Henry Rollins terug naar roots van de rock

Bijna was het vroegere Black-Flag-lid Sonny Rollins uit de popmuziek gestapt. Maar maandag treedt hij op in Amsterdam, met een nieuwe band. ,,Het is mijn taak te spelen in geest van Jimi Hendrix'', zegt Rollins.

Bijna had Henry Rollins de handdoek in de ring gegooid. Echte rockmuziek was hard op weg om uit te sterven, realiseerde de gespierde zanger zich na een uitputtende wereldtournee van twaalf maanden. Terug in Los Angeles leek het erop dat karikaturale groepjes als de Bloodhound Gang en Offspring bezit hadden genomen van de rock & roll. Met dergelijke stripfiguren wilde Henry Rollins niets te maken hebben: `Als dit muziek moet voorstellen, deze kinderliedjes gezongen door een stelletje onbenullen, dan stap ik eruit.' Zijn moedeloosheid veranderde echter in daadkracht, toen hij een cd hoorde van de groep Mother Superior: onversneden rock & roll, gespeeld in triobezetting en opgenomen in één of twee takes.

Hij lijfde gitarist Jim Wilson, bassist Marcus Blake en drummer Jason Mackenroth in voor een nieuwe bezetting van de Rollins Band, die op de cd Get Some Go Again ruiger en directer klinkt dan ooit. Terug naar zijn roots, want in 1981 behoorde Rollins als de negentienjarige zanger van de groep Black Flag tot de compromisloze pioniers van de Amerikaanse punkrock. Zijn dagboekaantekeningen van toen legde hij vast in de autobiografie Get In The Van, met onder meer de volgende herinnering aan een Rotterdams concert in mei 1984: `In al die Europese landen heersen verschillende gewoontes. Ik weiger te geloven dat de jongen die mijn been tijdens het optreden in brand probeerde te steken, zomaar een onaangepaste asshole was. Waarschijnlijk is het een oud Nederlands volksgebruik om zoveel mogelijk Yanks af te branden.' Zijn humor leidde al tijdens zijn Black Flag-dagen (1981-86) tot een nevencarrière als stand up comedian.

Get In The Van bevat de opmerkelijke uitspraak dat Henry Rollins niet het gevoel heeft dat hij geboren is om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Is dat niet wat vreemd, voor iemand die volle zalen trekt met zijn spoken word shows en die op elk groot rockfestival ter wereld heeft opgetreden? ,,Ik heb me daar overheen moeten zetten. In deze business kom je er niet onderuit om alsmaar met je hoofd in beeld te komen. David Lee Roth zei daarover: `als je het land koopt, krijg je de indianen erbij.' Interviews, fotosessies en videoshoots zijn nodig om de aandacht op je muziek te vestigen, dus wie ben ik om daarover te zeuren? Als ik daar niet tegen kan, had ik loodgieter moeten worden. Ik denk aan mijn eigen helden, zoals James Brown of Tony Iommi van Black Sabbath. Als ik zo iemand in de wasserette om de hoek tegenkwam, zou ik van ze verwachten dat ze mijn incoherente gestamel over hun fantastische muziek geduldig aan zouden horen. Daarom ga ik tegenwoordig wat coulanter om met de adoratie van mijn fans. Ik vertel ze niet meer meteen dat zo op moeten donderen.'

Een voordeel van zijn bekendheid, zegt Rollins, is dat hij zijn oude helden kan inschakelen bij opnamesessies. Zo werd gitarist Wayne Kramer van de legendarische sixties-rockgroep MC5 werd naar de studio gehaald, onder meer voor funky gitaarspel in het nummer LA Money Train, een hedendaagse protestsong over de excessen van het rijke en lege leven in Hollywood. ,,In mijn proefperiode bij Black Flag werd me door de rest van de band ingepeperd dat er maar twee belangrijke rockgroepen waren: de Stooges en de MC5. Ik ben meteen naar hun platen gaan luisteren, en allebei hebben ze een blijvende indruk achtergelaten. De politieke ideeën die de MC5 er op nahield, lijken nu achterhaald. Hun manager John Sinclair riep zichzelf uit tot leider van de zogenaamde White Panther-beweging, zonder zich te realiseren hoe beledigend dat was voor de echte Black Panthers. Zwarten werden daadwerkelijk onderdrukt, terwijl militante blanken altijd konden terugvallen op hun huidskleur om in het restaurant van hun keuze binnengelaten te worden, of om een poging te doen om onder de dienstplicht uit te komen. Er wordt weleens gezegd dat rockmuziek tegenwoordig niet meer de politieke lading heeft van eind jaren zestig, maar dat is geen wonder. In die tijd had iedereen, dus ook de meest vrijgevochten rockmuzikant, te maken met het feit dat hij naar Vietnam gestuurd kon worden. Je vrienden kwamen thuis in bodybags. In dat licht vind ik het nu een tamelijk lege geste, om me in teksten van popsongs druk te maken over misstanden in de wereld. Ik zie het als mijn taak om rockmuziek te maken in de geest van Jimi Hendrix en de MC5, zonder gekunstelde crossovers of hiphop-beats. Echte muziek schuilt niet in de videoclip die je bij je laatste single hebt gemaakt.''

Rollins heeft geen heimwee naar de tropenjaren met Black Flag, toen hij honderden kilometers in een busje van optreden naar optreden moest hobbelen. ,,Wat ik beslist niet mis, is het slechte eten, slapen op koude betonvloeren met een jas als deken, halsoverkop het podium op na een rit van twintig uur. Wat ik wel mis, is de eenvoud van de tijd dat ik niets anders bezat dan twee boeken, vier muziekcassettes en de kleren die ik aan had. Dat is mijn achtergrond, en mijn muziek komt nog steeds voort uit de gedachte dat ik niets te verliezen heb. Er is geen ruimte voor bullshit in mijn bestaan.''

Rollins Band: Get Some Go Again (Dreamworks 450 9712). Concert 20/3 Paradiso, Amsterdam.