VS furieus over gestegen olieprijs

Amerikanen winden zich steeds meer op over de hoge olieprijs van de laatste maanden.

Protesten over stijgende Amerikaanse brandstofprijzen nemen toe. Congresleden in Washington willen alle financiële en militaire hulp aan OPEC-landen afsnijden.

Een subcommissie van het Huis van Afgevaardigden wijdde een aparte zitting aan de prijsstijgingen, die benzine in twee weken twaalf dollarcent duurder hebben gemaakt. Een Amerikaan betaalt nu gemiddeld meer dan anderhalve dollar (3,38 gulden) per gallon (3,8 liter). Minister van Energie Bill Richardson sprak tegenover de commissie het vertrouwen uit dat de prijzen spoedig weer zouden dalen als de OPEC tijdens zijn vergadering van 27 maart besluit de productie weer op te voeren. Analisten zeggen dat als dat niet gebeurt de prijs gemakkelijk de twee dollar kan halen. Dan zou het een belangrijk politiek onderwerp in de verkiezingen worden.

Het voorstel om hulp aan olieproducerende landen stop te zetten vond brede politieke steun en is vooral bedoeld om druk uit te oefenen op de OPEC-leden die op 27 maart in Wenen bijeenkomen. ,,Laten we eerlijk zijn, wij hebben hen verdedigd tijdens de Golfoorlog maar we hebben geen garantie dat zij de Amerikaanse weggebruiker niet de oorlog verklaren'', aldus Congreslid Brad Sherman, een Democraat uit Californië gisteren. Huis en Senaat buigen zich allebei over een dergelijk wetsvoorstel en de president zal worden gedwongen snel een standpunt in te nemen. Het debat heeft echter ook binnenlandse politieke kanten.

Nu al staan Democraten en Republikeinen tegenover elkaar in het aandragen van oplossingen voor de hoge prijzen.

Een voorstel om de federale accijns van 4,3 dollarcent tijdelijk af te schaffen vindt geen aanhang onder Democraten. Republikeinen beschuldigen presidentskandidaat Al Gore ervan dat hij die accijns heeft ingevoerd. Richardson zei dat de staat Texas een accijns heft van twintig dollarcent per gallon. Gouverneur George W. Bush, presidentskandidaat voor de Republikeinen, zou om te beginnen die twintig cent maar eens moeten intrekken.

Een ander voorstel om de prijs gunstig te beïnvloeden is het aanspreken van de Amerikaanse strategische reserve van 600 miljoen vaten. Consumentenorganisaties zien dit als een de meest voor de hand liggende oplossingen, aangezien het hier gaat om een olievoorraad die met belastinggeld is aangelegd. Grote voorvechter ervan is de voormalige senator Howard Metzenbaum. De president voelt er echter weinig voor.

Via e-mail is een spontane actie op gang gekomen om op 7, 8 en 9 april niet te gaan tanken. Deze zogeheten `gas-out' zou een protest kunnen zijn dat indruk maakt. De aanhangers ervan zeggen: ,,Tank zoveel je wilt voor en na die dagen, maar bezoek geen pomp van 7 tot en met 9 april.''

Industrieorganisaties verwachten dat de prijs na 27 maart, als de OPEC in Wenen vergadert, waarschijnlijk zal gaan dalen.