Mutter verbaast met nostalgische blik op Beethoven

Na de twee wat teleurstellende Brahmsconcerten van de Wiener Philharmoniker en dirigent Seiji Ozawa (Haydn zelf zou dinsdagavond bij de Haydn-variaties in slaap zijn gevallen), geeft nu het Koninklijk Concertgebouworkest Beethovenconcerten met een discutabel programma. Kurt Masur, de vertrekkende chef-dirigent van het New York Philharmonic Orchestra, zou aanvankelijk het Divertimento van Bartók en Chain II van Lutoslawski dirigeren, maar die werden afgevoerd wegens gebrek aan repetitietijd. Mozarts Vioolconcert in G KV 216 werd vervangen door Beethovens Vioolconcert met Anne-Sophie Mutter als soliste. Alleen Beethovens Eerste symfonie bleef op het programma.

Zo ontstond een muzikaal wat schamel en een zeker een half uur te kort Beethovenprogramma, want met alleen de Eerste symfonie in de oren kan men toch niet na 21 minuten artistiek voldaan naar de pauzebuffetten. De Derde (`Eroica') of de Vijfde waren ambitieuzer keuzes geweest voor een wereldberoemd orkest en een befaamde Duitse dirigent, liefst nog voorafgegaan door een Leonore-ouverture of de ouverture Coriolan.

Het concert bood wel twee radicaal verschillende stijlopvattingen, waarvan de nog niet dove Beethoven zeker zou hebben opgekeken. De Eerste symfonie (op 2 april aanstaande 200 jaar geleden in première gegaan) bracht de frisse onstuimigheid van de componist die in C groot en met een afwisseling van puntig en roerig en spits en martiaal de nieuwe muzikale 19de eeuw inluidde.

Het zes jaar later geschreven Vioolconcert klonk als een nostalgische terugblik op de laat romantische sfeer, waarin de componist honderd jaar later aan het begin van de vorige eeuw werd bezien als de `God van de muziek'. Het tempo, in de Eerste symfonie nog vast en vooruit-strevend, varieerde hier tussen razendsnel (virtuoos gespeelde delen in de cadensen) en gestolde emotie: een bijna karikaturale demonstratie van het hollen-of-stilstaan-rubato waarom Mengelberg nog altijd wordt verguisd.

Het was meer effectvol dan stijlvol musiceren, waarbij 's werelds best betaalde violiste door Masur en het Concertgebouworkest voortreffelijk werd bediend. Maar al dat extreme was wél fascinerend (dat ze dat kán, dat ze dat dúrft!) en het epateerde natuurlijk enorm. Mutter kan geweldig spelen en ze ging daarin tot de technische grenzen van langzaam en pianissimo. Zelden hoorde men dit zo chique en streng-elegante Vioolconcert zó verbazingwekkend maniëristisch en ordinair-lekker, zelfs met flageolet-achtige tonen. De zaal was stupéfait en groepjes muziekliefhebbers bleven nog lang discussiëren.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Kurt Masur m.m.v. Anne-Sophie Mutter, viool. Gehoord: 15/3 Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 16/3. 17 en 19/3 met i.p.v. Vioolconcert de suite Romeo en Julia van Prokofjev. Radio: 19/3 14.15 uur Avro Radio 4.