Zeg je zinnetje als dat kan

Het aanvaarden dat de macht van de liefde beperkt is, daar draait volgens Ivo van Hove `De dame met de camelia's' om. Van voorzichtig lezen tot een voorstelling.

Dinsdag 14 maart, half twaalf 's avonds in de Stadsschouwburg Eindhoven. Joost Prinsen haalt nog een pilsje voor hemzelf en voor Laus Steenbeeke. Nabespreking van de eerste voorstelling voor publiek van De dame met de camelia's. Rond de tafel in de kleedkamer zitten alle acteurs, sommigen met een kladblok voor zich. Regisseur Ivo van Hove vraagt waarom bepaalde zinnetjes niet op tijd werden gezegd, en waarom de openingsscène niet het vuur had dat er tot nu toe wel in zat. In de kantine bespreekt Jan Versweyveld, verantwoordelijk voor decor en licht, met de technici wat er vanavond niet goed ging. Dat vieren en hijsen van die enorme kerstballen, dat moet anders, die zaten de acteurs in de weg. Overmorgen is de première. Veel details zullen nog worden aangepast, maar de voorstelling is klaar om getoond te worden.

Zes weken eerder, dinsdag 1 februari, twee uur 's middags in het repetitielokaal van Het Zuidelijk Toneel in Eindhoven. Alle acteurs, sommigen met een kladblok, zitten rond de tafel. Na een snelle kennismakingsronde begint het voorlezen van de eigen rol. Aan tafel zit ook Judith Herzberg, zij heeft La dame aux camélias, het toneelstuk van Alexandre Dumas fils, vertaald. Een enkele keer wil ze een woord vervangen, met broze stem doet ze voor hoe een zelfgekozen drinklied wat haar betreft gezongen moet worden. Geleidelijk veranderen de lezers in acteurs. Steven van Watermeulen, hij zal de minnaar spelen, spreekt zacht en nadrukkelijk. Chris Nietvelt laat als de courtisane Marguerite meteen tragiek doorklinken.

De dame met de camelia's is geënsceneerd in zes weken tijd, maar voorafgaand aan de eerste bijeenkomst met de acteurs was een stel mensen al maanden bezig. Dramaturg Bram De Sutter verdiepte zich in Dumas junior en zijn tijd, Jan Versweyveld had zijn ontwerp voor het decor al klaar, want de bouw daarvan werd uitbesteed en het ontwerp moest vroeg af zijn. Inge Büscher dacht al na over de kostuums. En regisseur Ivo van Hove formuleerde zijn visie op het stuk.

Falende liefde, daar draait het volgens Van Hove om. Zelfs de grootse, oprechte liefde van haar minnaar kan de courtisane Marguerite Gautier niet verlossen van het stigma van haar beroep. Alexandre Dumas fils schreef zijn roman in 1848 als een aanklacht tegen zulke verkettering, maar ook als een smeuïg melodrama. Drie jaar later bewerkte hij zijn succesvolle boek tot toneelstuk, en in 1853 maakte Verdi er de opera La Traviata van. Onverwoestbaar is het, vooral tegen de achtergrond van Dumas' persoonlijke drama.

Marguerite Gautier werd gemodelleerd naar Marie Duplessis, maîtresse van de schrijver. Twee jaar nadat hij haar verliet stierf zij, 23 jaar oud, aan tuberculose. Vervuld van schuldgevoel schiep Dumas fils – zoon van de schrijver van De drie musketiers en diens minnares – zijn heldin: de jonge courtisane Marguerite. Door iedereen begeerd en onderhouden door rijke minnaars leeft ze in een wereld van nachtelijke soupers, weelderige boudoirs en elke avond naar het theater. Armand Duval, zoon uit de hoge bourgeoisie, verleidt haar met echte liefde en ze zweert haar Parijse bestaan af. Idyllisch geluk is hun deel, totdat de vader van Armand eist dat Marguerite zich terugtrekt, haar liefde offert, ten gunste van het huwelijk van Armand met haar onschuldige zusje. Armand, die hier niets van weet, denkt dat hij wordt verlaten en maakt Marguerite te schande. Net als hij de ware toedracht heeft ontdekt, sterft zij in zijn armen.

Topmodellen

Marguerite is als de camelia die ze altijd op haar japon draagt: mooi in de avond, verwelkt in de ochtend. Courtisanes waren wat nu de topmodellen zijn. Volslagen afhankelijk van hun uiterlijk moeten ze heel jong beginnen en in korte tijd veel binnenhalen, want na hun dertigste worden ze afgedankt. Er zijn meer parallellen te bedenken tussen de 19de-eeuwse tearjerker en het heden. De opkomende burgerij die, smijtend met aan de speeltafel vergaarde fortuinen, de oude adel verdrong, dat doet denken aan jonge Internet-miljonairs die traditionele ondernemers op de beurs uitlachen.

