Wat is Pokémon?

Pokémon is de nieuwste rage onder schoolkinderen. Pokémon betekent broekzak monster: pocket monster. Pokémon (enkelvoud en meervoud) zijn getekende fantasiebeestjes, in totaal 150. In de Pokémon-wereld, die bestaat in computerspelletjes, in tv-tekenfilms en op ruilkaarten, leven deze goedaardige monstertjes in het wild. Kinderen moeten ze vangen, temmen en trainen. Zo kunnen ze `de beste Pokémontrainer van de wereld worden'. Je kunt meten hoe goed je bent als Pokémontrainer, door de door jouw getrainde broekzakmonstertjes te laten strijden met de Pokémon van een jeugdige tegenstander, die in het computerspel of tekenfilm aanwezig is. In het kaartspel kan je die strijd tussen Pokémon naspelen: iedere Pokémon, mits goed getraind, heeft een bepaalde slagkracht (punten). Er is wel strijd, maar geen geweld in de wereld van de Pokémon: uitgeschakelde monstertjes raken alleen even bewusteloos. Er vloeit geen bloed, doden vallen er niet. De bekendste Pokémon is Pikachu, een gele knuffelmuis die elektrische bliksemschichten kan uitzenden om zijn tegenstander aan te vallen. Zo zijn er ook vuur-Pokémon, water-Pokémon, gras-Pokémon, etc. Soms bezitten ze magische kracht, zoals telekinese. Goed getrainde broekzakmonstertjes ontwikkelen zich ook: ze evolueren. Ze worden groter, sterker en iets anders van vorm. Kinderen die het Pokémon-computerspel hebben, kunnen met een speciaal kabeltje Pokémon van de ene naar de andere computer laten lopen: ze kunnen computermonsters ruilen.

Pokémon is in 1994 bedacht door het Japanse bedrijf Nintendo, dat de Game Boy-zakspelcomputers maakt. Door de tv-tekenfilms over Pokémon en de jeugdigde trainer Ash Ketchum, werden de computermonstertjes over vrijwel de hele wereld een rage. Kinderen vanaf een jaar of zes, zeven zijn gevoelig voor de Pokémon-kreet: Gotta Catch 'Em All - Vang ze allemaal, al die 150 Pokémon. De namen van Pokémon leren kinderen via de liedjes bij de tv-serie. Op 20 april komt de eerste Pokémon bioscoopfilm in ons land.