Serviërs werken niet meer mee

De Servische gemeenschap van Kosovska Mitrovica in Noord-Kosovo heeft na de nieuwe rellen van gisteren een campagne van burgerlijke ongehoorzaamheid afgekondigd. Ze wil zich niets meer aantrekken van de vredesmacht KFOR.

Gisteren raakten de Serviërs bij een van de bruggen over de Ibar – die de stad scheidt in een Servisch en een Albanees deel – slaags met Franse KFOR-soldaten. Die probeerden aan de Servische kant de wijk Klein-Bosnië af te zetten, om Albanese inwoners in staat te stellen naar hun vroegere woningen in Klein-Bosnië terug te keren. De Serviërs wilden dat verhinderen. Ze kwamen in opstand toen de KFOR-soldaten vier Servische vrijwilligers, die op de brug de toegang tot Klein-Bosnië controleren, wegstuurden. Volgens de Serviërs zijn de wachtposten een garantie tegen Albanese wraakacties. De Albanezen zeggen de Servische wijk niet binnen te durven als de wachtposten blijven. En KFOR wil dat alleen inwoners van Klein-Bosnië het recht krijgen in de wijk te komen.

Bij de rellen werden vijftien Serviërs gewond. Bij twee mensen, gewond door verdovingsgranaten van KFOR, moest een voet worden geamputeerd. Ook enkele KFOR-soldaten en diverse journalisten liepen letsel op.

KFOR wil op korte termijn ook bij de tweede brug over de Ibar een poging doen de Servische wachtposten weg te krijgen. Die brug is de afgelopen maanden vaker het toneel geweest van geweld tussen KFOR, Albanezen en Serviërs. De vredesmacht gaat ervan uit dat pas een daadwerkelijk begin kan worden gemaakt met de hereniging van de stad als KFOR als enige de controle over beide bruggen in handen heeft. Het VN-bestuur in Kosovo, UNMIK, zal tweehonderd extra politiemannen – Jordaniërs en Pakistanen – naar Mitrovica sturen. KFOR gaf de Servische brugwachters bij wijze van compromis toestemming tot dertig meter van de brug te komen. (AFP)