Handheld GPS

Wie op survival-tocht zijn reisgenoten nog dacht te imponeren met een Zwitsers zakmes, zal inmiddels wel begrepen hebben dat hij achterloopt – hij moet een tool hebben. Zo kan hij ook niet meer aankomen met een peilkompas – de moderne avonturier draagt tegenwoordig een handheld GPS bij zich. De eerste GPS in horlogeformaat is onlangs door Casio op de markt gebracht, maar ook andere fabrikanten beijveren zich om de GPS kleiner te maken.

Het Global Positioning System (GPS) is vijftien jaar geleden door het Amerikaanse ministerie van Defensie in het leven geroepen. Het bestaat uit een twintigtal satellieten waarvan de baan door een grondstation nauwkeurig wordt bepaald. De satellieten zenden voortdurend hoogfrequente radiosignalen uit die op aarde ontvangen kunnen worden. Door deze signalen onderling te vergelijken kan een GPS-ontvanger de positie bepalen waarop deze zich bevindt. De militaire nauwkeurigheid is verbazingwekkend: tot op enkele meters nauwkeurig. Voor burgers is het signaal zodanig bewerkt dat de nauwkeurigheid iets geringer is: tot op enkele tientallen meters.

Op schepen en in auto's worden meestal robuuste GPS-ontvangers gebruikt met een externe antenne en 12 voltsvoeding via het boordnet, maar de handheld ontvangers op batterijen doen in mogelijkheden nauwelijks voor de vaste onder. Ook zij kunnen honderd of meer posities (waypoints of landmarks) onthouden, ze kunnen de snelheid berekenen, de afgelegde weg, ze geven de richting aan tot een opgegeven doel en ze bezitten allerlei plot-mogelijkheden. Dat laatste houdt in dat je van tevoren een route inprogrammeert en dat je gaandeweg kunt zien hoe je van de route afwijkt.

De meeste GPS-en, ook de tegenwoordige handheld, kunnen met een kabeltje aangesloten worden op een pc. Van veel land- en zeekaarten bestaat tegenwoordig een elektronisch equivalent, zodat het mogelijk is je eigen positie op de kaart af te beelden. In de stuurhut zie je zo het eigen schip over de kaart varen. Omgekeerd kunnen ook allerlei kaartposities met enkele muisklikken in de GPS-ontvanger opgeslagen worden.

De nieuwste generatie GPS-ontvangers kan zelfs zelf een ruw kaartje op het beeldschermpje afbeelden. Voorlopig zijn er nog niet veel kaartprogramma's voor de GPS verkrijgbaar, maar dat is hard aan het veranderen. Voor de ontvangers van Garmin, bijvoorbeeld de Street Pilot van circa ƒ1200,–, is al een hele serie stadsplattegronden van Europese hoofdsteden verkrijgbaar – erg handig voor als je je door de asfaltjungle moet ploegen. Het wachten is op betaalbare kaarten van gebieden waar je echt kunt verdwalen.

Wat heeft de wandelaar of fietser aan een handheld GPS? Niet zo heel veel als hij geen goede landkaart bij zich heeft. De meeste landkaarten bezitten geen aanduidingen van geografische lengte- en breedtegraden. Alleen topografische kaarten (stafkaarten) bezitten die wel. Zonder zo'n gradenindeling is het moeilijk om vooraf vast te stellen welke coördinaten het doel heeft. Op een kaart zonder gradenindeling kun je zelfs met uitsluitend de coördinaten van je GPS niet eens aanwijzen waar je zit. Een goede kaart blijft dus belangrijk. (Zonder kaart kun je de weg naar het kamp wel terugvinden als je op de thuisbasis zo slim was om de positie vast te leggen.)

Maar ook zonder kompas blijft het moeilijk lopen. De GPS geeft wel aan in welke richting je moet, maar hij doet dat toch in graden. Pas als je een beetje op weg bent en er flink de vaart inhoudt, kun je in sommige plot-programma's zien of je in de goede richting gaat.

De eerste generatie handheld GPS-ontvangers waren zogeheten multiplex ontvangers, waarbij hooguit vier satellieten tegelijk werden ontvangen. Die GPS ontvangers zijn nog te krijgen voor dumpprijzen van rond de ƒ200,–. Wanneer ze eenmaal de positie bepaald hebben, houden ze hem redelijk vast. Maar het duurt enige tijd voordat ze de positie hebben. Om de zoektijd te bekorten is het zaak de GPS goed te initialiseren, dat wil zeggen tijd en locatie zo nauwkeurig mogelijk schatten.

De nieuwe generatie twaalfkanaals-ontvangers kan twaalf satellieten tegelijk volgen. Het initialiseren kan beperkt blijven tot het invoeren van het land (als het geen VS of Brazilië is). Het zoeken gaat veel sneller. Ook is het stroomverbruik gunstiger dan bij die van de eerste generatie. Deze begon al na enkele uren te melden dat de batterij opraakte. Een moderne GPS kan al gauw 24 uur standby staan op twee penlights.