De rol van John McCain is nog lang niet uitgespeeld

Na een stormachtige campagne heeft John McCain de Republikeinse voorverkiezingen verloren. Maar zijn rol is nog niet uitgespeeld. Want McCain straalde een combinatie van zelfverzekerdheid en oprechtheid uit, waar Bush en Gore voorlopig alleen maar van kunnen dromen, meent Juurd Eijsvoogel.

De Democraten kunnen hun geluk nog amper geloven. Hèbben de Republikeinen een keer een kandidaat die de harten van de kiezers sneller doet kloppen, en dan willen ze hem niet. Liever gaan ze de presidentsverkiezingen in met de onbeproefde kandidaat van de partijleiding, dan met de man die de beste kansen had om Al Gore te verslaan bij de presidentsverkiezingen in november.

John McCain heeft Amerika de afgelopen maanden iets bijzonders laten zien. Zijn grootste prestatie was niet dat hij de absolute favoriet George W. Bush twee keer versloeg in belangrijke voorverkiezingen. Dat was een sterk staaltje en een schok voor veel Republikeinen, maar niet het opmerkelijkste. De verrassing van het fenomeen-McCain was dat in het hele land zoveel kiezers, van heel verschillende achtergrond en politieke overtuiging, oprecht aangestoken werden door het enthousiasme van zijn campagne.

Het was te zien in de zaaltjes waar McCain sprak, maar ook in de opiniepeilingen. Deze kandidaat was anders dan andere politici, hij dwong niet alleen respect af maar wist ook te inspireren. Hij imponeerde met zijn ervaring, zijn humor, zijn eigenzinnigheid, zijn directe, populistische stijl, zijn tirades tegen de invloed van het grote geld in Washington en natuurlijk ook met zijn verleden als oorlogsheld. Voor het eerst sinds mensenheugenis hadden de Republikeinen weer eens een kandidaat die cool was, schreef een commentator in The Washington Post. Eigenhandig wist hij de opkomstcijfers in de deelstaten waar hij campagne voerde vrijwel te verdubbelen.

In een land waar bij de laatste presidentsverkiezingen minder dan de helft van de kiezers opkwam, is dat hoopgevend voor de hele politieke klasse. De kiezers waren misschien toch nog niet helemáál onverschillig geworden na de teleurstellingen van de stukgelopen `Republikeinse revolutie' van New Gingrich, de hele en halve schandalen van de regering-Clinton en de bittere strijd van het impeachment-proces.

Maar enthousiasme en brede steun bleken niet genoeg. McCain nam teveel afstand van de Republikeinse partij en de kiezers die bij voorverkiezingen gaan stemmen. En dus moest hij donderdag erkennen dat een meerderheid van de Republikeinse kiezers hun voorkeur heeft uitgesproken voor Bush. ,,Ik respecteer hun beslissing'', voegde hij daaraan toe, zonder overigens te zeggen dat hij ook de man die hem verslagen heeft respecteert.

John McCain heeft de voorverkiezingen verloren, maar zijn rol is nog niet uitgespeeld. Hij bezwoor zijn aanhangers, en ook zijn tegenstanders, dat hij de zaak waarvoor hij staat niet opgeeft: hervorming van het politieke systeem, de strijd tegen invloed van geldschieters op de politiek. Die belofte was meer dan een pleister op de wonde voor iedereen die zo vurig gehoopt had dat hij in januari het Witte Huis zou betrekken. Het was meer dan een voor de hand liggende toezegging om nog een positieve draai te kunnen geven aan zijn nederlaag. Het was een signaal aan George W. Bush en Al Gore, dat ze na deze stormachtige voorverkiezingen, die de kandidaten bij elkaar zo'n 250 miljoen dollar hebben gekost, niet kunnen doen als het hoofdstuk McCain is afgesloten.

