De Gaulle en Europa

Columnist Heldring (NRC Handelblad, 22 februari en 3 maart) en hoogleraar Stuurman (29 februari) verwijten elkaar dat zij iets niet begrijpen. Dat klopt. Zij begrijpen het geen van beiden.

Ten eerste was De Gaulle's denkbeeld dat van een `Europa van de naties'. Zie de Nouveau Petit Robert, lemma nation. Hij zag overigens België niet als `natie', Nederland wel.

Ten tweede betekent `supranationaal': bovenstatelijk. Een `supranationale staat' (Stuurman) kan dus niet. Europa wordt een confederatie (=statenbond) en dus supranationaal. Elke confederatie, zoals de 17de-eeuwse Nederlandse Republiek en de 19de-eeuwse Duitse Bond, heeft supranationale instellingen. De EU heeft (nauwkeuriger gezegd: de drie Europese Gemeenschappen hebben) er nu vijf: Raad, Commissie, Parlement, Hof en Rekenkamer. Er komt ongetwijfeld een Europese confederale, dus supranationale krijgsmacht.

Een federatie daarentegen heeft niets supranationaals. De VS, Duitsland, Zwitserland, België zijn gewoon nationale staten. De VS dragen echter een verkeerde naam: dit zijn geen `verenigde staten', het is één verenigde staat.

Ten derde begrijpen de twee opponenten Frankrijk niet. In de Franse opvatting is niet de staat soeverein, maar de natie. Deze is een afzonderlijke rechtspersoon, onderscheiden van zowel `volk' als `staat': Le principe de toute souveraineté réside essentiellement dans la Nation (Verklaring van de rechten van de mens en sindsdien in de Franse grondwet). De natie zelf kan echter niet handelen. Dus de staat, met zijn staatsinstellingen, handelt namens de natie. Dat is precies wat De Gaulle op 15 mei 1962 zei: alleen de staten kunnen handelen.

Ik voeg daaraan toe: staten kunnen ook handelen door niet de soevereiniteit, maar wel zekere bevoegdheden, over te dragen aan bovenstatelijke instellingen. Dat is wat nu in Europa gebeurt.