De tunnelblik van een adrenaline-junk

Een `wildebrassie' in een judopak. Ben Sonnemans (28) is niet vies van een stootje en een porretje. Nu nog de Olympische Spelen. ,,Ik weet dat ik de beste ben.''

Geld voor later zal de sport hem niet opleveren. Maar judoka Ben Sonnemans hoopt wel dat zijn successen op de tatami hem straks een leuke baan bezorgen. ,,Het kan toch niet zo zijn dat al die jaren van inzet onopgemerkt blijven'', zegt de robuuste Haarlemmer, die voor de sport zijn heao-studie halverwege afbrak. ,,Ik pas in deze prestatiegerichte maatschappij. Ik neem een grote dosis doorzettingsvermogen en discipline mee. Dat is mijn ingang bij bedrijven. Topsport doet nogal wat met een mens.''

Op het eerste gezicht ook minder prettige dingen. ,,Ik was vroeger heel extrovert'', zegt Sonnemans. ,,Maar ik ben door het judo egoïstischer, meer gesloten geworden. Dat komt omdat ik op school altijd andere dingen deed dan mijn klasgenoten. Thuis at ik apart. Mijn bordje stond altijd in de magnetron. Want ik moest trainen. Nog steeds heb ik vaak geen tijd en zin om mijn gevoelens te uiten. Zit ik op een feestje aan tafel voor me uit te staren, omdat ik vlak voor een belangrijke wedstrijd sta. Ik kan niet anders. Je moet kortzichtig zijn om te kunnen presteren. De bekende `tunnelblik'. Het is niet leuk voor je omgeving, maar die opoffering heb ik er voor over.''

Hij noemt zich ,,een adrenaline-junk''. Hij moet bezig zijn. Daarom bestaat er geen grotere straf voor een topsporter als hij om thuis hulpeloos op de bank te moeten hangen. Hij maakte het vorig jaar na de operatie aan zijn zwaar gehavende linkerknie mee. ,,Ik voelde mijn lichaam tegensputteren. Maar wat moest ik? Ik kon niets. Ik heb veel liggen lezen, films gekeken en voetbal op de computer gespeeld. Je zoekt afleiding. Het zijn hobby's die passen bij iemand die zwaar lichamelijke inspanning verricht. Alleen lag ik op dat gebied stil. Na drie weken kwamen de muren op me af.''

En dat terwijl Ben Sonnemans de tijd zo goed kon gebruiken. Hij moest aan de slag om zich voor de Olympische Spelen te kwalificeren. De eerste, belangrijke wedstrijd – de WK in Birmingham – miste hij. Hij zag de kampioenschappen thuis op de Belgische televisie. ,,Ik heb veel gehad aan de opmerking van Herman Debrot, de conditietrainer bij mijn club Kenamju. Hij belde me meteen na de operatie op en zei dat ik die periode als verplichte vakantie moest beschouwen. Dat ik mijn hoofd leeg moest maken. En, beloofde hij, als ik weer wat kon doen, zou hij me in drie, vier maanden uit het slop trekken en me van boven steenhard maken. Hij heeft zijn woord gehouden. Op de dag dat ik buiggips kreeg, stond Herman met zijn `lelijke eend' voor de deur en zijn we aan de slag gegaan.''

Hij kende één heel moeilijk moment. ,,Ik ben er al die tijd vrij nuchter onder gebleven. Als sportman weet je dat je geblesseerd kan raken. Maar toch kwam de klap. Dat was toen ik na de WK werd gevraagd om wat mensen op te trommelen voor een feestje voor de medaillewinnaars van Kenamju. We hadden nogal wat te vieren. Ik realiseerde me ineens dat ik daar ook bij had kunnen staan. Dat deed pijn. Ik heb toen even als een klein kind staan huilen.''

Eerder dan verwacht stond Ben Sonnemans weer op de mat. Zijn eerste wedstrijd, op 13 februari in Parijs, was geen succes. ,,Ik raakte in een partij, die nota bene bijna binnen was, ineens beneveld in mijn kop, stortte van boven helemaal in. Het kwam waarschijnlijk omdat ik voor het laatst in de zomer van 1999 wedstrijdspanning had gevoeld.'' Hij baalde, maar raakte niet in paniek. ,,Want op de training ging het hartstikke goed. Ik kon de jongens weer lekker weggooien.''