Bush en Gore zijn zich daar ook terdege van bewust. De grote strijd tussen de Republikein en de Democraat is begonnen, maar boven het slagveld hangt de schaduw van McCain. Allebei zijn ze meteen begonnen om de gevarieerde groep kiezers te paaien die McCain wist te mobiliseren. In navolging van McCain is Bush zich ook een hervormer gaan noemen. In zijn toespraken duikt het woord hervorming nu op in bijna iedere zin.

Al Gore heeft ook geleerd van het succes van McCain – en van de bedreiging die Bill Bradley voor hem te leek te zijn. Net als Bradley en McCain pleit Gore er nu met overgave voor om de onbeperkte donaties aan politici te verbieden. En in afwachting van wetgeving daarover daagt hij Bush uit om gezamenlijk af te zien van dergelijke donaties, zogeheten soft money – net zoals McCain en Bradley met elkaar hadden afgesproken dat ze geen soft money zouden accepteren als zij de voorverkiezingen zouden winnen.

Maar hoe graag ze de aanhang van McCain ook voor zich willen winnen, Bush en Gore kunnen zijn politieke programma niet zomaar overnemen. Zeker Bush, die er maandenlang hard campagne tegen heeft gevoerd, kan niet opeens overstag gaan zonder een vreemd figuur te slaan. Hij zou geen indruk van standvastigheid wekken als hij opeens plannen overneemt waarvan hij steeds heeft gezegd dat ze rampzalig zijn voor zijn partij en voor het land.

En er is nog een andere moeilijkheid, die Bush en ook Gore hinderen in hun pogingen om de McCain kiezers voor zich te winnen. De enthousiaste menigtes die de senator uit Arizona op de been bracht juichten en klapten niet alleen, en niet in de eerste plaats, voor zijn politieke ideeën. Het ging velen meer om de man die McCain is, om het karakter dat ze hem toeschrijven, dan om zijn politieke ideeën. In ieder zaaltje waar McCain sprak, waren bijvoorbeeld Democraten te vinden die nooit hadden gedacht dat ze nog eens zouden stemmen op een politicus die tegen abortus is en tegen beperkingen op het vuurwapenbezit. Maar McCain gaf hen zoveel vertrouwen, dat ze zijn opvatting maar voor lief namen. Zo waren er ook steevast Republikeinen die niet overtuigd waren van zijn hervormingsplannen, maar wel van zijn intergriteit.

Hoeveel slogans en plannen Bush en Gore ook van McCain overnemen, zijn personage blijft onnavolgbaar. En niet alleen omdat McCain een nationale oorlogsheld is, terwijl Bush veilig diende in de National Guard en Gore niet meer dan vijf maanden in Vietnam was, als verslaggever van een legerkrant.

Door zijn levensgeschiedenis kan McCain woorden als ,,eer'' en ,,moed'' in de mond nemen zonder dat het belachelijk klinkt. Maar dat is niet het enige. McCain straalde ook een combinatie van zelfverzekerdheid en oprechtheid uit, waar Bush en Gore voorlopig alleen maar van kunnen dromen.

Nu hij zijn campagne heeft opgeschort maar nog geen steun heeft uitgesproken voor Bush, verkeert McCain in een sterke onderhandelingspositie. Als Bush zo graag zijn kiezers wil hebben, dan moet hij maar eens komen praten over de hervormingsplannen van McCain. Ook voordat een eventuele rol van McCain als kandidaat voor het vice-presidentschap aan de orde komt, zal eerst sprake moeten zijn van een inhoudelijke toenadering.

Steeds heeft McCain gezegd dat de onervaren Bush geen kans maakt om in november te winnen van Gore. Als McCain dat echt gelooft, dan moet hij zich ook een voorstelling hebben gemaakt van de ochtend van 8 november, als de Republikeinen hun kater verwerken. Als opnieuw een kandidaat van de partijtop het niet haalt, ligt het voor de hand wie de nieuwe leider zal zijn.

Juurd Eijsvoogel is correspondent in Washington voor NRC Handelsblad.