Nederland investeert weer in Zuid-Afrika

Vele tientallen Nederlandse ondernemers zijn de laatste jaren in Zuid-Afrika neer- gestreken. Kansen liggen er vooral voor het midden- en kleinbedrijf, zoals IT-ondernemer Ernst Spaans bewijst.

De Nederlandse ondernemer Ernst Spaans (36) gaat zijn omzet in Zuid-Afrika dit jaar vertienvoudigen. Die verwachting durft hij wel uit te spreken. Tien jaar geleden ging hij ,,alleen en met niets'' naar Zuid-Afrika. Zes jaar lang probeerde hij voet aan de grond te krijgen met het importeren van levensmiddelen als koffie en chocopasta. Het was geen succes.

Drie jaar geleden schakelde Spaans over op informatie- en communicatietechnolgie (ICT). En zie, business is booming. Zijn bedrijf, Africa Satellite Corporation, met inmiddels tien werknemers, is service provider in Zuidelijk Afrika voor onder andere British Telecom en Inmarsat. Hij levert `communicatiediensten' aan transportbedrijven, aannemers en mijnbouwondernemingen. Vorig jaar bedroeg zijn omzet zes miljoen rand (circa twee miljoen gulden). ,,Ik onderhandel nu over diverse contracten met een omzet per maand die ik eerder als jaaromzet nog niet haalde'', zegt Spaans.

Go South, Young Man! Op een receptie in de residentie van de Nederlandse ambassadeur te Pretoria, woensdagavond, hieven tientallen Nederlandse ondernemers het glas met een parlementaire delegatie uit Den Haag die de afgelopen weken Zuid-Afrika bezocht.

Twee Nederlanders op leeftijd, Wim Goedhart en Cees Holtes, maken zich los uit het feestgedruis op het terras om in de salon van de ambassadeur te vertellen over het ondernemersklimaat in hun tweede vaderland.

Omstreeks 1992, toen Goedhart en Holtes met pensioen gingen na tientallen jaren werken in Zuid-Afrika, richtten zij ,,als hobby'' een Zuid-Afrikaans-Nederlandse Kamer van Koophandel op. Goedhart, ex-Unilever, over die dagen: ,,Doordat Nederland altijd voorop had gelopen met campagnes tegen apartheid waren alle Nederlandse bedrijven hier zo'n beetje vertrokken. Veertien multinationals hadden nog wel een vestiging in Zuid-Afrika, maar verder was er vrijwel geen enkele Nederlandse ondernemer meer te vinden. De investeringen moesten dus zowat van de grond weer worden opgebouwd.''

Goedhart en Holtes wisten ,,twintig vrindjes'' zover te krijgen dat zij een startkapitaal leverden voor de nieuwe Kamer van Koophandel. Nu, acht jaar later, werkt de Kamer volledig `selfsupporting', met veertien personeelsleden: tien in Zuid-Afrika en vier in Nederland. Circa vierhonderd bedrijven hebben de afgelopen jaren de sprong naar Zuid-Afrika gewaagd, waaronder vijftig grote.

Maritieme bedrijven, havenbedrijven, informatietechnologie en chemische industrie – daar liggen volgens Goedhart en Holtes dé kansen voor Nederlandse ondernemingen. Niet voor niets ging minister Netelenbos (Verkeer en Waterstaat) afgelopen herfst met een handelsmissie van tientallen ondernemers naar Zuid-Afrika, voor wie Goedhart en Holtes ,,vele honderden afspraken'' hebben geregeld. ,,Daar zijn ontzettend goede contacten uit voortgekomen'', zegt Holtes, ex-chief executive voor diverse ondernemingen.

Nederland is de vijfde handelspartner van Zuid-Afrika en de negende investeerder in dit land. De laatste jaren groeit dit investeringsvolume met telkens 30 procent. Sinds de vrije verkiezingen van 1994 is er voor zeven à acht miljard gulden door Nederlandse bedrijven in Zuid-Afrika geïnvesteerd. Het zijn geen onaanzienlijke cijfers, maar echt groot in Zuid-Afrika is Nederland niet. Grote investeringen komen vooral van de Britten.

Diplomaat Simon Smits, op de ambassade in Pretoria belast met handelsbetrekkingen, noemt Zuid-Afrika ,,een hele interessante markt'', maar hij wil de zaken ook weer niet overdreven rooskleurig voorstellen. Een belangrijk knelpunt vormen de nog altijd sterk bureaucratische regels voor werk- en verblijfsvergunningen. Smits: ,,De autoriteiten onderkennen dit probleem, maar met een versoepeling wil het nog niet erg vlotten.''

Onder president Nelson Mandela is in Zuid-Afrika de economische `gear-politiek' ingezet, gericht op versnelling van de economische groei, het scheppen van banen en herverdeling van welvaart. Het land heeft jaarlijks 6 procent economische groei nodig om telkens 400.000 `schoolverlaters' aan het werk te helpen. Dat is de laatste jaren verre van gelukt, onder meer als gevolg van de Azië-crisis die Zuid-Afrika onevenredig zwaar heeft getroffen. Voor dit jaar wordt een groei van het bruto binnenlandse product van ruim 3 procent verwacht.

Voor het scheppen van banen hebben de Zuid-Afrikanen weinig te verwachten van de overheid en van grote ondernemingen. De overheidssector maakt een periode van koude sanering door. Grote ondernemingen, vooral in de mijnbouwsector, voelen in toenemende mate de tucht van de wereldmarkten, waarvoor Zuid-Afrika stap voor stap wordt opengebroken.

Nieuwe banen zullen vooral moeten komen van het midden- en kleinbedrijf. Juist daar liggen kansen voor Nederlandse investeerders en ondernemers, onderstreept diplomaat Smits. Hij somt diverse voorbeelden op van jonge ondernemers die zich met succes in Zuid-Afrika hebben gevestigd: met een `lodge' in het Krugerpark, met een bedrijf in zelfontworpen verlichtingsarmaturen, met een onderneming in design kantoormeubilair. Smits: ,,Inmiddels is hier in Zuid-Afrika een krachtige uncle- en cousin-netwerk gegroeid. Wie zich hier meldt, wordt meteen bij de hand genomen.''

Zuid-Afrikaans-Nederlandse Kamer van Koophandel: www.sanec.co.za