Het is niet de benadering van Van Hove. Hij wil tijd en omstandigheden van het stuk doorgronden, recht doen aan het origineel. ,,Had Dumas onze voorstelling kunnen zien, hij zou het geweldig moeten vinden.' Historische correctheid ontbreekt in de uiteindelijke voorstelling, maar boudoir en souper zijn gehandhaafd.

Een week na de eerste lezing zitten de acteurs nog altijd rond de tafel, nu om het stuk in detail te ontleden. Elke zin wordt geproefd, betekenissen worden uitgeprobeerd en bediscussieerd. Het schaarse Nederlands klinkt verrassend hard tussen het zachte Vlaams. Van Hove en zijn dramaturg zorgen voor toelichting, zowel bij de specifieke omstandigheden van het stuk (De Sutter: ,,De polka was toen een soort house, hele hippe muziek') als de motivatie van de personages. Elke zin moet duidelijk zijn, maar de tekst moet niet helemaal worden `dichtgespijkerd'. Anders blijft er geen ruimte meer over voor tijdens het repeteren, waarschuwt Van Hove.

Stukje bij beetje verwoordt Van Hove zijn visie op het stuk. ,,Dit is geen liefdesdrama, het is een sociaal drama. Vergelijk het met Fassbinder: bij elke liefdesrelatie is de maatschappelijke context dominant.' Steven van Watermeulen protesteert: ,,Maar dan bestaat er dus geen liefdesdrama?' Van Hove: ,,Er bestaat maar één liefdesdrama, dat is Romeo en Julia.' Regelmatig wordt er verwezen naar stukken die Van Hove eerder regisseerde, om de acteurs met wie hij eerder werkte op een bepaald spoor te zetten.

Aan het einde van de middag stelt Van Watermeulen de vraag die de anderen lijken in te slikken. Het is mooi om al die zinnen te analyseren, maar wat wil het stuk eigenlijk vertellen? De Sutter noemt het een sneer naar een maatschappij, die de courtisane tegelijk verheerlijkt en verkettert. Dumas fils confronteert het publiek met zijn eigen vooroordelen, door iedere toeschouwer aan het slot de dood van Marguerite te laten betreuren. Van Watermeulen tegen Van Hove: ,,Maar wat wil jíj er mee vertellen?' Van Hove vertelt over de liefde die geen verandering teweeg kan brengen, over liefde die `als een slappe raket eindeloos in het heelal rondzwalkt'. Hij zegt dat er maar één optie is: aanvaarden dat de macht van de liefde beperkt is, dat wellicht alleen God mensen kan veranderen.

Een van de acteurs zegt: ,,Maar die conclusie, die aanvaarding, die tref ik niet... ' Van Hove onderbreekt hem: ,,Dat komt later. Tot op de laatste drie bladzijden heb ik het redelijk voor elkaar, daarna wordt het moeilijk.'

Ter inspiratie gaan de acteurs gezamenlijk kijken naar Breaking the Waves, de film van Lars von Trier waarin hoofdpersoon Bess zichzelf vernedert en opoffert, uit onvoorwaardelijke liefde voor haar man.

Blinde woede

,,Komaan!' roept Van Hove, terwijl hij achter de tafel vandaan springt. ,,Geen zinnen zeggen, alleen maar ontlading! Je moet ontploffen, je hebt reden om haar in elkaar te slaan!' Aansporingen voor Steven van Watermeulen, die als Armand Duval zijn blinde woede moet botvieren op de Marguerite van Chris Nietvelt.

Het is twee weken later in het repetitielokaal. Van Watermeulen en Nietvelt, Armand en Marguerite, repeteren het vierde bedrijf. De eerste ontmoeting na de verwijdering. Temidden van andere feestgangers hadden ze al even om elkaar heen gedraaid, nu zijn ze met z'n tweeën. Zij koestert haar geheim over haar offer, hij zijn verbittering over haar vermeende verraad. De scène eindigt met Marguerite's publieke vernedering door Armand, die des te meer schrijnt omdat zijn haat ongefundeerd is.

Van Hove is niet tevreden met de woede-uitbarsting, hij probeert iets anders: een onverschillige Armand. Dat werkt zeker niet. Terug naar de woede, maar dan wel `plus 200 procent, Steven!'. Opeens is de ontploffing daar, Van Watermeulen schreeuwt het uit. Van Hove springt weer op: ,,En nu drie keer achter elkaar, je wilt haar afmaken!' In de tekst spreekt Armand van een `een harteloos, trouweloos meisje', maar dat laatste woord blijkt inmiddels gewijzigd in `slet'. Nietvelt zakt onder al dit geweld langzaam in elkaar, maar Van Hove wil dat ze haar rug recht houdt. Van Watermeulen, na afloop: ,,Dit was wel een beetje in de richting?' Van Hove: ,,Absoluut.'

