Spanje schrikt van multicultuur

Een artikel van Paul Scheffer heeft een discussie op gang gebracht over `het multiculturele drama' in Nederland. Hoe verloopt de integratie van immigranten in het buitenland? Spanje kampt nog met kater na Franco, maar heeft de `Moren' nodig.

Met grote ogen staat Omar op en neer te springen op het ritme van het trommeltje dat met een opzwepend ritme de eindsprint van het muzieknummer aankondigt. Naast hem danst een Spaanse jongen. De zaal raakt door het dolle heen en de ordedienst moet haastig een stoel weggrissen die boven de hoofden wordt getild. ,,Nass El Ghiwán, Nass El Ghiwán'', scandeert het publiek. De muziekgroep Nass El Ghiwán, de Rolling Stones van Marokko, verovert Madrid. ,,Muziek verbroedert'', had de presentator van het muziekcafé gezegd. Zo was het maar net: Marokkanen en Spanjaarden deinen gemeenschappelijk mee op het ritme uit Casablanca.

Was dit nu de integratie van immigranten waar de laatste weken zo veel over wordt gesproken en het zelfs tot één van de onderwerpen wist te brengen in de campagne voor de landelijke verkiezingen van komende zondag? De Spaanse Arantza, die hier met haar Marokkaanse vrienden is, vermoedt dat die integratie niet verder gaat dan de deur van het muziekcafé. Vanochtend in de metro hoorde ze een keurig net geklede man het nog hardop tegen zijn medepassagiers zeggen: ,,Het heeft ons zeven eeuwen gekost om de Moren er uit te gooien. En het zal nog eens zeven eeuwen duren om ze definitief buiten de deur te houden.''

Voor het weldenkende deel der natie is integratie het sleutelwoord. De vraag is alleen hoe. Taal wordt in Spanje nog als het minste probleem beschouwd: de meeste Marokkanen komen uit de Rif en spreken bij aankomst reeds een woordje Spaans en de immigranten uit Zuid-Amerika beheersen de taal volledig. De oplossingen worden eerder gezocht in gelijke rechten (en plichten) en sociale integratie, zo schreef onlangs de antropoloog en migratiedeskundige Carlos Giménez in het dagblad El País. Hoewel nog weinig concreet, bepleit Giménez onder meer het voorkomen van getto's en het opnemen van de nieuwkomers in huizen, scholen en de gezondheidszorg. Maar een betere civiele opvoeding van de Spanjaarden zelf is eveneens onontbeerlijk, meent de antropoloog. ,,Onze mentaliteit stamt van voor het op gang komen van de immigratie'', aldus Giménez. ,,en de gastvrijheid en belangstelling voor het afwijkende heeft zich nog steeds geen plaats verworven in onze democratische waarden en attitudes.''

De rellen vorige maand in het zuidelijke tuinbouwstadje El Ejido hebben Spanje geconfronteerd met een probleem waar het rijke noorden al langer mee kampte. Een geweldsdronken meute Spanjaarden in een klein Andalusisch stadje die Marokkaanse winkels kort en klein sloeg, Marokkanen te lijf ging en hun zelfgebouwde hutten in brand stak. Een burgemeester die immigrantenorganisaties de schuld van alles gaf en handtekeningen verzamelde tegen de bouw van voorlopige noodketen van het Rode Kruis.

Immigratie is een relatief nieuw verschijnsel in Spanje, een land dat nog geen twee generaties geleden zelf een belangrijke exporteur van goedkope arbeidskrachten was. Met een kleine achthonderdduizend legale immigranten op een bevolking van krap veertig miljoen bevindt Spanje zich in de staart van de Europese landen. Maar de instroom kent de laatste jaren een sterke groei van illegale immigranten die niet meer vertrekken, maar in de bouw of de kassen werk zoeken.

De rellen in El Ejido maakten duidelijk dat politici van links en rechts de illegale toestroom al jaren op zijn beloop laten waar goedkope arbeidskrachten nodig zijn. En zij bewezen dat bij menig Spanjaard de weerzin tegen de ,,Moren'' dicht onder de oppervlakte sluimert. Velen verwijzen in dit verband beschaamd naar de nationaal-katholieke opvoeding waar verschillende generaties gedurende het Franco-regime aan zijn blootgesteld. Moren, joden en later het indianenvolk in Zuid-Amerika: Spanje bracht hun de beschaving bij die zij van nature zo node misten. ,,Geen enkele andere natie in Europa civiliseerde de barbaren sneller en grondiger dan Spanje'', aldus een leerboek uit de Franco periode. Geen wonder dat iedereen in Spanje wilde wonen.

Dat laat zijn sporen na bij de huidige generaties. Recent onderzoek op middelbare scholen toont aan dat een aanzienlijk deel van de jeugd weinig van integratie moet hebben. Op de vraag wie er wat hen betreft het land uitgezet konden worden, scoorden de zigeuners het hoogst met 27 procent, op de voet gevolgd door de `Moren' (24 procent). Joden, Aziaten, zwarten en indianen (Zuid-Amerika) behaalden rond de 14 procent. De gedachte aan een gemengd huwelijk wekte aanzienlijk meer weerzin: meer dan de helft zag niets in een zigeuner of Marokkaan als huwelijkskandidaat.

De internationale arbeidsorganisatie in Genève meldt deze week in een rapport dat gemiddeld 36 procent van de legaal in Spanje verbijvende buitenlanders op grond van hun afkomst een baan werd geweigerd. Daarmee steekt Spanje ongunstig af tegenover Duitsland (twintig procent), maar opmerkelijk genoeg iets gunstiger vergeleken met Nederland (40 procent). Naar mate het werk meer scholing vereist, zoals banen in de industrie of de hotelsector, liggen de percentages hoger dan bijvoorbeeld in de bouw, of de agrarische sector. Geen wonder, reageerde Abdelhamid Beyuki van de organisatie van Marokkaanse arbeiders in Spanje. ,,Er was geen enkele discriminatie in de plastic kassen van El Ejido vanwege de simpele reden dat er voor dit werk geen Spanjaarden te vinden zijn.''

Dat laatste besef is inmiddels ook op politiek niveau doorgedrongen. Maar dat komt ook door de nieuwe, ruimere Vreemdelingenwet die sinds vorige maand in Spanje van kracht is. De nieuwe wet is er vooral op gericht om de rechtspositie van immigranten, al dan niet illegaal, te verbeteren. Achterliggende gedachte is dat Spanje met zijn teruglopende bevolking in de toekomst de buitenlandse arbeidskrachten meer dan nodig heeft, wat de immigratie tot een blijvend verschijnsel maakt. Meest controversieel is een clausule die de legalisering regelt van illegale immigranten die kunnen aantonen dat zij meer dan twee jaar in Spanje zijn en in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Gevreesd wordt dat deze regel een stimulans zal zijn om de illegale oversteek te wagen.

De Partido Popular heeft al aangekondigd dat ze bij het winnen van de verkiezingen de nieuwe Vreemdelingenwet alsnog zal herzien. De socialistische oppositie spreekt vaagjes over ,,het ontwikkelen'' van de nieuwe wet, maar heeft het onderwerp niet opgenomen in het stembusakkoord dat met de linkse combinatie Izquierda Unida is overeengekomen. El Ejido heeft het denken over immigratie in Spanje in een hogere versnelling gebracht, maar het grote debat moet nog beginnen.

DOSSIER: www.nrc.nl