Zacht gras

Om erosie tegen te gaan is zachte technologie soms te prefereren boven grootschalige projecten als de aanleg van dammen en terrasmuren. Het planten van vetiver-gras bijvoorbeeld.

IN DE JAREN TACHTIG werd in het Indiase Karnataka State door de autoriteiten besloten om de erosie van landbouwgrond aan te pakken met `tabletop levelling', een landbouwkundig terrasserings-programma. Daartoe werd met behulp van een lening van de Wereldbank een vloot bulldozers aangeschaft. Geïnteresseerde boeren dienden aan de uitvoering door aannemers een geldelijke bijdrage te leveren en moesten daartoe in veel gevallen een kostbare lening aangaan.

Nu is het bodemprofiel in die streken veelal ondiep. Men stuit al snel op de onderliggende rotsbodem. De aannemers waren eerder gewend aan wegenbouw dan aan het delicate werk van agrarische terrassenbouw. Het resultaat van het programma was een ramp. Door de moessonregens werden de onbeschermde terrassen eenvoudig weggespoeld. Teelaarde maakte plaats voor rots.

Hard engineering is dus niet altijd zaligmakend. Die aanpak berust doorgaans op een nadrukkelijke interventie in de bestaande situatie. De starre kunstwerken (dammen, terrasmuren) die worden opgetrokken zijn extra kwetsbaar voor erosie en verzakking. Bijkans per definitie zijn zulke werken, die gebruik maken van staal en beton en zwaar materieel, ongeschikt om de lokale bewoners en de lokale economie bij te betrekken. Bijgevolg is deze aanpak niet bij uitstek geschikt voor een bredere aanpak van de watercrisis in de wereld.

Een team van de Wereldbank, belast met de supervisie op de lening voor het terrassenbouw-programma in India, ging in 1987 eigenhandig op zoek naar alternatieve oplossingen. John Greenfield, als landbouwkundige aan het team verbonden, wist zich te herinneren dat hij in de jaren vijftig op Fiji een gras had aangeplant om erosie in de suikerrietplantages op het eiland te beteugelen. Bij navraag bleek die groene ingreep een doorslaand succes te zijn geweest. Er werd toen besloten om de mechanische terrassering te verruilen voor beplanting op de contouren met randen van gras. Dit hielp verdere erosieschade te voorkomen.

Het gebruik van gras heet ook wel een soft of green engineering-aanpak. Het is over het algemeen milieuvriendelijker, beter afgestemd op de fysieke en financiële middelen van de toekomstige gebruikers, veel minder grootschalig en op de lange duur bestendiger. Het Wereldbankteam raakte ervan overtuigd dat soft engineering op een veel grotere schaal zou kunnen worden toegepast, dat een betere balans gezocht kan en moet worden tussen de hard en soft engineering-methodes, die ook in combinatie kunnen worden toegepast.

Het is lonend de speurtocht naar bruikbare toepassingen van soft engineering te intensiveren. Al eeuwenlang beschermt Nederland zijn duinkust tegen winderosie met helmgras, en op de tropische eilanden van het Britse koloniale rijk is veelvuldig gebruik gemaakt van beplanting met grasheggen (hedgerows) bij de bestrijding van erosie en watergebrek op de suikerrietplantages. Maar na de Tweede Wereldoorlog verscheen de bulldozer ten tonele, de nazaat van de met rupsbanden uitgeruste tank. Vanaf dat moment werd de inzet van zwaar materieel een automatisme, zelfs bij de aanleg van simpele terrassen tegen erosie.

Natuurlijk zijn er veel plantensoorten, voornamelijk grassen, die zich lenen voor beplanting van erosiegevoelige hellingen. Maar één grassoort is door de jaren heen favoriet gebleven: de uit Noord-India stammende species Vetiveria zizanioides, ook wel bekend als vetiver of `khus-khus'-gras. Dit vetiver-gras onderscheidt zich van verwante grassoorten door het zeer weelderige wortelstelsel. Die wortels vormen aan de kroon een massale kluwen en daaronder, verticaal omlaag groeiend, een baard van fijne, zeer sterke wortels die tot drie meter – en onder speciale omstandigheden tot wel vijf meter – diep kan reiken en daarbij de grond op de helling verankert. De toepassing van dit altijdgroene gras, in rijen langs de op gelijke verticale afstand gelegen hoogtelijnen, levert de fameuze `thin green line against erosion' op. Bovengronds vormt de plant tot drie meter hoge stengels, gelijkend op die van olifantsgras, waarmee een smalle heg kan worden gevormd die minstens even dicht wordt als het ondergrondse gordijn van wortels. Aangezien afspoelende grond nauwelijks door deze barrière heendringt, vormt zich tussen de hagen een natuurlijk terras. De vetiver zelf groeit mee, en het groeit zeer snel. Het gras woekert niet en blijft staan waar het werd uitgezet. Ook is het nagenoeg steriel maar het laat zich eenvoudig stekken, een proces waarbij de pol wordt gesplitst.

