, twee, vier of zes rietblazers, maar maar liefst negen. En de leden van The Beau Hunks Saxophone Soctette houden het ook niet bij een sax per man; er ligt een ruim arsenaal van wel drie dozijn instrumenten op het podium.

Het `documentair orkest' van bassist en Beau Hunks-leider Gert-Jan Blom spitst zijn repertoire dit seizoen toe op de saxensembles uit de grote swingorkesten. Via vroege bebop uit de jaren veertig en het kwartet Baby, Oh Where Can You Be? uit 1929, werkte het orkest zich sprongsgewijs terug in de tijd naar het begin van de vorige eeuw. De Down Home Rag uit 1912 deed dienst als historisch startpunt voor een even vermakelijke als educatieve reconstructie van een stuk bijna vergeten saxofoongeschiedenis.

Na de rag volgen onder andere novelty uit de jaren twintig, marsmuziek en swing. Hoewel slechts vijftien jonger dan de rag, klinkt Bix Beiderbecke's In A Mist, waarin duidelijk de invloeden van Ravel en Debussy zijn te horen, aanmerkelijk volwassener dan de rechttoe-rechtaan, vrolijke themaatjes. De arrangementen die Nathan Van Cleave eind jaren '30 schreef voor het Paul Whiteman Orchestra worden gekenmerkt door het soort swingende timing dat nu nog als maatstaf geldt voor big bands.

The Beau Hunks glijden door dit historische materiaal als een wendbare, goed geoliede machine. De halsbrekende passages worden zonder uitzondering unisono gespeeld waardoor een groot, licht omfloerst geluid ontstaat dat doet denken aan antieke 78-toeren plaatjes.

Om dit totaalgeluid, een optelsom van negen saxofoonkleuren, is het The Beau Hunks te doen en solo's zijn over het algemeen dan ook kort. Dit met uitzondering van een stuk als Saxophone waarin Leo van Oostrom verschillende blaastechnieken demonstreert. Zijn cartooneske lachsalvo's worden beantwoord door een schuddebuikend orkest en gierende slappe lach in de zaal.

Van Oostrom speelt het hitje uit 1917 op een tegenwoordig weinig gebruikte C-melody saxofoon. In de loop van het concert worden nog meer weinig bekende leden van de saxofoonfamilie ten tonele gevoerd. Zo gaat de brommerige, opa-achtige bassax een duet aan met de sopranino, het opgewonden jongste neefje. En wordt Paul Whitemans miljoenenhit Whispering vertolkt door twee Swaneesaxen, een kruising tussen een fietspomp en een zingende zaag.

Maar deze muzikale freakshow is eigenlijk niet meer dan de theatrale aankleding van een zeer uitgekiend programma. Het razendsnelle, virtuoze spel van het orkest doet het publiek keer op keer weer snakken naar adem en vragen om meer. The Beau Hunks maken er een saxofoonfeest van formaat van.

Concert: The Beau Hunks Saxophone Soctette. Gehoord: 4/3 BIMhuis, Amsterdam. Herh.: 23/ 3 Dr. Anton Philipszaal, Den Haag; 26/3 Odeon Theater, Zwolle; 29/3 Theater a/d Parade, Den Bosch; 3/4 De Kleine Komedie, Amsterdam.