De Haagse Staat

BRAM PEPER GING, ZWEEG EN MEPT TERUG...

Hoe zal Bram Peper straks herinnerd worden?

Als Groot-Acquisiteur van de Rotterdamse haven. Als groot verkwister van overheidsgelden. Of toch vooral als grote vechtjas?

Vanmorgen koos hij voor de rol van vechtjas. Vanaf zijn vakantieadres in Noorwegen liet hij de natie in een ,,exclusief'' interview met de Telegraaf weten dat hij het rapport van de Rotterdamse onderzoekscommissie over zijn declaratiegedrag beschouwt als ,,een aaneenschakeling van suggesties, leugens en halve waarheden''. Hij zal de commissie desnoods ,,wegens smaad en laster'' laten vervolgen en ,,nooit meer een stap in Rotterdam zetten''.

Een week geleden trad Bram Peper af, naar hij zei om zich als ,,vrij man'' te kunnen verdedigen. Afgelopen vrijdag, de dag dat het rapport verscheen, nam zijn advocaat Mentink de verdediging waar en bleef het voorwerp van onderzoek zelf geheel buiten beeld. Hij was inmiddels met partner op vakantie in Noorwegen. Hoezo vechtjas?, vroeg menigeen zich al af.

Maar vanochtend, in de Amsterdamse krant die weinig pookte in zijn Rotterdamse verleden, mept Peper hard terug. Hij voelt zich ,,op een schandalige wijze'' behandeld door zijn onderzoekers en spreekt van ,,een politieke afrekening'', waarbij hij ook het oog heeft op mensen uit zijn eigen partij, de PvdA. Nee, namen noemt hij nog niet, die mag voorlopig iedereen zelf invullen.

Peper zei het al op de dag van zijn aftreden: hij heeft geen talent voor het slachtofferschap. En hij gelooft nog altijd heilig in zijn eigen onkreukbaarheid. Zijn ambtsopvatting was er één waarbij hij zestien jaar lang, zeven dagen per week en vierentwintig uur per dag voor de stad beschikbaar was. En zijn reizen met partner Neelie Kroes, waarop hij vakantie en zakendoen combineerde, moesten worden gezien vanuit diezelfde ambtsopvatting. Peper: ,,Ik combineerde hoffelijkheid met geld verdienen.''

Hoe wil Bram Peper herinnerd worden? In ieder geval niet als leugenaar. Zijn cri de coeur vanuit Noorwegen: ,,Het is zo ongelofelijk dat niemand mij gelooft.''

...DE VERLEGENHEID VAN WIM KOK....

Verlegenheid was nog het minste wat je er van kon zeggen. Wim Kok toonde zich de afgelopen week ongemakkelijk in zijn rol van politieke baas van Bram Peper. Maandag na Pepers aftreden, dinsdag in het debat met de Tweede Kamer en vrijdag op zijn wekelijkse persconferentie, moest de premier en PvdA-leider rekenschap afleggen van zijn eigen handelen. En daar werd hij af en toe knap chagrijnig van.

Het was toch Wim Kok die in de afgelopen maanden een en ander maal had gezegd dat hij Peper volkomen vertrouwde en zich ,,vierkant'' achter zijn minister opstelde? Wim Kok, de zuinige zoon van Drees, die begrip toonde voor een vorstelijke bestuursstijl die Bram Peper als burgemeester van Rotterdam uitoefende, dat kon toch niet waar zijn?

Nee, dat is ook niet het geval. Kok hield zich zorgvuldig buiten het Rotterdamse dossier. Hij weigerde eerst tegenover Peper om diens bonnetjes in te zien. Hij liet de Kamer vervolgens weten dat hij ,,ver weg'' wilde blijven van het Rotterdamse onderzoek. En hij gaf de pers vrijdag te kennen dat hij geen scheidsrechter wilde zijn in de discussie of Peper nu wel of niet privé-uitgaven had gedeclareerd.

Het was de vertrouwde Wim Kok: argwanend over wat hij niet kent en met distantie over wat hij niet kan overzien.

Maar er was ook een andere Wim Kok: de premier die het opnam voor zijn oud-minister. Hij verloor niet alleen een collega, maar ,,een hele goede collega'', zei hij maandag. En, hij voelde zich niet door Bram Peper ,,genomen'', zei hij vrijdag. Kortom, hij had geen enkele behoefte zich als ,,aanklager'' van Peper op te stellen. ,,Peper is geen man die de gemeenschap heeft willen tillen'', zei Kok in zijn wekelijkse televisie-interview.

...EN HET ONGEMAK VAN DE PVDA...

Het is duidelijk: Wim Kok heeft dezer dagen twee boodschappen. Hij moet laveren tussen loyaliteit aan een collega en partijgenoot, die hem eerder als adviseur ook royaal van dienst was. En hij moet tegelijk voorkomen dat de Rotterdamse ,,rotzooi'' aan hem en zijn partij vastkleeft. Want het zijn voor een belangrijk deel PvdA'ers die in Rotterdam, de stad waar de sociaal-democraten zo lang dominant waren, in opspraak zijn. En het waren daarna in Den Haag PvdA'ers die Bram Peper als minister binnenhaalden.

Ad Melkert, zelf net aangetreden als fractieleider, droeg Peper bij de kabinetsformatie van 1998 als minister van Binnenlandse Zaken voor. In ieder geval tot verrassing van de coalitiepartners PvdA en VVD. Zij vroegen zich af of Job Cohen, toen nog de fractievoorzitter van de PvdA in de Eerste Kamer, maar een innemend bestuurder, geen logischer kandidaat was. ,,Die moet eerst nog een aantal jaren ervaring opdoen als staatssecretaris'', had Melkert zijn collega's te kennen gegeven.

Melkert droeg voor en Kok nam over. De PvdA-leider was gecharmeerd door de denkkracht van Peper, die actief had meegedacht aan de befaamde Den Uyl-lezing, waarin Kok in 1995 zijn ,,ideologische veren'' afschudde.

Na vandaag zullen de wegen van Kok en Peper zich definitief scheiden. Als de vechtjas Bram Peper daadwerkelijk besluit om de strijd met Rotterdam en de strijd met zijn Rotterdamse partijgenoten aan te gaan, is de oud-minister een risico-factor voor de PvdA. Dan zorgt hij ervoor dat de PvdA nog geruime tijd wordt geassocieerd met bestuurders die het in dienst van de publieke zaak niet zo nauw namen met het ,,mijn'' en ,,dijn''. Voor een partij, die zich nog altijd opwerpt als de partij van de kleine man en die een leider kent met een kreukvrij imago is dat een levensgevaarlijke situatie.

Hoe zou de PvdA zich het liefst Bram Peper herinneren? Als een oud-burgemeester die na zijn vertrek als minister voor lange tijd zijn mond houdt.

Agenda

De Tweede Kamer spreekt deze week (dinsdagmiddag en donderdagochtend) over de nieuwe organisatie voor de uitvoering van werknemersverzekeringen, waarover kabinet en sociale partners lange tijd onenigheid hadden.