Zo blijven de doden levend

Regisseur Alize Zandwijk regisseert de `Oresteia' waarin Aischylos moord op moord stapelt. Haar uitgangspunt is de gewelddadige vorige eeuw.

Een smalle strook water loopt van voor naar achteren over de speelvloer. Een cirkel van blinkend zand ernaast. Bossen gebogen wilgenhout lijken door een stormwind geranseld te zijn en stenen liggen her en der verspreid. Er komt nog vuur te branden en gloeien. Op de honderd stoelen die aan de zijkant prijken, neemt straks slechts één personage plaats.

In dit antieke, mythische landschap speelt zich de klassieke tragedie Oresteia af van Aischylos, voor het eerst opgevoerd in 458 voor Christus. Dat ene personage vertegenwoordigt het koor. Dat is ongebruikelijk. Voor een koor heb je, traditioneel gezien, tal van spelers nodig. Zoiets schept afstand. En dat laatste wil regisseur Alize Zandwijk (1960) van het Rotterdamse gezelschap het Ro Theater juist niet. Ze bekijkt het decor, ontworpen door Marc Warning, en zegt: ,,Honderd stoelen, en dan één speler. Dat intrigeert. Ik wil dat de toeschouwers zich even goed met het koor identificeren als met de overige spelers. Legeraanvoerder Agamemnon die waanzinnig wordt, zijn vrouw Klytaimnestra die vecht tegen duivels in haar hoofd en Orestes, hun zoon, die uit wraak zijn moeder doodt nadat zij haar echtgenoot Agamemnon vermoordde.'

Zandwijk deinst niet terug voor het bloedige en onbarmhartige, de slachtende kracht van de Oresteia. Eerder regisseerde zij Macbeth en Othello van Shakespeare, evenmin stukken met een lieflijke glimlach. In haar Macbeth traden schooljongens en schoolmeisjes op, kinderen nog, die in hun branie, vechtlust en machtshonger tot het uiterste gingen, verder dan menig geschoolde acteur. Voor Zandwijk is `verwoestende ambitie' een prachtig dramatisch gegeven. Daarom ook deed ze Othello in een gewelddadige regie, waarin de spelers aan het slot op vanzelfsprekende manier wurgen en doden. Voor deze regie, samen met die van Vrijdag van Claus, kreeg ze in 1995 de Prosceniumprijs. Zij was toen, sinds 1991, verbonden aan het jeugdtheatergezelschap Stella uit Den Haag.

Ze heeft het onderscheid tussen theater voor de jeugd en voor volwassenen altijd `belachelijk' gevonden, `ontstaan uit een typisch voorbeeld van hokjesgeest'. In jonge acteurs vindt ze vaak de kracht en gedrevenheid die ze van toneel verwacht. De reusachtige kolos Jack Wouterse is een van haar geliefde spelers. Zoals hij vorig jaar de titelrol vertolkte in Keefman van Jan Arends was onvergetelijk; een aandoenlijke, opstandige man gehuld in armzalig ondergoed, opgesloten in een psychiatrische inrichting, roerend in een leeg koffiekopje en met een lege blik gericht in de verte. Ineens smeet hij dat kopje tegen de muur.

In de Oresteia vertolkt hij de rol van aanvoerder Agamemnon die zijn dochter Ifiginea offerde opdat de Grieken wind in de zeilen krijgen om Troje aan te kunnen vallen. Herman Gilis is een andere acteur met wie ze graag samenwerkt. Hij verbeeldt in zijn eentje het koor. Actrice Catherine ten Bruggencate weet hoe zij waanzin moet uiten. Zij is te zien in de rol van gemalin Klytaimnestra, moeder van Ifiginea. Omdat Agamemnon hun dochter vermoordde, wreekt zij zich op Agamemnon. De Oresteia is een bloedrode parelketting van moord en wedermoord, wraak en bloedwraak. Het is de enig bewaard gebleven trilogie uit de klassieke oudheid. Het drama dankt zijn zeggingskracht aan die nietsontziende aaneenschakeling van doodslag; als eerste Ifiginea, daarna Agamemnon. Nog houdt het niet op, ook Klytaimnestra valt als slachtoffer. En Orestes, gespeeld door Mark Rietman, komt de gekte gevaarlijk nabij.

