Koopman reconstrueert Markus Passion

Vrijdag ontvangt Ton Koopman een ere-doctoraat in de godgeleerdheid van de Universiteit Utrecht voor zijn werk aan de passies en cantates van Bach. Aansluitend klinkt de Nederlandse première van Koopmans reconstructie van Bachs Markus Passion, die al op cd verscheen.

Velen gingen Ton Koopman voor in het streven naar een bevredigende reconstructie van Bachs Markus Passion. Voor Bach-vorsers biedt de Markus een dankbare bron voor speculeren, reconstrueren en discussiëren, want anders dan bij de Johannes Passion en de Matthäus Passion, is de muziek van de Markus Passion verloren gegaan.

Anders ook dan de Lukas Passion, die nog wel onder Bachs naam wordt uitgevoerd maar feitelijk niet door hem is gecomponeerd, heeft er wél met zekerheid een Markus Passion van Bachs hand bestaan. Er is het libretto van tekstdichter Picander. Er is de wetenschap dat Bach het werk in 1733 heeft uitgevoerd. En er is het vermoeden dat de Markus Passion, gebaseerd op het bondigste en minst dramatische evangelie, in omvang ongeveer gelijk was aan de Johannes Passion. Maar hoe de Markus Passion daadwerkelijk heeft geklonken, daarover verschillen de meningen sterk.

Zeker vijf zeer verschillende reconstructies van de Markus Passion zagen tot dusverre het licht. Drie jaar geleden baarde Jos van Veldhoven, artistiek leider van de Nederlandse Bachvereniging, opzien met zijn nieuwe visie op de Markus. En toen waren er al de Markussen van onderzoekers als Heighes, Irmen, Theill en Hellmann.

Geen van die reconstructies kon Ton Koopman geheel overtuigen. ,,Ik ben ongelooflijk eigenwijs,'' verklaart hij verontschuldigend. Maar de argumenten waarmee hij de aannames van zijn voorgangers van tafel veegt, zijn even overrompelend als de aandacht die hij met zijn Markus Passion genereert. Wat begon als een `aardig hobby-project' voor het Bach-jaar, mondde uit in een cd-opname en concerten in Nederland, Duitsland, Oostenrijk, Spanje, Portugal, Italië en de Verenigde Staten.

Voor het reconstrueren van muziek waarvan alleen de tekst is overgeleverd, gingen zowel Koopman als zijn voorgangers uit van een techniek die voor Bach en diens tijdgenoten een dagelijkse praktijk was: het `parodiëren' ofwel hergebruiken van reeds bestaande muziek onder een andere tekst. Het bestaande muziekstuk dat vorsers vóór Koopman veelal als basis voor hun muzikale reconstructie van het Markus-libretto kozen, was Bachs Cantate 198, bekend als de Trauer-Ode, in 1727 gecomponeerd voor de begrafenis van koningin Christine Eberhardine van Polen.

Juist in die aanname kon Koopman zich niet vinden. ,,Ten eerste: het slotkoor past niet. De Trauer-Ode eindigt met eenstemmig koor, terwijl het slotkoor van de Markus gaat over `Pein und Klagen'! Bij een dergelijke tekst verwacht je schrijnende chromatiek, geen eenstemmigheid. Ook de bezetting met twee fluiten en gamba's is gegeven de omstandigheden waaronder Bach het werk uitvoerde onaannemelijk. En bovendien: Bach componeerde de Trauer-Ode op tekst van de Leipziger literatuurpaus Gottsched, en die zou nooit hebben getolereerd dat muziek die voor zijn tekst was geschreven, zomaar zou worden hergebruikt.''

Er moesten andere mogelijkheden denkbaar zijn, vermoedde Koopman. Zijn grootscheepse cantate-project, waarin hij inmiddels de helft van Bachs ruim tweehonderd cantates voor Erato op cd heeft gezet en waarvan hij de tweede helft de komende vier jaar hoopt te voltooien, bood Koopman het ideale kader voor nader onderzoek. Drie jaar lang selecteerde hij cantate-materiaal dat qua sfeer en metrum mogelijk zou passen bij tekstfragmenten uit de Markus Passion.

,,Soms waren er tal van opties denkbaar, soms één, en soms geen. Van mijn keuze voor het beginkoor ben ik zeer overtuigd – daar was één mogelijkheid voor die perfect paste. Een gelukstreffer! Maar voor het slotkoor waren wel acht verschillende mogelijkheden. De meeste heel bruikbaar, bovendien.''

Het grootste probleem van elke Markus-reconstructie vormen ook niet de koralen, aria's en duetten, maar de recitatieven. Bach hergebruikte zijn zettingen voor recitatieven nooit, dus moesten er andere oplossingen komen. Jos van Veldhoven maakte gebruik van recitatieven uit de Markus Passion van de Italiaanse componist Peranda, die een eeuw vóór Bach leefde. Vaak ook werd uitgegaan van de Markus Passion van Reinhard Keiser, een tijdgenoot van Bach. Koopman haalt daarover de schouders op. ,,Weet je waarom men altijd op Keiser teruggreep? Omdat hij, net als Bach, begeleide Christus-recitatieven componeerde. Dat is de enige reden. En voor mij is die onbevredigend.''

Anders dan zijn voorgangers, was het Koopmans opzet te komen tot een reconstructie die voor `echt' zou kunnen doorgaan. Koopman besloot de recitatieven zelf te componeren, en juist daarin schuilt ook de aantrekkingskracht van zijn Markus-Passion. Voor het eerst klinkt een Markus Passion die van begin tot eind de sfeer van Bach getrouw blijft. En voor een leek is het verschil tussen de recitatieven van Koopman en die van Bach grotendeels onhoorbaar. Koopman: ,,Ik heb in mijn leven vermoedelijk ook meer recitatieven gespeeld dan wie ook. Het is blasfemie om te zeggen dat ik ze nu net zo goed als Bach kan componeren, maar ik geloof wel dat ik ze zo goed kan componeren als een normale tijdgenoot van Bach.

,,Ik heb componeren ook altijd ongelooflijk leuk werk gevonden. Toen ik nog op het conservatorium zat, heb ik Ton de Leeuw gevraagd om compositielessen. Hij weigerde, want ik componeerde niet `modern'. En dat is ook zo. Een geheel eigen passie componeren? Ach nee, een mens moet zijn grenzen kennen. Maar ik ben wél van plan filmmuziek te schrijven in barokke stijl. Minghella, regisseur van The English Patient, gaat een film maken over de muziek van Bach. Hij vroeg mij te assisteren bij het uitzoeken van de muziek en ook zelf wat te componeren. Ik heb meteen toegezegd.''

J.S. Bach, Markus-Passion door het Amsterdam Baroque Orchestra & Choir o.l.v. Ton Koopman m.m.v. Sibylla Rubens (sopraan), Christoph Prégardien (tenor) e.a. Erato 8573-80221-2 (2 cd)

Concerten: 24/3 Muziekcentrum Vredenburg Utrecht; 28/3 Concertgebouw Amsterdam.