`Jongeren op het rechte pad houden'

De pas aangetreden ambassadeur van Marokko, Alami, wil proberen Marokkaanse jongeren uit de criminaliteit te houden. `Uw probleem is ook ons probleem.'

Kort na zijn aankomst in Nederland ging hij poolshoogte nemen in een paar moskeeën. Incognito. ,,Anders zou de imam in zijn preek rekening houden met mijn aanwezigheid. En ik zou niet te horen krijgen wat er echt speelt.'' Dr. Nourdine Benomar Alami, de nieuwe ambassadeur van Marokko in Nederland, bezocht vervolgens de gevangenis in Scheveningen. Twintig procent van de gevangenen daar is van Marokkaanse afkomst. ,,Om te horen hoe ze in de criminaliteit zijn beland. En om ze advies te geven. Ik heb gezegd dat ze altijd bij mij kunnen aankloppen voor hulp en dat ze zich aan de Nederlandse wet moeten houden.''

Alami was directeur van een ziekenhuis, burgemeester van Rabat, minister van milieu en verkeert in koninklijke kringen. Upperclass, zeker. Maar de ambassadeur – hij is nu een kleine vier maanden in Nederland – wil zijn werk niet beperken tot borrels en etentjes. ,,Ik ben een stier, een doordouwer. Ik wil dingen gedaan krijgen.''

Wat dan? Zoals elke ambassadeur: de banden tussen zijn land en Nederland verbeteren en de economische betrekkingen intensiveren. ,,Mijn doel is de Nederlandse investeringen in Marokko in twee jaar met dertig procent te verhogen.''

Hij is een vertegenwoordiger van `het nieuwe Marokko', zoals hij het zelf uitdrukt. Alami laat trots een ingelijste foto zien: vier kersverse ambassadeurs, recent benoemd door de jonge koning, Mohamed VI. Hun taak: de banden met in Europa woonachtige Marokkanen aanhalen, vooral ook met de tweede en derde generatie. En de beeldvorming veranderen. De ambassadeur benadrukt dat ,,95 procent van de Marokkanen in Nederland geen problemen veroorzaakt''.

Maar Alami wil meer. Die vijf procent die wél in de criminaliteit belandt, de hoge schooluitval, daar moet nodig iets aan gedaan worden. ,,Ik zou kunnen zeggen: dat is niet mijn probleem, maar een probleem van de Nederlandse overheid. Dat zeg ik dus niet. Ik zeg: uw probleem is ook ons probleem. Ik voel mij verantwoordelijk en wil meewerken aan een oplossing.''

Hoe?

Alami: ,,Er zijn tweede generatie jongeren die succesvol zijn op allerlei terreinen. Hen wil ik om mij heen verzamelen, als een soort adviesraad voor verschillende dossiers. Nu is er bijvoorbeeld de discussie over de positie van vrouwen bij echtscheidingen. Ik heb vier hoogopgeleide vrouwen die met mij meedenken over voorstellen aan de Nederlandse regering.''

En ten aanzien van de criminaliteit?

,,Ik ben in Gouda geweest en heb daar met de burgemeester gepraat. Hij heeft verteld over de problemen met een deel van de Marokkaanse jeugd. Ik ga een actieplan opstellen, samen met verschillende jonge Marokkanen. De oplossing voor de criminaliteit is niet de gevangenis of de politie, maar de dialoog. Dus wil ik die groep jongeren die in een schemerzone verkeert, confronteren met leeftijdsgenoten die wel hun weg hebben gevonden. Geslaagde jongeren kunnen voor anderen als voorbeeld dienen, hen aanspreken en begeleiden. Ik wil de top in contact brengen met de basis.''

De Nederlandse overheid heeft regelmatig kritiek geuit op bemoeienis van de Marokkaanse autoriteiten met haar gemeenschap in Nederland. Hoe ervaart u dat?

,,Ik denk dat de Nederlandse autoriteiten de boodschap oppikken, dat de Marokkaanse overheid bereid is te helpen. Een beter signaal voor vriendschap is er niet. Behalve de burgemeester van Gouda heb ik de burgemeesters van Rotterdam en Den Haag gesproken. Zij zijn ook zeer geïnteresseerd in samenwerking.''

Veel Marokkanen hebben juist het idee dat de betrekkingen tussen Nederland en Marokko weinig voorstellen.

,,Dat is ook zo, dat is een zwakte. Nederland heeft niet veel interesse getoond voor Marokko. Zowel de politiek als zakenmensen kennen Marokko slecht. Ze hebben het aan Frankrijk gelaten. Een deel van dat probleem ligt bij de Marokkaanse overheid, die in het verleden weinig mogelijkheden voor investeringen heeft gecreëerd.''

Er liggen plannen voor officiële bezoeken van premier Kok, minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken), Tweede-Kamervoorzitter Van Nieuwenhoven en prins Willem Alexander aan Marokko. Alami: ,,Zo leert Nederland Marokko beter kennen.''

Vindt u dat Marokkanen voldoende in Nederland geïntegreerd zijn?

,,Ik zie dat dat niet op alle gebieden slaagt. Ik ben voor integratie, want degenen die niet integreren, vallen tussen de wal en het schip. Maar ik vind ook dat je een lijntje naar Marokko moet houden. Als je hier niet slaagt, kan je tenminste nog in Marokko een leven opbouwen. Er zijn werklozen in de problemen. Voor hen is die band van belang.''

Er wordt ook gezegd dat die band met Marokko de integratie juist bemoeilijkt. Impliciet wordt daarmee ook kritiek op de ambassade geuit.

,,Het is een vergissing dat je de band met je thuisland voor honderd procent kunt verbreken. Zelfs de meest geïntegreerde Marokkanen volgen nog hun eigen tradities.''

Maar de Nederlandse regering hoopt juist dat de Marokkaanse gemeenschap zich volledig op Nederland gaat richten.

,,Daar ben ik het dus niet mee eens. Ik ben voor integratie, maar niet voor assimilatie. Je afkomst zit in je bloed, dat kan je niet veranderen.''