Moedermoordenaar

,,Het is een godswonder', zegt Alize Zandwijk, ,,dat moedermoordenaar Orestes uiteindelijk, in het laatste deel, wordt vrijgesproken op voorspraak van de goede godin Athene.' Zandwijks gedachten zijn nog volop bij de repetitie van zojuist. Ze wil lang niet alles prijsgeven. De voorstelling mag haar geheimen behouden, nu nog, in de beslotenheid van het repeteren, oefenen, zoeken naar de juiste vorm. ,,In elk geval', vertelt ze ineens resoluut, ,,houd ik de acteurs voor dat de spanningsboog moet gaan van donker naar licht. Bij aanvang is het nacht en duister. Wouterse als Agamemnon komt op met handen rood gekleurd door het bloed van Ifiginea. De lotgevallen voltrekken zich snel en in een angstwekkende vaart. De afgelopen eeuw was misschien de gruwelijkste van alle voorafgaande eeuwen. Dat is mijn uitgangspunt voor de regie. Het was de eeuw van bloedvergieten zonder reden. In de film Apocalypse Now van Francis Coppola zie je dat schitterend uitgebeeld. Amerikaanse soldaten die in Vietnam doldraaien, in het wilde weg gaan schieten, een heel dorp moet plat, takketakketaktak. Er is de Balkanoorlog, de strijd in Tsjetsjenië. De Oresteia vertelt het verhaal over de doden. Dat is bijzonder in de klassieke tragedie. De dramatische gebeurtenissen gaan niet aldoor gelijk op met het verhaal, er zijn tal van terugblikken. In het eerste deel is Ifiginea al vermoord. Over de speelvloer danst een meisje rond als haar schim. Doden zijn nooit werkelijk dood, ze leven voort in de verhalen die de mensen elkaar over hen vertellen. In het tweede deel keert Agamemnon terug, al is hij gedood. Hij treedt op als de vriend van Orestes. Zo blijven de doden levend. Misschien brengt dat licht in de duisternis.'

Een heftige vorm, zonder terughoudendheid gespeeld, met vaart gebracht en niet zelden genadeloos in emotionele kracht: dat is het kenmerk van Zandwijks regies. Toen zij in 1998 aantrad als vaste regisseur van het Ro Theater gaf zij met Nachtasiel van Maksim Gorki haar visitekaartje. Zij regisseerde het stuk als een extreem felle uitdrukking van de uitzichtloosheid van het menselijk bestaan. Waarom maakte ze zo haar debuut? Ze antwoordde eertijds: ,,Ik zie niet in waarom ik rustig of zacht zou moeten beginnen. Ik vind het juist goed. Ik wil duidelijk zijn.'

Lengte

De Oresteia heeft de roep van legendarische lengte te zijn sinds Peter Stein in 1980 bij het Berlijnse gezelschap de Schaubühne am Halleschen Ufer van de Oresteia een marathon van ruim zeven uur maakte, exclusief een lunch en diner. Stein regisseerde geen verkorte, maar een verlengde versie. Omdat de Oresteia in fragmenten en brokstukken is overgeleverd, maken vertalers en classici er verschillende teksten van. Stein liet alle versies spelen, zodat we van sommige scènes er meer dan één en wel eens vier zagen, iedere keer uit een andere invalshoek. Alize Zandwijk zag de voorstelling van de Schaubühne op de video, maar kan die gemakkelijk `loslaten'. Haar bewerking, met de vertaling van Gerard Koolschijn als uitgangspunt, duurt drieëneenhalf uur. ,,Ik heb de voorstelling toegesneden op de oorlog en op de gedachte van de nog levende doden. Vroeger is nooit voorbij. Toch wil ik uiteindelijk dat de Oresteia in licht en vrede eindigt. Tegen de achterwand zijn kranen aangebracht, symbolen van reiniging en zuiverheid, evenals het water dat de speelvloer doorsnijdt. Ik heb alle mogelijke reinigingsrituelen uit verschillende culturen bestudeerd, niet alleen de Griekse, ook de Indiase. Die komen terug in de voorstelling. Ook het slaan door de vrouwen met takken tegen de muur, is een oud ritueel om rouw uit te drukken en verzet tegen de loop van de lotgevallen. Er is veel muziek, gecomponeerd door Wim Selles. Hij liet zich inspireren door muziek van de Balkan en uit India. Ook Bach doet mee, een koraal van hem gebracht door zes saxofonisten.