Vetiver is van oorsprong een moerasplant. Ondanks die voorkeur is het zeer goed bestand tegen droogte. De tolerantie voor uiteenlopende zuurgraden, voor een brak milieu en zelfs voor een scala aan toxische stoffen is verbazingwekkend. Door deze eigenschappen leent vetiver zich zowel voor de bescherming van droge hellingen, als voor de bescherming van oevers en waterlopen tegen erosie en dichtslibbing. In de onderlopende `flood plains' van Queensland in Australië vormt vetiver een efficiënt alternatief voor strip cropping. Ook is het geschikt voor de bescherming van afvaldepots en pijpleidingen. Het is van nature een tropische plant, maar vetiver gedijt in de subtropen en is in China naar verluidt bestand gebleken tegen temperaturen tot een tiental graden onder het vriespunt.

Het gras moet uiteraard niet als een panacee worden beschouwd. Maar landbouwkundig onderzoek in terrasserings-projecten heeft uitgewezen dat vetiver-heggen de afvloeiing tot 30 à 40 procent van de gemeten regenval kan reduceren. Weinig gewassen zijn zo geschikt om regenwater te oogsten en landbouwgrond voor erosie te vrijwaren.

Vetivers diepwortelende eigenschappen, die het zelfs in verharde bodemlagen doen doordringen, dragen bij tot een verhoogd vochtgehalte in de ondergrond en verminderen daarmee de behoefte aan aanvullende irrigatie van het landbouwgewas. Een neveneffect hiervan is minder uitspoeling van kunstmest en bestrijdingsmiddelen, wat verdere besparing mogelijk maakt. Met de vetiver-techniek kan wellicht het extra water vastgehouden worden waar de productieverhoging van hoogwaardige landbouwgewassen in de tropen en subtropen al jarenlang om vraagt.

Vetiver is de afgelopen zes jaar ook doorgedrongen in de civiele techniek, mijnbouw en andere vakgebieden. Civiel ingenieurs in landen als Maleisië, China, Thailand, Australië, Zuid-Afrika en vele andere gebruiken nu vetiver-gras op zeer effectieve wijze bij de bescherming van taluds in de wegenbouw, bekleding van irrigatie en drainage kanaalsystemen, en restauratie van door vloed beschadigde kustwerken. Uit Honduras werd na de desastreuze passage van de orkaan Mitch bericht dat eerder met vetiver beklede, erosiegevoelige hellingen de vernielende krachten relatief goed hadden weerstaan. Een plaats waar vergelijkbare successen worden geboekt is Madagaskar. Madagaskar lijdt aan een erosieprobleem, zoals er in de wereld maar weinig van te vinden zijn. De oorzaak is te zoeken in massale ontbossing, maar ook in de onoordeelkundige aanleg van onbeschermde drainagesystemen, waardoor tijdens tropische stortbuien rivierwater in `soep' en de waterlopen in `canyons' veranderen. Madagaskar kleurt de Indische Oceaan letterlijk rood door de massale erosie van de rode zandstenen heuvels in het noorden van het eiland. Deze problematiek wordt nu structureel aangepakt met behulp van vetiver-aanplant. Veel onherroepelijke schade had voorkomen kunnen worden indien soft engineering op basis van beschermende grasbeplanting eerder was ingevoerd.

aftappen

In Thailand werd een ondergrondse pijpleiding voor bulktransport van olie, die dwars door het land loopt, beplant met een tapijt van vetiver gras. Zulke pijpleidingen komen vaak al binnen korte tijd weer bloot te liggen, vooral op erosiegevoelige hellingen, met alle gevolgen van dien. Een blootliggende pijpleiding loopt niet alleen gevaar door erosie. In Nigeria werd op grote schaal door de lokale bevolking brandstof afgetapt uit blootliggende pijpleidingen, wat daar heeft geleid tot ernstige ongelukken en schade aan het milieu. De pijpleiding in Thailand blijft tot nu toe door een dek van vetiver gras doeltreffend beschermd.

Ook in de lokale economieën worden steeds meer toepassingen gevonden. Thailand biedt een goed voorbeeld. Daar bestaat een uitgebreide nijverheid in met vetiver-gras vervaardigde gebruiksvoorwerpen. Wereldwijd wordt een extract van de wortels van vetiver gebruikt in de parfumindustrie. Het haksel van gemaaide stengels wordt in veevoer verwerkt, of als bodembedekking aangewend onder vrijstaande fruitbomen.

Sinds 1989 bestaat het Vetiver Netwerk (TVN). Ze wordt gerekend tot de eerste organisaties die bij het verspreiden van een enkele technologie optimaal gebruik gemaakt hebben van internet. In Ethiopië benutten een half miljoen boeren (meest vrouwen) het vetiver-systeem in de erosiebestrijding van hun op hellingen gelegen land. In Malawi is het gebruik in landbouwprojecten officieel overheidsbeleid. Op Madagaskar geldt datzelfde voor de aanleg van landbouwwegen. Aldaar heeft de Malgache Society of Engineers formeel vastgesteld dat het vetiver-systeem een zeer belangrijke en veelbelovende techniek is om het wegensysteem op het erosiegevoelige eiland te stabiliseren.

Ir. C. Des Bouvrie werkte dertig jaar bij de wereldvoedselorganisatie FAO en voor de Wereldbank.

Voor verdere informatie zie www.vetiver.com