Even later is het vijfde bedrijf aan de beurt. De slotscène, de ontknoping aan het sterfbed. Woede maakt plaats voor sereniteit. Nietvelt ligt op een onhandig bedje, gedrapeerd op een paar smalle houten plankjes. Van Hove: ,,Dit moet een zeer liefdevolle scène worden.' Lachend: ,,Eindelijk, er mag gevreeën worden.' En liefdevol is het, zoals Van Watermeulen Nietvelt behoedzaam benadert, haar van het bedje tilt, onhandig met haar slappe lichaam rondwandelt. Van Hove: ,,Harmonieus moet het zijn, zonder drift of opwinding.' Beide hoofdrolspelers weten al dat ze deze scène zo meteen naakt zullen spelen, ze maken er grappen over.

De bedrijfsarts komt kijken en inspecteert na afloop van de repetitie het bedje. Hij is er niet gerust op. Ergonomisch is het niet verantwoord, en het metaal is niet afgebraamd. Nietvelt zou zich kunnen bezeren. Zijn zorgen worden weggewuifd: het bedje wordt nog bekleed.

De drie scènes van vanmiddag hebben het hele stuk in drie fasen samengevat: de liefdesverklaring, de verbittering en de verzoening. Marguerite brengt het offer, Armands perspectief zorgt voor de voortgang van het verhaal, maar als het er om gaat wie van de twee zich het meest ontwikkelt, ontlopen ze elkaar niet veel. Hij gaat van liefde langs woede naar schaamte, zij van cynisme via liefde naar deemoed. Maar zijn route is egocentrisch en die van haar tragisch. Dat maakt Marguerite tot een duurzamere heldin.

Balscène

Twaalf dagen later, een dag nadat de voorstelling voor het eerst achter elkaar is gespeeld. Tijd voor grapjes is er niet meer. De stemming is gespannen, Van Hove is prikkelbaar. Doorgaans toont hij zich aimabel, nu kan hij zijn ongeduld niet verhullen. Opnieuw klinkt zijn dwingende `Komaan!', dit keer bij de vrolijke balscène, met gokkende heren en rondhuppelende dames. De opwinding, het dansen, het moet sneller. Van Hove: ,,Jullie wachten op je cue, maar dan lukt deze scène nooit. Zeg je zinnetje als dat kan. Een beetje een rommel moet het zijn. Niet van dat vlekkeloze toneel.' Dat is geen statement, het slaat alleen op deze uitbundige scène. Een volgende scène wordt weer tot in de puntjes doorgesproken.

Het gezelschap heeft zich verplaatst naar de Eindhovense Stadsschouwburg, co-producent van de voorstelling. In de zaal zitten Van Hove, Versweyveld en regie-assistente Ietje Visser achter een tafel. Op het podium staat het decor, drie wanden die zich met licht en rekwisieten makkelijk laten transformeren tot een andere ruimte. De muziek van Marc Meulemans, variërend van easy listening tot weerbarstige elektronische klanken, is prominent aanwezig, soms de dialogen overstemmend. De kleding is licht en sensueel, met een paar felgekleurde accenten. Opeens komt de voorstelling snel dichterbij.

Nu is het vooral de mise-en-scène die gerepeteerd wordt. Elke opkomst wordt exact aangegeven, bewegingen worden vastgelegd. Veranderd wordt er nog wel, bijvoorbeeld in de slotscène. Marguerite ligt op haar bedje te sterven, alleen nog gekleed in een rode glitterslip en een hemdje. Armand komt, in pantalon en overhemd, naar haar toe en tilt haar op. Als ze tegenover elkaar staan moeten ze elkaar ontkleden. Van Hove: ,,Steven, je had dat vestje al uit kunnen hebben.' Andersom klopt het ook nog niet: ,,Chris, dat gaat veel te praktisch, dat hemd moet gewijd van z'n schouders vallen, alsof je in de Sixtijnse Kapel staat.'

Omdat het blijft haperen suggereert Van Hove om Armand in hemd en onderbroek op te laten komen. Het wordt uitgeprobeerd en akkoord bevonden. Voortaan gaat Armand net zo gekleed als Marguerite.

De opkomst zonder broek leek een vreemde opwelling. Maar bij de try out afgelopen dinsdag is het duidelijk. Het klopt.

`De dame met de camelia's' van Alexandre Dumas fils door Het Zuidelijk Toneel. Toernee t/m 22 april. Inl. (040) 246 06 56.