,,Die weg van donker naar licht wordt verantwoord door de titel van het laatste deel, `Goede Geesten'. Orestes moet voor de rechtbank verschijnen om zich te rechtvaardigen voor de moord op zijn moeder. Hij krijgt bescherming van Athene en wordt vrijgesproken. Eindelijk komt aan die keten van bloedwraak een einde. Het motto dat voor mij de leidraad is geweest, luidt: `Wanneer is het voorbij,/ wanneer komt toch het eind/ waar vernietigingsdrift is bedaard?' Ik wilde de Oresteia al heel lang graag doen, juist om het slotbeeld van geluk, inzicht en verlichting te tonen. De tegenspoed die eindelijk voorbij is. Ik zie de `Goede Geesten' als een mooie theatrale mogelijkheid om de verschrikkingen die elkaar onafwendbaar lijken op te volgen tot stilstand te dwingen. De oorspronkelijke wraakgodinnen worden beschermgodinnen. Zij spreken zich uit om Orestes van zijn wandaad te bevrijden, en daardoor brengen zij gerechtigheid in plaats van nog meer bloedvergieten.'

Bij Peter Stein werd het koor in het begin gevormd door in het zwart geklede vrouwen die opkwamen uit het publiek. Aan het slot heren in donker maatkostuum. ,,Bij mij', zegt Zandwijk, ,,wordt de rol van het koor vertegenwoordigd door het volk. Op het eind beslist het volk dat er vrede moet komen. Het is mijn overtuiging dat de nachtmerrie van oorlog en geweld waarin de mensen leven niet alsmaar moet doorgaan. Er moet licht gloren. In deze voorstelling zal dit het langzaam opgloeiende vuur zijn. Zo begint de Oresteia ook, met een vuursignaal dat op de bergen verschijnt. Een wachter zit op het dak. En een houtvuur, aangestoken door andere wachters, verspringt van bergtop naar bergtop en kondigt de val van Troje aan. Dat betekent dat Ifiginea niet vergeefs is geofferd. Maar het impliceert ook Agamemnons ondergang, die van Klytaimnestra, en Orestes' wandaad. Zo grijpen goed en kwaad ineen.'

Bij Toneelgroep De Appel vormde een rode lap, die tijdens de voorstelling met steeds langere stukken aan elkaar werd genaaid, het zinnebeeld voor al het zinloos vergoten bloed. Bij Alize Zandwijk is water de heersende kracht. Ze vindt het prachtig hoe Aischylos de Oresteia opbouwt: ,,In de allereerste monoloog, die van de wachter liggend op het dak `als een hond in een hoek', staat de onvergetelijke mededeling: `Een mens raakt op drift/ door de schandelijk wikkende, ellendige/ waanzin waarmee al het lijden begint.' En aan het slot eindigen we met de toespraak van de goede godin, Athene, en zij zegt: `Want als een tuinier die zijn planten verzorgt,/ zo houd ik van deze rechtvaardige mensen, een volk/ gespaard voor verdriet.' Wraakzucht en moordlust: eindelijk is het allemaal voorbij. De zuivering en loutering van Orestes vormen het begin voor een nieuwe mensheid, gevrijwaard van rampspoed. De vloek op het huis Atreus, waartoe Agammenon, Klytaimnestra en Orestes behoren, is weggewist.'

Oresteia van Aischylos door het Ro Theater. Regie: Alize Zandwijk; vertaling: Gerard Koolschijn. Te zien in de Rotterdamse Schouwburg van 15 maart tot 1 april. Première: 18 maart. Res.: 010-4118110.

Eén familie, acht tragedies. vert. Gerard Koolschijn. Uitg. Athenaeum-Polak & Van Gennep.