Het kwam ook snel goed. In de daaropvolgende drie A-toernooien stond Sonnemans op het erepodium. In Boedapest werd hij eerste. Ondanks de successen is hij toch nog niet zeker van uitzending naar de Olympische Spelen. Want hij heeft in de gewichtsklasse tot honderd kilo een Nederlandse concurrent. De Haarlemmer werd op de WK vervangen door Martin van der Berg en die haalde met zijn zevende plaats verrassend een olympische nominatie binnen. Sonnemans las het nieuws op teletekst. ,,Daar schrik je dan best wel even van'', bekent hij. ,,Maar ik wist ook meteen dat een nominatie voor een land wordt verdiend en niet voor een persoon. Door Van der Berg werd het ineens wel belangrijk dat ik snel zou terugkomen. Ik móest nu ook gaan presteren. Aan de andere kant gaf zijn nominatie me ook enorme wilskracht. Ik ben meer gedreven dan in de tijd daarvoor.''

Van der Berg haalde na de WK weliswaar in Moskou ook nog een derde plaats, maar Sonnemans staat duidelijk voor op punten. Hij won bovendien in München een rechtstreeks duel van zijn concurrent. Maar volgens de regels van NOC*NSF kan Van der Berg hem nog steeds aftroeven op weg naar Sydney. En dat zorgt toch voor de nodige onzekerheid bij Sonnemans. ,,Ik vraag me weleens af waarom ze me nog niet definitief aanwijzen. Nu kan ik geen gas terugnemen. Ik heb het vier jaar geleden met Jessica Gal meegemaakt, die zich pas op het laatste moment plaatste. En toen was ze in Atlanta kapot. De frustratie daarover reageer ik soms op de training af door mijn tegenstander als afros-pop te gebruiken. In het buitenland begrijpen ze het helemaal niet. You Olympic? Nee, zeg ik dan, nog niet. Hoe kan dat nou, is hun reactie.''

Zijn vriendin heeft als supporter de reis naar Sydney al geboekt. ,,Ik heb haar al gewaarschuwd dat ik er misschien niet eens bij ben.'' Maar echt zorgen zegt Sonnemans zich niet te maken. ,,Ik weet dat ik de beste ben. Ook toen ik met die knie op de bank lag, heb ik nooit getwijfeld. Natuurlijk denk je in zo'n periode over een aantal zaken na. Je zet de dingen op een rij. Maar ik heb me niet afgevraagd of het het allemaal wel waard is geweest. Ik zal nooit genoeg van judo krijgen. Dat ik er geen geld voor krijg, heeft me ook nooit belemmerd. De erkenning alleen is al voldoende.''

Al lang geleden heeft hij geaccepteerd dat hij in tegenstelling tot collega's uit andere takken van sport niet rijk wordt van het judo. ,,Ik ben al blij met een paar centen voor een clinic of een wedstrijd in de Bundesliga. Ik ben instructeur bij de Koninklijke Marechaussee, krijg alle medewerking om te trainen, allemaal vlakbij huis. Dat heb ik te danken aan mijn sportprestaties. Ik weet dat die klote-voetballers al vette jeugdcontracten tekenen. Zo'n Anelka blijkt bij Real Madrid zeven ton in de maand te verdienen. En hij heeft er dit seizoen pas één bal ingeschopt. Waar haalt die gozer de air dan vandaan? Maar ja, de voetballers kunnen er zelf natuurlijk niets aan doen dat er zulke absurde salarissen worden betaald. Mijn zegen hebben ze, hoor.''

Het verschil in beloning zorgt weleens voor vermakelijke situaties. Sonnemans: ,,Ik ben om wat bij te verdienen jaren geleden chauffeur bij het tennistoernooi op Het Melkhuisje geweest. Had ik toptennisser Guy Forget in de auto. Toen hij van mijn judoloopbaan hoorde, vroeg hij of ik goed was. Ik zei dat als ik net zo goed zou kunnen tennissen als judoën, ik hoger dan hij op de wereldranglijst zou staan. Wat doe je dan hier, was zijn reactie. Ja, in Frankrijk is judo een grote sport en verdienen de toppers lekker. Hier in Nederland is er duidelijk iets misgegaan. In de jaren zestig werd het schaatsen door de successen van Schenk en Verkerk populair. Wij hadden in die periode Anton Geesink. Maar met zijn succes is niets gedaan.''

Toch zal Ben Sonnemans nooit beweren dat hij de verkeerde sport heeft gekozen. ,,Bij het judo ben je verantwoordelijk voor je eigen daden. Dat spreekt me aan. Als kind heb ik ook gevoetbald. Ik was toen al vrij groot en stond laatste man, niet vies van een porretje en een duwtje. Ik vind het nog steeds een leuke sport. Maar de laatste wedstrijd, die ik speelde, verloren we met 18-0. Dan verkies ik toch liever het egoïstische van een individuele sport boven het sociale van een teamsport.''

