Miljoenen uit EU-budget aan partijen besteed

De Europese federaties van politieke partijen zijn jarenlang voor een groot deel gefinancierd door de Europese Unie, hoewel daarvoor geen enkele regeling bestaat.

Volgens Ton Beumer, de secretaris-generaal van de Partij van de Europese Sociaal-democraten, komen de Europese organisaties van politieke partijen in ,,een organisatorische en financiële crisis'' als hun financiering niet snel officieel wordt geregeld. Hij zegt dat niemand overziet met hoeveel miljoenen EU-gelden de partijen in de loop der tijd gesteund zijn.

Het betreft behalve de Europese Sociaal-democraten, waarbij de Nederlandse PvdA is aangesloten, ook de Europese Volkspartij, waartoe het CDA behoort, de Europese Liberale, Democratische en Hervormingspartij, waarvan de VVD en D66 deel uitmaken, de Europese Federatie van Groene Partijen, waaraan GroenLinks meedoet, en de Democratische Partij van Europese Volken. Deze Europese overkoepelende partijen hebben nationale politieke partijen als leden.

In een binnenkort te verschijnen rapport van de Europese Rekenkamer over het Europees Parlement wordt de wijze van financiering van de Europese politieke partijen onder de loep genomen. De voorzitters van de Europese partijen lopen vooruit op te verwachten kritiek op de grotendeels duistere financiering van hun partijen. In een brief aan de voorzitter van de Europese Commissie, Romano Prodi, hebben de partijvoorzitters gevraagd om medewerking voor een snelle officiële financiële regeling.

De Europese regeringsleiders hebben in 1991 in het Verdrag van Maastricht de Europese politieke partijen vermeld wegens hun belang voor de Europese integratie. Maar er is voor de Europese partijen geen enkele financiële regeling gemaakt.

Volgens Beumer hebben nationale politieke partijen slechts beperkt geld ter beschikking gesteld aan de Europese partijen. Een groot deel van het geld en de middelen van de partijen is afkomstig van de EU-begroting.

De politieke fracties in het Europees Parlement sluizen jaarlijks naar schatting van Beumer ongeveer acht procent van de 35 miljoen euro die zij aan EU-gelden ontvangen aan de Europese partijen door. Bovendien gebruiken Europese partijen zonder betaling kantoor- en vergaderruimten, tolken en communicatiemiddelen van het Europees Parlement.

In de begroting van het Europees Parlement staat de kostenpost Europese politieke partijen, maar daarvoor wordt geen enkel bedrag opgevoerd.

De Europese Sociaaldemocraten hebben voor dit jaar officieel een begroting van 470.000 euro. Daarvan wordt 55 procent betaald door aangesloten nationale politieke partijen en de rest door de socialistische fractie in het Europees Parlement. De vijftien stafleden hebben de status van parlementaire stafleden, wat betekent dat ze fiscaal voordeliger uit zijn dan wanneer ze onder de Belgische belastingen zouden vallen.

De Europese Volkspartij is buiten het Europees Parlement in een eigen gebouw gevestigd. Bij deze partij is slechts de helft van de staf van 14 personen in dienst van het parlement. Maar de EVP-fractie sluist meer contant geld door naar de partij dan de socialisten: jaarlijks 440.000 euro. De Europese liberale partij is net als de groenen in het parlementsgebouw gevestigd. De parlementaire fracties van deze partijen betalen ook direct of indirect hun stafleden van respectievelijk zes en twee personen.

Beumer hoopt dat snel een einde komt aan de ondoorzichtige financiering. Volgens hem komt de ,,informele aanwezigheid van Europese partijen in het Europees Parlement niet overeen met de hoge standaarden die voor alle EU-instellingen gelden''. Hij zegt: ,,Ik hoop vooral dat men geen gekke dingen gaat doen en het Europees Parlement de handen van de partijorganisaties aftrekt''. Hij meent dat de overkoepelende Europese partijen van groot belang zijn omdat zij de leiders van politieke stromingen in de EU samenbrengen en een belangrijke rol spelen bij pogingen om de Europese burgers meer bij de EU te betrekken.

De Europese partijen hebben de Europese Commissie gevraagd om voor hen een ontwerp statuut te maken en dit aan de Europese Raad van Ministers en het Europees Parlement voor te leggen. In een voorontwerp waarover de vijf partijen het zelf al eens zijn wordt financiële steun van de EU voorzien naast bijdragen van de aangesloten nationale politieke partijen en sponsors. De Europese partijen zouden hun financiën openbaar moeten maken en verantwoording moeten afleggen aan de Europese Rekenkamer. Bovendien zou het statuut opgenomen moeten worden in het Verdrag van de EU.

In afwachting van een definitieve regeling willen de socialisten voorlopig dat in de begroting van het Europees Parlement een bedrag wordt vermeld dat voor Europese politieke partijen wordt bestemd. Bovendien hebben de socialisten de andere Europese partijen voorgesteld om jaarlijks hun begrotingen openbaar te maken.