Ouderen moeten langer doorwerken

Oudere werknemers moeten langer aan het werk blijven. Het kabinet is gisteren akkoord gegaan met een pakket maatregelen dat zowel werkgevers als oudere werknemers daartoe moet stimuleren.

Op dit moment werkt één op de drie mensen van tussen 55 en 65 jaar. Daardoor wordt onvoldoende gebruik gemaakt van de kennis en ervaring van oudere werknemers, zo vindt het kabinet.

Premier Kok zei gisteren na afloop van het kabinetsberaad dat de regering een poging gaat doen ,,een omslag te bewerkstelligen in de lage participatiegraad van oudere werkenden in het arbeidsproces, want er is een toenemende behoefte aan hun deelname''.

De maatregelen worden voorgesteld in de nota `Bevordering arbeidsdeelname ouderen' die minister De Vries en staatssecretaris Hoogervorst (beiden van Sociale Zaken en Werkgelegenheid) naar de Tweede Kamer zullen sturen. De plannen zijn mede gebaseerd op een advies van de Sociaal-Economische Raad.

De vakbeweging reageert gematigd positief op de plannen. ,,Het is een stap in de goede richting, maar er moet veel méér gebeuren'', zegt de woordvoerder van de vakcentrale CNV. Daarbij denkt de vakbond aan scholing voor oudere werknemers, aangepaste werktijden en arbeidsomstandigheden. ,,De werkgevers laten het er wat dat betreft vreselijk bij zitten'', aldus het CNV. De werkgeversorganisaties willen de kabinetsplannen eerst bestuderen voordat ze met een reactie komen.

Voor werkgevers moet het financieel aantrekkelijk worden om werklozen van vijftig jaar of ouder in dienst te nemen, omdat er een korting komt op de afdracht loonbelasting en premies sociale volksverzekeringen. Er komt ook een onderzoek naar de kansen die oudere werknemers op de arbeidsmarkt hebben.

Als die kansen behoorlijk blijken te zijn, overweegt het kabinet de sollicitatieplicht voor 57,5-plussers weer in te voeren vanaf halverwege het jaar 2002. Dat geldt echter alleen voor mensen die vanaf dat moment werkloos worden, niet voor degenen die dan al werkloos zijn en een ontheffing van de sollicitatieplicht hebben.

Het kabinet wil ook dat belemmeringen in pensioen- en VUT-regelingen voor mensen om langer door te werken worden weggenomen.

,,Oudere werknemers die in de laatste jaren van hun carrière een stapje terug doen, zullen daarvan in de hoogte van hun pensioen geen negatieve gevolgen meer ondervinden'', zo staat in een verklaring die Kok gisteren naar buiten bracht. VUT-regelingen moeten snel worden omgezet in prepensioen- en flexibele pensioenregelingen.

Aan de huidige fiscale ondersteuning van de VUT wordt daarom een eind gemaakt.

[Vervolg Ouderen: pagina 3]

Kok wees er gisteren op dat de verhoging van de arbeidsdeelname van ouderen dringend noodzakelijk is met het oog op de toekomst. Onderzoek wees uit dat het aantal oudere werknemers in 2030 verdubbeld moet zijn om de huidige sociale zekerheid in stand te houden. Dat is bovendien een voorwaarde om de economische groei te kunnen handhaven. Die groei is weer nodig om de oplopende kosten in de zorg betaalbaar te houden.

De toename van het aantal oudere werknemers is een zaak van langere adem, zei Kok gisteren. Het kabinet streeft er dan ook naar de arbeidsdeelname van 55- tot 65-jarigen met jaarlijks driekwart procentpunt te laten toenemen. Daarbij wordt vooral gemikt op de groep die nu nog 40 tot 45 jaar is.

De regering hecht sterk aan de bevordering van de arbeidsdeelname van ouderen en wil dat punt daarom steevast op de agenda's van het voor- en najaarsoverleg met de sociale partners geplaatst.

Het is van groot belang dat de uitstroom van oudere werknemers wordt beperkt, meent het kabinet. Bedrijven moeten daarom een leeftijdsbewust personeelsbeleid voeren en investeren in het op peil houden van kennis en vaardigheden bij werknemers op leeftijd. Daarbij is het van groot belang dat goed op arbeidsomstandigheden wordt gelet. Dat zijn zaken waarvoor de sociale partners een zware verantwoordelijkheid moeten nemen, stelt het kabinet. Werknemers moeten zich instellen op een langduriger loopbaan en een geleidelijke afbouw van bestaande uittredingsregelingen.

De Regeling afdrachtvermindering langdurig werklozen biedt werkgevers een korting op de afdracht van loonbelasting en premies voor de volksverzekering voor elke langdurige werkloze die ze aannemen. Nu wordt voorgesteld om voor ouderen vanaf 50 jaar de eis van een minimale werkloosheidsduur van zes tot twaalf maanden te laten vervallen en het salarisniveau waarvoor de regeling geldt te verhogen van 130 naar 150 procent van het minimumloon.

Volgens Kok is sprake van ,,een nieuwe tijd, nieuwe omstandigheden en andere feiten.'' Hij doelt daarbij op het begin van de jaren tachtig, toen de massale jeugdwerkloosheid werd bestreden door ouderen te vragen met vervroegde uittreding plaats te maken voor jongeren op de arbeidsmarkt. ,,Dat is formidabel gelukt,'' aldus Kok. ,,Maar nu is de participatiegraad wel heel laag. We zijn met België de laagste van heel Europa.''

De premier vindt dat de oudere werknemers de gang van zaken niet moeten zien als het afpakken van een verworven recht. ,,Heel veel ouderen vinden een grote satisfactie in hun dagelijks werk, dat moet niet worden vergeten. En daarbij: vissen is natuurlijk leuk, maar niet elke dag misschien.''