Drie termijnen

De laatste tijd is herhaaldelijk gesproken over de al dan niet wenselijkheid van een mogelijke derde termijn voor Kok als minister-president.

Onder verwijzing naar de verschijnselen die optraden in de nadagen van het beleid van buitenlandse staatslieden als Mitterrand en Kohl (en alhier Lubbers), die meenden zodanige macht te hebben dat zij zich buitenissigheden konden gaan veroorloven, is het dienstig nu te kijken hoe het premier Kok vergaat.

In 1998 gaf hij het slechte voorbeeld door Docters van Leeuwen af te schieten aleer enig gecontroleerd bewijsmateriaal op tafel lag (dat is er nog steeds niet). Van recente datum zijn het verloochenen van een van de grondstenen van ons rechtssysteem: een man een man, een woord een woord (het `tijdelijke' kwartje van Kok), het op zijn minst onverstandige advies aan de koningin om rustig `privé' naar Lech te gaan, het aantasten van de vrijheid van publiceren (via de PvdA opleggen van een publicatieverbod van delen uit het dagboek van een PvdA-Kamerlid) en de ietwat pedante verklaring dat de schriftelijke Japanse excuses voor hem voldoende zijn en het op eigen houtje aankondigen een buiging voor Indonesië te maken. Dat alles binnen het kader van een `gezonde' democratie.

Ten aanzien van de ministers Pronk, Borst en Netelenbos kunnen overeenkomstige opsommingen worden gemaakt.