boek@week

Vincent Icke heeft in zijn artikel `boek@week' (W&O, 4 maart) de vele ergernissen en frustraties van het computergebruik in de afgelopen jaren op een voor velen zeer herkenbare wijze vastgelegd. Welk duiveltje achter Icke's rug heeft staan meelezen is niet duidelijk, in elk geval bevatte de volgens Gutenberg's techniek gedrukte pagina die ik in handen had een foutje. Over de hele pagina liep een witte streep waardoor de tekst in de vijf kolommen op een dusdanige wijze onderbroken, dat het betoog daar niet gevolgd kon worden. Had het een gedigitaliseerde tekst betroffen, dan was er een grote kans geweest dat ik door het wijzigen van het lettertype, de lettergrootte, de paginaindeling enzovoorts de gehele tekst wél had kunnen lezen. Waaruit maar weer blijkt dat geen enkele techniek heilig is. Dat voor veel mensen van nu een informatiedrager in veel gevallen een boek is, waarin we al bladerend snel iets kunnen vinden, heeft misschien meer te maken met de manier waarop we op school leerden met teksten en de dragers ervan om te gaan. Voor de generatie die nu geboren wordt zal dat vast anders zijn. Zij zullen leren dat teksten niet alleen lineaire, afgebakende eenheden op een drager zijn, maar dat het gaat om informatie-eenheden waarvan de omvang en vorm wordt bepaald door het aantal verbindingen die de `lezer' met andere informatie-eenheden maakt. Deze gedachte(n)trein werd `getriggerd' door de niet leesbare passages in het artikel van Icke. Maar misschien had hij dat allemaal van te voren bedacht en georganiseerd om er een extra dimensie aan te geven?