Hij was zes jaar toen hij kennismaakte met judo. Zijn vader kende trainer Cor van der Geest, met wie hij op kostschool had gezeten. ,,Die kleine van mij is een wildebrassie, zei hij tegen Cor. `Geef op, dat jochie', was de reactie van Cor'', vertelt hij. ,,Ik vond het meteen leuk. Dat kwam ook door het Sinterklaas-toernooi. Dan worden de finales voor de ogen van Sinterklaas gehouden. Dat maakt veel indruk op een kind. Ik zat net een maandje op judo, maar won het toernooi bij de zesjarigen. Ik zie mezelf nog met die beker staan. Daar is toen de toon gezet, denk ik.''

Hij kan gepassioneerd vertellen over de schoonheid van het judo. ,,Het is prachtig om een tegenstander in de luren te leggen en te lanceren. Het mooiste is dat hij met een grote, hoge boog plat op zijn rug stuitert. Daar zit dan alles in: kracht, snelheid, explosie en techniek. Zo'n actie moet uit je tenen komen. Dat moet je dan eens in slowmotion zien. Een snoeiharde ippon geeft een ongelooflijk lekker gevoel. Het gaat misschien iets te ver om het met een orgasme te vergelijken. Maar het komt wat betreft gevoel en beleving zeker overeen met dat prachtige doelpunt van Marco van Basten in de EK-finale van '88.''

Wie zijn hart heeft verpand aan een amateursport moet het geld dus vergeten en vooral hopen op olympisch succes. Dat zorgt voor eeuwige roem. Sonnemans, de Europees kampioen van 1997, heeft door de jaren heen een mooie erelijst opgebouwd, maar er ontbreekt nog wel een olympische medaille op. Hoewel de judoka zelf best trots is op zijn vijfde plaats van Atlanta. ,,Omdat iedereen er over praat hebben de Olympische Spelen iets magisch. Het is net zo knap om een prijs bij een WK of EK te winnen, maar een olympische medaille heeft veel meer aanzien. Zo'n prestatie blijft ook vier jaar staan.''

Bij Ben Sonnemans zelf zijn de gedachten aan de Olympische Spelen vastgeroest in zijn hoofd. ,,Er zijn wel momenten van ontspanning, hoor. Dat ik er niet aan denk. Dan heb ik het over uren. Als ik slaap bijvoorbeeld. Maar dat ik er een hele dag niet over praat of aan denk, is onwaarschijnlijk.'' Hij droomt ook regelmatig van judo, maar nog niet over Sydney. ,,Dat komt waarschijnlijk omdat ik nog niet zeker van deelname ben. Ik moet eerst in dat vliegtuig zien te komen. In die dromen zie ik wel dat het allemaal goed komt.''

Ben Sonnemans behoort gezien zijn recente prestaties tot de medaillekandidaten. ,,De Japanner Inoue is de grote favoriet. Daaronder is een groep judoka's, die bij de grote toernooien de prijzen pakt en her en der eens een partijtje verliest. Daar zit ik ook bij. Die knie is nu nog geen honderd procent. Maar ik weet dat straks de mogelijkheid op een olympische medaille er inzit. Ik moet het partij voor partij gaan aanpakken. De loting en de vorm van de dag zijn heel belangrijk. Vorm is iets ongrijpbaars. De woensdag voor het toernooi in Boedapest blokkeerde op de training mijn hele lichaam. Ik belde Cor van der Geest en zei hem dat het voor geen meter ging. Ik moest van hem tot de wedstrijd helemaal rust houden. Daarna judode ik de sterren van de hemel. Ik moet er op durven te vertrouwen dat het ineens kan omslaan.''

Medaille of geen medaille, na Sydney is het einde van Sonnemans' judoloopbaan nabij. ,,Ik ga straks de balans opmaken. Ik wil nog wel een WK meemaken, maar ik merk ook dat mijn lichaam door de jaren heen aardig versleten is geraakt. Een aantal plekken behoeft zorg. Ik moet nog wel veertig, vijftig jaar met dit lichaam verder. Basketballer Rik Smits laat zich in de NBA lek spuiten om te kunnen spelen. Maar vind je het gek? Een jaartje extra levert hem twintig miljoen gulden op. Als ik per seizoen vijf ton zou krijgen overgemaakt, zou dat mijn beslissing over het beëindigen van mijn carriere ook beïnvloeden. Dat lijkt me logisch.''