Grondbezit

Beleggers die een hekel hebben aan het hectische en hijgerige van aandelenbeurzen hoor je weleens verzuchten dat ze eigenlijk het liefst in land, grondbezit dus, zouden beleggen. Ondernemingen komen en gaan, maar vraag naar land – om te pachten of om te kopen – is er immers altijd. En naarmate de wereldbevolking groeit, wordt grond schaarser en lijkt de waarde alleen maar te kunnen toenemen. Voor het kleine, eivolle Nederland moet dat wel in verhevigde mate gelden.

Het feit dat chique, rijke families vanouds vaak ook grootgrondbezitters waren, versterkt het idee dat grondbezit voor de echt lange termijn een veilige haven is temidden van de woelige beleggingsbaren.

Toch komen weinigen er in de praktijk toe om in land te beleggen. Als land van eigenaar wisselt, blijken de kopers en verkopers bijna altijd boeren te zijn. De markt is ondoorzichtig en als gewone burger kom je er nauwelijks tussen.

Zo door de oogharen gezien valt het pleidooi voor land moeilijk aan te vechten. Maar moet die burger er echt rouwig om zijn dat hij niet aan de bak komt?

Een paar dingen worden nogal eens over het hoofd gezien. Bijvoorbeeld dat land dat nog bij boeren in gebruik is, een extreem laag direct rendement geeft. Een verpachte hectare grond waarvoor je misschien dertigduizend gulden betaalt, geeft een opbrengst van zo'n achthonderd, duizend gulden. Rond de 3 procent dus; amper genoeg om de inflatie bij te benen. En als straks jaarlijks Vermeends forfaitaire vermogensrendementsheffing van 1,2 procent moet worden betaald, dan wordt grondbezit helemaal een dure hobby.

Natuurlijk fantaseert een aspirant-grootgrondbezitter niet over de pachtinkomsten, maar over de waardestijging die optreedt als de bestemming van landbouwgrond kan worden gewijzigd in (huizen)bouwgrond. Een hectare land waarop je mag bouwen kan makkelijk een miljoen opbrengen. Maar wie daar op speculeert, is wel volledig afhankelijk van het ondoorzichtige getouwtrek tussen enerzijds gemeentelijke, provinciale en rijksoverheden en anderzijds projectontwikkelaars. Bovendien is de kans dat jouw weilandje door de politiek wordt aangewezen als beschermd natuurgebied misschien wel groter dan dat het een bouwlokatie wordt. Ben je dan bezig met rustig beleggen voor de lange termijn?